Opinie Europese defensie

Zonder Europees leger belanden we op het bord van Poetin

Als de EU zich niet ­adequaat verdedigt, wordt ze genadeloos uiteen ­gespeeld en onderworpen, betoogt Joshua Livestro.

Het Korps Mariniers voert een oefenlanding uit op het strand van Vlissingen. Beeld ANP

‘Geen denken aan’, zo ongeveer luidde de reactie van het Nederlandse politieke establishment op de gezamenlijke Frans-Duitse oproep tot vorming van een Europees leger. Diep in hun hart weten ze wel dat een Amerikaanse draai weg van Europa onafwendbaar is. Met een steeds agressiever opererend China en een over kernwapens beschikkend Noord-Korea is Amerika gedwongen de pretentie van een wereldwijde strategie op te geven. Beschikbare Amerikaanse aandacht en middelen zullen steeds meer worden geconcentreerd op de strijd om de macht in de Stille Oceaan. Deze draai naar Azië werd al onder Obama gemaakt. Trump heeft die op geheel eigen wijze voortgezet, daarbij nauwelijks verhullend dat hij de Navo maar een achterhaald idee vindt. De presidenten na Trump zullen hooguit op retorisch niveau de band met Europa willen herstellen. In de praktijk zullen ze de koers van Obama en Trump voortzetten. Toenemende verzwakking van het Navo-samenwerkingsverband is onvermijdelijk. Wie anders denkt, houdt zichzelf voor de gek.

Anders dan de Haagse Navo-nostalgici is politiek filosoof Hans Kribbe wel degelijk bereid deze onvermijdelijkheid te accepteren. Hij merkt terecht op dat in de wereld van grote machtsblokken geopolitieke rivaliteit een gegeven is. De uiterste consequentie van die rivaliteit is dat ‘zonder leger en het allerbeste wapentuig (...) overrompeling in de jungle van de internationale politiek wacht’. Een gezonde defensie lijkt dus een vereiste. Het blok dat in deze nieuwe geopolitieke werkelijkheid niet bereid of in staat is zichzelf op adequate wijze te verdedigen, zal daarbij genadeloos uiteen worden gespeeld om vervolgens stukje bij beetje te worden onderworpen. Om het op zijn Amerikaans te zeggen: ‘You’re either at the table or on the menu’ – als je niet aan de hoofdtafel zit, beland je vanzelf op het menu. De EU-lidstaten hebben een gezamenlijke defensie dus hard nodig om te voorkomen dat men op het bord van de grote mogendheden belandt.

Versterkte samenwerking

Er valt ook in praktische zin veel te winnen met versterkte samenwerking. Anders dan Trump het doet voorkomen, zijn het niet Amerikaanse defensie-uitgaven die ons momenteel veilig houden. De EU27 geven collectief ongeveer net zoveel uit aan defensie als China en Rusland samen, bij benadering 200 miljard euro per jaar. Het probleem is dat dit gigantische bedrag extreem inefficiënt wordt besteed. Er is niet een begin van geografische specialisatie – de meeste lidstaten hebben nog steeds hun eigen landmacht, marine en luchtmacht. Elk land heeft ook zijn eigen enorme defensiebureaucratie, en regelt zijn eigen inkoop van materieel. Research naar nieuwe wapensystemen? Idem dito. Versterkte samenwerking op al deze gebieden zou de Europese defensie als blok nadrukkelijk effectiever en dus weerbaarder maken. Dat proces kan worden versneld door de ontwikkeling van een gezamenlijke Europese defensiedoctrine.

In dat opzicht is het pleidooi van Merkel en Macron dus volkomen begrijpelijk. Toch noemt Kribbe het een vergissing, een gevaarlijke zelfs. Hij vreest namelijk dat een surplus aan ambitie het populisme in de kaart zou spelen. Daarmee zou zelfs het voortbestaan van de Unie in gevaar worden gebracht. Populisten als Nigel Farage, Derk Jan Eppink en Jan Roos citerend waarschuwt hij dat door nu te hoog in te zetten, de Europese samenwerking zelf weleens op het spel zou kunnen komen te staan. De Europese verkiezingen zouden uitdraaien op een referendum over de Unie zelf, en al te ambitieuze voorstellen zouden daarbij ‘kanonnenvoer’ vormen voor het nee-kamp.

Het lijkt me te veel eer voor de populisten. Niemand bepleit dat de EU in haar geheel Macrons confrontatiestrategie ten opzichte van anti-EU populisten moet overnemen. Het gaat hooguit de inzet vormen van het samenwerkingsverband dat hij onlangs heeft gevormd met Ruttes liberale ALDE-groep. Vooralsnog lijkt er bij andere Europese lijsten weinig animo te bestaan voor zijn aanpak.

Geen meerderheid

Maar zelfs als alle andere deelnemende partijgroepen de strategie zouden overnemen en de Spitzenkandidaten-debatten er volledig door worden beheerst, zou van een mogelijk verlies nog geen sprake zijn. Alle anti-EU populisten samen halen nauwelijks 15 procent van de stemmen. En hoewel media dat soms voor een meerderheid aanzien, is het in werkelijkheid toch een boel minder dan de 85 procent van de verschillende EU-gezinde lijsten.

Zo gevaarlijk is een pleidooi voor een Europees leger dus niet. Met openlijk pleiten voor een gezond Europees patriottisme is bovendien niets mis. Het geeft eindelijk een stem aan de stille meerderheid van EU-gezinde kiezers, die tot nu toe lijdzaam hebben moeten toezien hoe elke opvatting behalve de hunne in het politieke debat een platform krijgt – zelfs het extreme Nexit-pleidooi van Eppink en co. In de context van een debat over de toekomst van defensie is Macrons pleidooi voor Europees patriottisme zelfs een uiting van realisme. Ieder voor zich gaan we het namelijk niet langer redden, dan belanden we vrijwel zeker op het bord van Poetin. Dat lijkt me nou pas echt een gevaarlijk idee.

Joshua Livestro is hoofdredacteur van Jalta.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.