Column

Zo zing je zwoele zomeravonden naar een hoogtepunt, en zo dien je als muzikale vogelverschrikker

Om de hangjongeren uit de metrostations weg te jagen, klinkt uit de speakers de salsamuziek van Ibrahim Ferrer, een muzieklegende die bij Sander Donkers zoete herinneringen oproept.

Sander Donkers. Beeld  Berto Martinez
Sander Donkers.Beeld Berto Martinez

Het was belachelijk koud, belachelijk nat en belachelijk vroeg toen ik afdaalde in het metrostation, waar een eenzame GVB'er in een blauwe hesje op zijn handen stond te blazen. Ik sliep nog half, dus het duurde even voor het tot me doordrong dat uit de speakers, die normaal de komst van de metro's aankondigen, nu prachtige muziek kwam dwarrelen. Salsa, van het pensioengerechtigde soort. Een luie aai over de conga's, een contrabas die aan drie noten genoeg had, zo'n weemoedig, snipverkouden trompetje. Cubanen, gokte ik. Niet alleen gaf het de burger moed, het kwam me ook heel bekend voor.

Zoete herinneringen

Opgekikkerd stapte ik op het hesje af om te vragen waar we het aan verdiend hadden, dit onverwachte geschenk. Maar de man, een pipse vijftiger met een verfrommeld hoofd, bleek er heel anders tegenaan te kijken. Negatiever vooral. 'Die kolereherrie?', zuchtte hij vermoeid. 'Dat is een experiment. Tegen de junks enzo. Die schijnen het ervan op hun heupen te krijgen'.

Hier ongeveer stopte ik met luisteren, want er had zich een stem bij de muziek gevoegd die een stortvloed aan zoete herinneringen op gang bracht. Ibrahim Ferrer! Twintig jaar geleden was hij een van de knuffelbaarste kopstukken van de Buena Vista Social Club, een hoogbejaard collectief dat met zijn debuut een wereldwijde Cuba-hype had ontketend. In die tijd was ik, voor een tv-programma, bij hem op bezoek geweest in Havana. Er was een orkaan in aantocht en de kersverse Grammy-winnaar had niet genoeg emmers om de regen op te vangen die overal door het dak stroomde, maar wat gaf het, want er was familie en muziek en rum en alegria en bij het afscheid waren we heel even de allerbeste vrienden ooit.

Muzikale vogelverschrikker

Nu ketste zijn lieflijke tenor hier tegen het beton. 'O Marieta', jubelde Ibrahim. 'Ik zou graag willen dat je danste. Toe dan, Marieta'tje, het ritme is zo smakelijk.' Of woorden van die strekking. In het Spaans klonken ze beter.

De GVB'er mopperde intussen voort. 'Op het Centraal Station gebruiken ze muziek van de Efteling, wij krijgen dit. Het werkt, dat moet ik toegeven. Die junks kijken wel uit. Maar je bent er lekker mee, hoor. De godganse dag dat gejengel aan je kop.'

Nee, het was niet het moment om eens uitgebreid te vertellen over dat dierbare tropische uitje dat ik ooit mocht maken, welbeschouwd van zijn belastingcenten. Dus bedankte ik voor de informatie en liep naar het perron, peinzend over de wreedheid van dit alles. Zo zing je zwoele zomeravonden naar een hoogtepunt, zo blaas je met je ballades uitgebluste liefdes nieuw leven in, en zo dien je als muzikale vogelverschrikker, om zeven uur 's ochtends, op de Amsterdamse Nieuwmarkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden