Verslaggeverscolumnin Amsterdam

Zo ziet fijnstof op je ontbijtbord eruit. Eet smakelijk

Het klinkt heel smerig. Toch ga ik maar. Naar het openbare ‘roetontbijt’, donderdagochtend in de hal van het stadhuis van Amsterdam. Op een lange, met maagdelijk witte lakens gedekte tafel worden koffie, croissants en blokjes oude kaas geserveerd. Maar daar gaat het niet om. Alles draait om het SerVies. En om de vraag: wie durft van de borden te eten en uit de bekers te drinken?

Waarom niet. Ze zien er immers brandschoon uit in hun glanzende vel. Totdat de Rotterdamse ontwerper Annemarie Piscaer de onsmakelijke naam van haar creatie toelicht. In het glazuur van de borden en bekers is fijnstof verwerkt. Deze stofdeeltjes zijn in het duister van een nacht in september door 450 modestudenten en bewoners van een van de smerigste straten van de hoofdstad geoogst. Met een plastic kaartje schraapten zij de zwarte, minuscule stofdeeltjes van bruggen en tunnels. Handschoenen en gele hesjes aan, mondkapjes op. Na een paar uur was 2 kilo fijnstof bijeen geschraapt. Met dank aan de uitstoot van auto’s, vrachtwagens, scooters, houtkachels, industrie, koeien en wat en wie al niet meer.

Het SerVies.

Al die troep is terug te zien in de kleurstelling van het SerVies. De verschillende tinten symboliseren de oplopende inname van fijnstof in een mensenleven. In de lichtgele bordjes en bekers is 1 gram verwerkt: de hoeveelheid die een gemiddelde stadsbewoner in tien jaar inademt. Die gram ligt ter demonstratie in een reageerbuisje op tafel. Het oogt als de as van een sigaret. Qua volume is het vergelijkbaar met een vingerkootje van een niet al te fragiele volwassene. De donkerste, poepbruine borden en bekers zitten vol ingeademde fijnstof van een 85-jarige stedeling. ‘Als hij die leeftijd haalt,’ zegt de ontwerper monter. Volgens Milieudefensie leven stedelingen gemiddeld 1,5 jaar korter als gevolg van de luchtverontreiniging.

De bijzonder coalitie van ontwerpers, modestudenten en bewoners willen met het SerVies de luchtverontreiniging verbeelden die we met zijn allen dagelijks veroorzaken en inademen. Want van kleur verschietende borden en bekers zeggen meer dan cijfers en staafdiagrammen, zegt Manu Hartsuyker. Zij is de bedenker van het openbare roetontbijt. De Amsterdamse woont aan de Valkenburgerstraat in hartje Amsterdam, waar een van de hoogste concentraties fijnstof wordt gemeten. Vijf jaar geleden viel het haar op dat de verkeersdrukte langs haar raam ‘enorm toenam’. Dat merkte ze niet alleen aan het lawaai maar ook aan haar luchtwegen. De economie trok na jaren van recessie weer aan en het opkomende leger pakketbezorgers scheurde heen en weer. Ook zag ze meer vrachtwagens voorbij razen. Manu kreeg last van chronische hoest.

Manu met oogst IJtunnel.

Zo worden nieuwe milieuactivisten geboren. Ze liet een meter plaatsen om de ontwikkeling van de luchtkwaliteit in haar straat te volgen en verdiepte zich in de fijnstofmaterie. Al snel merkte ze dat het jargon en de cijfers die ze zich eigen maakte, weinig indruk maakten op haar omgeving. Te abstract. En zo kwam ze op het idee een coalitie te smeden om de ernst van de vervuiling op een concrete manier zichtbaar te maken. Rond de roetontbijttafel lopen ook twee jonge in gele hesjes gehulde studenten, rubberen handschoenen aan en mondkapjes onder hun kin. Een dappere outfit voor de modestudenten die Zoï en Anissa blijken te zijn. Met zo’n 450 medestudenten aan de Hogeschool van Amsterdam deden zij in de septembernacht mee aan het bijeen schrapen van fijnstof. Niet geheel vrijwillig, want het hoorde bij een lesprogramma over duurzaamheid.

Dat programma hakte er in bij veel studenten, vertelt Anissa. De glitter en glamour van de modewereld die hen naar deze opleiding had gedreven, kreeg een bittere bijsmaak nadat docenten hen de film The True Cost voorschotelden, over na nadelige impact van de kledingindustrie in arme landen op milieu en werknemers. ‘Sommige studenten hielden het niet droog.’

Modestudenten en ‘schrapers’ Zoï en Anissa.Beeld RV

Het oogsten van fijnstof haalde de milieuproblematiek dichtbij, zegt Zoï. Ze schrok van de hoeveelheid fijnstof die ze in korte tijd bij elkaar veegde. ‘Het zit overal maar je ziet het bijna niet.’ De actie heeft de vriendinnen milieubewuster gemaakt. Ze zijn kritischer geworden op ‘fast fashion’ en kijken nu met weerzin naar opschriften als ‘Shop never stop’ in winkelstraten. Hoe moet het nu verder met hun loopbaan in de mode, vraag ik. Die gaan ze van binnenuit veranderen. Niet zelf mode maken, maar via marketing consumenten bewust maken.

De pakweg vijftig Amsterdammers die op het roetontbijt zijn afgekomen, eten de croissants liever uit de hand en laten het roetbord onaangeroerd. De koffie drinken zij uit de bekers uit de automaat. En zelf besluit ik toch thuis te ontbijten. Met de ramen dicht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden