essay klimaatcrisis

Zo pareer je als klimaatactivist het verwijt dat je hypocriet bent

Beeld Nathalie Lees

Een klimaatactivist die vliegt zal al snel worden weggehoond. Maar zulke verwijten zijn niet nuttig, betoogt schrijver Emy Koopman. Niemands gedrag is consequent, maar voor iedereen is de klimaatcrisis een gevaar.

Klimaatsceptici vierden even feest vorige maand, toen Der Spiegel berichtte dat de zeilreis van de 16-jarige Zweedse activiste Greta Thunberg naar de VN-top in New York niet zo klimaatneutraal was als gepland. Vier trans-Atlantische vluchten bleken nodig voor de crew van het zeiljacht. Nederlandse media namen het nieuws gretig over en de volwassen mannen op Twitter die de idealistische tiener onderuit proberen te halen hadden eindelijk even een ander thema dan haar autisme.

Het hypocrisieverwijt dat Thunberg voor de voeten geworpen kreeg, is een constante in het klimaatdebat, denk aan de vileine reportage van De Telegraaf over het fastfoodketenbezoek van klimaatspijbelende tieners of Ruttes grapje over de BMW van GroenLinks-leider Jesse Klaver (dat bleek een Volvo). Zulke verwijten hebben vaak iets kinderachtigs, maar ook een pijnlijke kern; natuurlijk willen we dat mensen staan voor waar ze in geloven. Maar hoe terecht en zinvol zijn deze verwijten als het om klimaatverandering gaat?

Een voor de hand liggende vergelijking: klimaatactivisten en vegetariërs (deels overlappende groepen). Elke vegetariër is bekend met het hypocrisieverwijt. Zelf besloot ik op mijn 10de geen vlees meer te eten, en ik werd meteen onderworpen aan een consistentietest: mijn moeder eiste dat ik wel vis bleef eten (‘vissen hebben toch geen hersenen’). Ik gaf toe, want het ging me meer om de bio-industrie dan om dierenleed in het algemeen, en vis eten was wel zo makkelijk. Door de jaren heen verschoven mijn principes naar aanleiding van gesprekken – inmiddels eet ik ook scharrelgevogelte en is het me vooral te doen om de milieu-impact. Maar ja, ik vlieg wel. Ik verweer me tegen hypocrisieverwijten door te roepen: ik ben geen idealist, ik ben pragmatisch, ik probeer alleen de schade die ik aanricht te beperken! Dat stelt de meeste mensen gerust. Als ik een veganist ontmoet, schaam ik me. En hoop ik stiekem dat hij wel melkchocolade eet.

De principiële keuzen van anderen zijn moeilijk te verdragen, omdat we weten dat ze beter bezig zijn dan wij. Dat maakt ons automatisch slechter. Je weet dat die ander iets doet wat jij eigenlijk ook zou moeten doen, maar dat je daarvoor iets zou moeten opgeven wat je niet wilt opgeven. Je zoekt uitvluchten om niets te veranderen, van de redenering dat individueel gedrag toch niet uitmaakt tot de inconsequenties van de zogenaamde idealist zelf, maar uiteindelijk komt het neer op je eigen gemakzucht. De meeste ‘waarom-ben-je-vegetariër?’-gesprekken eindigen met de andere partij die zegt ‘ja, maar ik vind vlees gewoon lekker’. Ik vind melkvervangers niet lekker.

Dit mechanisme verklaart de afkeer van klimaatactivisten en de logica achter de neiging hen onderuit te halen. Alleen: er is een wezenlijk verschil tussen strijden tegen de bio-industrie en strijden tegen klimaatverandering. De bio-industrie is vreselijk voor de dieren, klimaatverandering is vreselijk voor de mensheid. Oftewel: voor u, uw vrienden en familie – iedereen die nog een paar decennia hoopt te leven. De wetenschap is duidelijk: het IPCC gaat uit van 3,2 graden opwarming voor het eind van deze eeuw, en dat is alleen als we ons aan alle toezeggingen van het Parijsakkoord houden. 2 graden is al rampzalig. Voor 2040 voorspelt het IPCC een opwarming van 1,5 graden, en dat is een hoopvolle, bemoedigende voorspelling. Elke dag waarin we onze huidige levensstijl voortzetten zal leiden tot verdere opwarming, extremer weer, een hogere zeespiegel, onleefbare gebieden, oorlogen en vluchtelingenstromen. Met zulke consequenties is streven naar een klimaatneutraal leven niet meer te zien als iets voor idealisten waar je je niet te veel van hoeft aan te trekken omdat vliegen nu eenmaal leuk is. Het gaat hier om zelfbehoud, van ons allemaal. Gemakzucht is hier niet een houding die we ons kunnen veroorloven.

In een interview met The Guardian naar aanleiding van haar nieuwste boek, On Fire: The (Burning) Case for a Green New Deal, stelt activist en schrijver Naomi Klein dat we niet te veel nadruk moeten leggen op persoonlijke consumptiekeuzen, want die zullen geen noemenswaardige invloed hebben. Als individu kun je niets doen, zegt Klein, het hele neoliberale systeem moet om, zo snel mogelijk. Die macht ligt bij politici.

Klein heeft een punt: met alleen wat meer afvalscheiding en treinvakanties gaat de mensheid dit gevecht niet winnen. Om ‘duurzaamheid’ te veranderen van een lifestyledingetje voor bevoorrechten in iets vanzelfsprekends dat ook daadwerkelijk zoden aan de dijk zet, zijn drastische maatregelen van bovenaf nodig, zoals het stoppen van subsidies voor producenten van fossiele brandstoffen en het creëren van voldoende ‘schone’ banen.

Maar als we te veel nadruk leggen op wat politici en bedrijven – die anderen – moeten doen, zonder naar onszelf te kijken, maken we het onszelf te gemakkelijk. Het is én én. Een systeemverandering is ook een verandering voor ieder individu. En deze systeemverandering betekent: eenvoudiger leven. Wil zo’n verandering niet dictatoriaal worden, dan heeft die steun en aanzwengeling van onderop nodig. We moeten niet alleen zeggen dat we dit urgent vinden, maar het ook laten zien in onze daden. Zo veranderen we wat acceptabel wordt gevonden, verschuiven we de moraal. De kunst is om daarbij niet te vervallen in de giftige dynamiek van ofwel moreel ver-plassen (‘mijn kind draagt alleen gerecycled plastic’, ‘ik heb geen kind, voor het klimaat’) ofwel de ander die iets goeds doet onderuithalen. Daarvoor moet de klimaatcrisis het verhaal worden van een gezamenlijk probleem, waarbij niemand vrijuit gaat en niemand perfect is.

Zo’n verhaal vertelt journalist David Wallace-Wells in The Uninhabitable Earth. ‘A crime is something someone else commits’, een misdaad is iets dat iemand anders pleegt, citeert hij John Steinbeck. Oftewel: probeer het maar niet af te schuiven op de grotere criminelen, nu we weten hoe schadelijk CO2-uitstoot is zijn we allemaal medeplichtig geworden. Dat is geen reden voor depressie, het zou juist optimistisch moeten stemmen, vindt Wallace-Wells. We hebben de klimaatcrisis zelf veroorzaakt door onze levensstijl; door die te wijzigen nemen we alsnog verantwoordelijkheid. Met deze benadering gaan we de schaamte en verwijten voorbij: onze gedeelde schuld maakt ons makkers in dezelfde strijd. Alles wat we vanaf nu kunnen doen (of juist laten), van minder nieuwe spullen tot ons vastketenen aan een kolencentrale, is een verbetering, een verlichting van die collectieve schuld.

Beeld Nathalie Lees

Ik las Wallace-Wells’ boek afgelopen zomer, op weg naar Fort McMurray, Alberta, het hart van de Canadese olie-industrie. Op een veel te grote hotelkamer liet ik het indalen: ik ben medeplichtig, maar we zijn allemaal medeplichtig; ik ben niet machteloos, we zijn niet machteloos. Ik werd kalmer, kreeg weer moed voor de toekomst.

In Fort McMurray tref je weinig Greta Thunberg-fans. In dit gebied wordt op een extreem vervuilende manier ruwe olie gewonnen. Als de wind verkeerd staat, ruik je een teergeur waar de inwoners zelf misselijk van worden, maar de meesten zullen de olie-industrie verdedigen. Voor hun levensonderhoud zijn ze er immers direct of indirect van afhankelijk. Een buitenstaander die kritiek levert, zoals Leonardo diCaprio heeft gedaan, kan het hypocrisieverwijt terugverwachten – in diCaprio’s geval wel erg gemakkelijk; hij kwam met een privéjet binnenvliegen.

Ik sprak de helikopterpiloot die diCaprio over het industriegebied had rondgevlogen. Hij klaagde over de kritiek van milieuactivisten, met hun plastic poncho’s. ‘We zijn allemaal medeplichtig’, zei ik, ‘ik ben ook naar Canada gevlogen.’ ‘Je zult een hoop bomen moeten planten’, zei hij. ‘Weet ik’, zei ik, ‘dat zal ik doen’. Mijn schuldbekentenis leek ontwapenend te werken: als je jezelf het verwijt al maakt, kan een ander dat niet meer doen. We konden het beginnen te hebben over het grotere probleem. De menselijke invloed op de opwarming van de aarde erkende de piloot niet, maar al dat plastic in de oceaan, dat vond hij vreselijk, we zouden toch minder moeten verspillen.

Ik bezocht de piloot omdat ik me, als onderdeel van een documentaire, net als diCaprio zou laten rondvliegen. Maar de beelden die ons team daarmee zou kunnen verzamelen bleken al eerder door anderen gemaakt, de piloot kon ons ze wel sturen. ‘Wil je het dan nog doen?’, vroeg de regisseur, ‘het zou alleen voor de lol zijn.’

We zijn niet met die helikopter gevlogen. De piloot had er begrip voor, maar de pro-olie-activist die we erna spraken raasde: ‘Jullie zijn niet in de helikopter gegaan? Wat een bizarre beslissing!’ Zijn reactie was onthullend. Zoals de industrie die hij verdedigt, waarvoor hij pr-filmpjes maakt, heeft hij onze hypocrisie nodig. We horen niet in staat te zijn om lol op te geven. Ons plezier hoort ons monddood te maken, verdacht, zoals diCaprio. Weinig zo vervelend voor degenen die de productie van fossiele brandstoffen ongeremd willen voortzetten dan een teken dat we niet de slaven zijn van gemakkelijke consumptie.

Onze ‘opoffering’ was miniem, maar het was een signaal. Individuele opofferingen kunnen grotere effecten hebben. Sterk uitvergroot zien we dat bij Thunberg. Zij offert al haar tijd aan de bestrijding van de klimaatcrisis, zij ontzegt zichzelf comfort en onderwijs en zij durft, geholpen door haar autisme, wel verwijten te maken, te prediken. Dat we allemaal moeten ophouden met vliegen bijvoorbeeld. In Zweden lijkt die oproep te hebben gezorgd voor bijna 4 procent minder vliegverkeer in de eerste helft van dit jaar. Op globale schaal misschien verwaarloosbaar, maar als effect van één individu is het enorm. En het Greta-effect is nog niet uitgewerkt, over de hele wereld inspireert ze jongeren én volwassenen om hun levensstijl aan te passen of om te gooien.

‘Dit gaat niet over wat Greta als individu doet. Het gaat erom wat Greta uitdraagt in de keuzen die ze als activist maakt.’ Naomi Klein probeert Greta het meisje van Greta de activist te scheiden en haar daarmee te redden, maar dat lijkt al te laat, Greta is samen gaan vallen met haar activisme. Dat voelen we, dat zien we. Als iemand niet voor haar eigen lol bezig is, is zij het. Het is haar kracht en haar zwakte. De mensen die bereid zijn naar haar te luisteren zou ze waarschijnlijk niet in deze mate inspireren als ze niet als individu tot het uiterste ging. Anderen schrikt ze af, omdat ze niet geruststelt, ze confronteert. Ze heeft gelijk, maar wordt nu nog te veel gezien als die idealistische veganist. Ondertussen lijkt ze hard op weg kapot te gaan aan de consistentie die zijzelf en anderen van haar eisen. Hoe ze straks de oceaan weer overgaat is nog niet bekend, maar ze is bereid een vrachtschip te nemen. Een 16-jarig autistisch meisje op een vrachtschip. God heb medelijden.

Als ik naar Greta kijk, zie ik een meisje dat de last van de wereld op haar schouders heeft genomen omdat het gros van de volwassenen geen gram wil dragen. De misdaad behoort aan volwassenen, zij lijdt ervoor. Vermoedelijk ziet ze zichzelf ook zo. En vergis u niet, Greta is misschien consistenter dan uw eigen dochter of zoon, meer rigide zo u wilt, maar waarschijnlijk ervaart uw kind of kleinkind dezelfde wanhoop over de toekomst. Dit is wat we tieners aandoen door zelf geen verantwoordelijkheid te nemen (#howdareyou). We wisten het niet, konden we eerder nog zeggen. Nu niet meer. Dat is waar journalisten en twitteraars aan zouden moeten denken, de volgende keer dat ze een klimaatactivist hypocrisie verwijten: wat is uw eigen medeplichtigheid aan deze gedeelde misdaad, en wat bent u bereid op te offeren?

Emy Koopman (1985) is schrijver, onderzoeker en journalist. Ze promoveerde op onderzoek naar empathie en literatuur. In 2016 verscheen haar eerste roman Orewoet bij Prometheus, momenteel werkt ze aan een tweede.

DE VOLKSKRANT KLIMAATGIDS

Hoe kun je groenere keuzes maken, zonder het gevoel te hebben dat je van alles moet opgeven? Doe de test of lees de verhalen in deze klimaatgids.

HET BROEIT WERELDWIJD.EN IN NEDERLAND.

Meningen genoeg over de verandering van het klimaat, je zou er de feiten bijna door vergeten. Deze drie interactieve visualisaties laten harde data achter de wereldwijde opwarming zien. Wie zijn de grootste vervuilers? Hoeveel warmer wordt het in Nederland? Hoe zit het met CO2 en de 2 °C-grens? En ook: de gevolgen voor de Elfstedentocht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden