Column Ibtihal Jadib

Zo’n boerka, nu Ibtihal er eens over nadenkt, is zo gek eigenlijk nog niet

Een themanummer over kuise mode. Dat is een uitdagende schrijfopdracht als je het mij vraagt want mode interesseert me weinig en over bedekkende kleding kan ik geen woord meer horen. Na maandenlang te zijn doodgegooid met boerka-discussies kan ik nauwelijks nog enthousiasme veinzen over zwierige, enkellange jurken. Heus, ik kan verrukt raken van een modieuze aankoop die lekker zit, goed staat en overal mee kan worden gecombineerd, en veel boerka-argumenten – zowel voor als tegen – zijn alleszins begrijpelijk, maar uiteindelijk delen beide kwesties hetzelfde lot: je moet het allemaal niet te serieus nemen. Daarvoor zijn creaties op de catwalk te extreem en roepen ook die de gedachte bij me op dat geen normaal mens erin wil rondlopen.

Het probleem echter met normale mensen is dat ze zo schaars zijn. Misschien hebben ze zich stilletje teruggetrokken in een of ander woud omdat ze niets meer met ons te maken willen hebben, of zijn ze gewoon al lang en breed uitgestorven zonder dat we dat in de gaten hebben gehad aangezien we te druk bezig waren met alle opvallende types. Ik heb in elk geval nog nooit een normaal mens ontmoet, mijn pogingen om er zelf een te worden heb ik beteuterd gestaakt en verder zou ik eigenlijk niet weten hoe zo iemand er uitziet. Dat brengt mij tot de prangende vraag: wie houdt nog in de gaten of we overboord gaan? Wie moet de samenleving behoeden voor de doorsijpelende werking van absurde verschijnselen? Vorige week stapte er een jongen bij me in de lift van de Bijenkorf: hij was een jaar of 20 en liep op afgrijselijke Balenciaga-sneakers. Toen die voor het eerst op de catwalk verschenen werkten ze op ieders lachspieren, maar inmiddels is het doodnormaal geworden om 700 euro te betalen voor een stel lelijke gympen. Zo gaat dat met rare dingen: hoe langer je ervan opkijkt, des te makkelijker treedt er gewenning op.

Het kan dus geen toeval zijn, die trend van de ingetogen mode. Na al dat gepraat over boerka’s is de modewereld ermee aan de haal gegaan en nu zal het niet lang meer duren eer we er allemaal thuis eentje hebben liggen. Gewoon, voor het geval het regent en we zo gauw even geen regenpak kunnen vinden. Dan is het toch handig om zo’n ding over je hoofd te trekken als je op de fiets stapt want de hele dag op je werk rondlopen in een muffe broek en met slecht opgedroogd haar is ondraaglijk. Een onverwachts bezoek aan het strand? Je hoeft je niet meer te generen over eventuele stoppels op de benen, gewoon die boerka uit je tas vissen. Een lelijke puist op je kin? Boerkaatje eroverheen. Sta je in een lelijke trui bij de kassa met een pak maxi-maandverband onder je arm en zie je ineens je ex met z’n beeldschone vriendin aan komen lopen? Huup huup boerkatruc en je bent verdwenen. 

Hoe meer ik erover nadenk, hoe briljanter ik het ding ben gaan vinden. Die boerka-draagsters zijn helemaal zo gek nog niet, van mij mogen ze hun geliefde kledingstuk aanhouden. Ze moeten ’m alleen niet vergeten af te doen als ze in Mekka rond de ka’ba lopen want op de meest islamitische plek ter wereld staan mannen en vrouwen zij aan zij en is het verboden om gezichtssluiers te dragen. Kennelijk houdt God niet van modeverschijnselen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden