INTERVIEW

Zo hou je het perfecte praatje

Hoe je een perfecte presentatie houdt volgens dé autoriteit op dit gebied, de grote man achter het wereldveroverende TED-imperium, Chris Anderson (naar eigen zeggen zelf overigens helemaal niet zo'n geweldig spreker).

Chris Anderson aan het woord tijdens een TED-conferentie in 2014 in Vancouver. Beeld Getty Images

Wat hebben de snaartheorie, een poolreis en een reizend eettheater met elkaar gemeen? Alle drie zijn onderwerp van een veelbekeken TED Talk, zoals de internationaal bejubelde spreekbeurten van (vaak Amerikaanse) wetenschappers, politici, ondernemers, avonturiers, uitvinders en ontwerpers worden genoemd.

Sinds 2006 hoeft de liefhebber niet meer naar de Verenigde Staten af te reizen voor het prijzige meerdaagse congres. Met een beetje wifi-verbinding kunnen Rajiv in Mumbai, João in São Paulo en Kerstin in Uppsala de digitale minicollege's van Bill Gates, de Britse onderwijshoogleraar Ken Robinson (met ruim 38 miljoen views de best bekeken) of schrijfster Chimamanda Ngozi Adichie gewoon online bekijken. Ze duren gemiddeld achttien minuten en gaan volgens TED altijd over 'ideeën die de moeite van het verspreiden waard zijn'.

Van idee naar internationaal merk

Dat Rajiv, João, Kerstin, u en ik dat kunnen, hebben wij te danken aan Chris Anderson. De Britse mediamiljonair, een zendelingenzoon die opgroeide in Azië, kocht de conferentie - toen nog gewoon offline - in 2002, van bedenker Richard Wurman, een flamboyante ontwerper. Anderhalf decennium later is TED (Technologie, Entertainment, Design) een internationaal merk, een soort ideeënkerk, met lokaal georganiseerde zusterconferenties die vrijwel autonoom opereren onder de naam TEDx.

'Elke dag vinden er wereldwijd zo'n acht TED-conferenties plaats', rekent Anderson voor. Zijn bovenlichaam is zojuist in het Skype-scherm verschenen. Het eerste wat opvalt is dat er werkelijk niets opvalt. De ideeënprediker en trainer van befaamde sprekers is de onopvallendheid zelve. Lichte ogen, lichte haren, licht overhemd, een zachte stem, afwachtend, beleefd, een vleugje ernst.

Chris Anderson. Beeld Berto Martinez

Drieduizend per jaar

Acht TED-evenementen per dag? Dat maakt zo'n drieduizend per jaar. 'Ja, het gaat redelijk met TED', zegt de Brit met gevoel voor understatement.

Omdat het 'redelijk' gaat maar er nog altijd 'ideas worth spreading' schuilgaan in gehuchten in Oost-China of buitenwijken van Johannesburg, schreef Anderson een boek over de TED-formule. Want al oogt hij misschien bedeesd, hij denkt groot. Zijn boek is een degelijk geschreven handleiding voor het geven van een geslaagde presentatie, gespeend van goeroepraat of borstklopperij. En dat is waarschijnlijk precies wat deze man kan: anderen laten schitteren.

Bent u zelf een goed spreker?

Hij lacht. 'Nee, zeker niet. Ik doe het ook niet graag, al weet ik inmiddels wel hoe het moet. Gelukkig spreek ik niet al te vaak, ik luister liever naar anderen.'

Gaat het nog weleens mis, bij u?

'Geregeld. Als ik me slecht heb voorbereid. Ik ben een dromer en ik denk nogal conceptueel. Ik kan me verliezen in abstracties, terwijl mensen voorbeelden nodig hebben om een verhaal te kunnen volgen.'

Toch is uw boodschap: iedereen kan spreken.

'Dat is ook zo. Niet iedereen zal een briljant spreker worden, maar ik durf te beweren dat er handvatten zijn die van elke spreker een veel betere spreker maken.'

Ik heb zojuist uw eerste speech voor TED bekeken. Uit 2002, waarin u het publiek vertelt dat u de conferentie gaat overnemen.

'O god, ik kan dat filmpje maar moeilijk terugzien.'

Waarom?

'Ten eerste heb ik een lelijk ongestreken T-shirt aan. Bij TED stimuleren we mensen om casual gekleed te gaan, maar dat hoeft nou ook weer niet... Ik zeg veel te vaak 'eh' en 'snap je'. Ik stop halverwege zinnen. Ik klink overdreven ernstig, theoretisch. En dan mijn absurde Britse gevoel voor humor; ik geloof niet dat mijn grapje over de penis goed overkwam.'

Wat zou u uw toenmalige zelf adviseren, met uw kennis van nu?

'Wees niet zo doodsbang. Ik had net TED overgenomen, en als er het volgende jaar niemand zou komen, was het afgelopen. Ik had het gevoeld dat ik mezelf in een kwartiertje aan de aanwezigen moest verkopen. De bezoekers die er al jaren kwamen, kwamen voor oprichter Richard Wurman, een soort superman. Hij was de dragende spilfiguur, en wie was ik, waarom zouden ze in mij geloven?'

U pakte een stoel en ging zitten, vooraan op het podium.

'Dat was van de zenuwen, ik kon niet blijven staan, ik trilde zelfs. De maanden ervoor had vrijwel niemand zich voor de conferentie opgegeven, omdat het vertrek van Wurman was aangekondigd. Het was een nu-of-nooit-moment.'

Toch ging het goed.

'Ik heb me heel kwetsbaar op-gesteld, verteld dat ik net daarvoor bijna failliet was gegaan. Als ik dat nu terugkijk, voelt het ongemakkelijk, maar het was wel oprecht. Als ik had geroepen dat ik iets briljants van TED zou gaan maken, had niemand me geloofd. Aan het einde van mijn toespraak stond tot mijn verbijstering Jeff Bezos op, de directeur van Amazon, die midden in de zaal zat. Hij begon te applaudisseren. Toen ging de rest van de zaal ook staan. Het leek alsof de TED-gemeenschap binnen een paar seconden als één man had besloten om me te accepteren. In de daaropvolgende pauze werden meteen een paar honderd kaarten voor het volgende jaar verkocht.'

Als een soort hedendaagse Aristoteles brengt Chris Anderson zijn sprekers de kunst van de retorica bij, of in zijn jargon: het effectief en inspirerend spreken. Niemand doet maar wat, er gaan maanden training aan vooraf - onder leiding van Anderson en zijn team. Wat ga je wel vertellen? Wat ga je niet vertellen? Kan het korter? Welk attribuut (prop) ga je laten zien? Wat als je twee minuten extra zou krijgen?

Tekst gaat verder onder het filmpje

CV Chris Anderson

1957 geboren in Pakistan als kind van Britse missionarissen, groeide op in India en Afghanistan
1970-1975 kostschool in Groot-Brittannië
1975-1978 studies filosofie, politicologie en economie aan de Universiteit van Oxford
1978-1981 werkt als leerling-journalist bij een plaatselijke krant in Wales
1981-1984 richt een nieuwsradiopiraat op vanaf de Seychellen
1984 begint zijn eerste tijdschrift over computers
1984-2001 lanceert steeds meer vakbladen en websites en maakt miljoenen winst, tot hij tijdens het knappen van de internetbubbel bijna failliet gaat
2002 begint bij TED
2006 TED gaat online

'Weet u hoe dat komt?'

Je herkent een Anderson-praatje aan het gebruik van een persoonlijke anekdote, een beginvraag vanuit verwondering: 'Wist u dat zeven van de honderd mensen in deze zaal nooit stress ervaren? Weet u hoe dat komt?' Ook de parabel komt geregeld voorbij.

Zoals bij beroepsonderhandelaar en Harvard-docent William Ury in 2010, die onder de titel How to get yes iets uit de doeken zal gaan doen over conflictbemiddeling, maar zijn betoog begint met het verhaal van een oude Arabier die zeventien kamelen naliet aan zijn drie zoons.

De eerste zoon zou de helft van de kamelen krijgen, de tweede een derde, en de derde een negende. Omdat zeventien niet deelbaar is door twee, drie of negen, kwamen de zoons er niet uit.

Ze vroegen de hulp van een wijze, oude vrouw. Die na lang nadenken zei: 'Ik weet niet of ik je kan helpen, maar ik heb zelf één kameel, die mogen jullie hebben.' Nu hadden de zoons achttien kamelen. De oudste kreeg er negen, de tweede zes en de derde twee - samen zeventien. De overgebleven kameel brachten ze terug naar de vrouw. 'Mijn werk', zegt Ury, 'is het vinden van die achttiende kameel.'

Beginnen met een parabel, dus.

'Dat kan werken, maar er is geen standaardformule voor een goede lezing. De meest bekeken TED-spreker van het moment is Sir Ken Robinson, die uitlegt hoe het huidige onderwijssysteem de creativiteit van kinderen kapot dreigt te maken. Hij legde me ooit uit dat een goede presentatie de lijn van een goed geschreven essay volgt. Je moet drie vragen beantwoorden: Wat? Nou en? En wat nu?

'Mijn collega June Cohen legt sprekers vaak uit dat een vraagstuk geen goed uitgangspunt is voor een praatje. Een vraagstuk legt een probleem bloot. Een idee suggereert een oplossing. Een vraagstuk zegt: is dit niet afschuwelijk? Een idee zegt: is dit niet interessant?'

Richard Saul Wurman (rechts), de bedenker van TED. Beeld WireImage

U waarschuwt in uw boek voor het TED-cliché. Hoe ziet dat er uit?

'Soms betreedt een spreker het podium té zelfverzekerd, als een soort rockster, klaar om een staande ovatie na afloop in ontvangst te nemen. Dat werkt niet. Een grapje, een anekdote, goed rondlopen, het moet wel passen bij wie jij bent, anders geloven mensen je niet. Het moet integer zijn, oprecht. En belangrijker: de vorm is van belang, maar als je geen idee hebt dat de moeite van het delen waard is, kan een goede show je niet redden.'

U hebt een boek geschreven over de perfecte speech?

'Nee, dat heb ik niet. Er zijn heel veel verschillende manieren om goed te spreken, ik geef alleen handreikingen.'

Wat zijn de belangrijkste lessen?

'De allerbelangrijkste is: je moet iets hebben dat de moeite van het delen waard is. Gek genoeg gaan de meeste mensen daarop de mist in. Het gaat niet om jou, je praatje staat in dienst van je idee, dat groter is dan jij of je praatje.

'Vervolgens moet je je verhaal vormgeven, zo concreet mogelijk, en om het op dat moment goed te doen, moet je proberen een verbinding met je publiek aan te gaan, mensen moeten het toelaten dat je iets in hun hoofd wilt planten.'

U schijnt elke spreker persoonlijk te trainen. Ook Bill Gates, Al Gore, Bono of Ken Robinson?

'Ik geloof niet dat ik Sir Ken iets kan leren over het geven van een goed praatje. De sprekers die je noemt zijn van langer geleden, toen trainden we nog niet iedereen. De laatste jaren wel.'

Gaat het desondanks nog weleens mis?

'Ja, mensen die bevriezen, de kluts kwijtraken, niet meer uit hun woorden komen. We hadden een scheikundige geadviseerd zijn praatje uit het hoofd te leren. Dat bleek niet zijn natuurlijke modus. Hij verstarde, ik voelde me schuldig. Hij had het op zijn eigen manier moeten doen.

'Of de psycholoog Daniel Kahneman, een grootheid, die ontzettend veel spreekt. Hij is gewend met een katheder met daarop zijn laptop te spreken. Wij zeiden: doe het zonder. Maar bij het oefenen bleek het niet te werken, hij kon niet zonder zijn laptop, al gebruikte hij hem niet; de opstelling die hij gewend was, had hij nodig. Ik denk dat we vooral geleerd hebben dat er weinig regels zijn.'

Behalve die achttien minuten?

'Zelfs daar wijken we inmiddels van af. Een goed verhaal mag langer duren, maar je merkt wel dat je van goeden huize moet komen om de aandacht van het publiek langer vast te houden. En online werken langere filmpjes niet, denk ik.'

U bent geboren in Pakistan, uw ouders waren missionaris. Zij verspreidden het geloof. U verspreidt ideeën.

'Mijn vader en ik waren het maar op weinig punten eens, maar ik geloof wel dat het enorm bevredigend is om je leven in dienst te stellen van iets, een idee, dat groter is dan jijzelf.'

Wat is dat 'idee' voor u?

'Ik heb altijd een obsessie met passie gehad. Niet zozeer mijn eigen passie, maar die van andere mensen. Ik heb altijd in de media gewerkt. Waar anderen zochten naar kwantiteit, was ik als bladenmaker vooral geïnteresseerd in tijdschriften over thema's waar kleine groepen warm voor lopen, zoals borduren. Het klinkt misschien gek, maar dat was ook wat ik in TED zag toen ik er voor het eerst rondliep en de gelukzaligheid voelde die er rondging. Mensen die zeiden dat dit de mooiste week van hun jaar was; dat zette me aan het denken en bracht me op het idee dat het groter kon worden.'

Beeld Berto Martinez

Heeft u nog bekende sprekers op uw verlanglijst?

Korte stilte. Dan: 'De paus, misschien. Maar eigenlijk ben ik vooral ook nieuwsgierig naar onbekende stemmen uit minder voor de hand liggende delen van de wereld. Stiekem hoop ik dat dit boek daarbij zal helpen. Dat mensen het lezen en ons een opname sturen.'

Bent u niet bang voor TED-inflatie, met zoveel spin-offs?

'Het is juist de bedoeling om er geen greep op te hebben. Ik geloof dat je alleen maar aan invloed wint door de controle los te laten. Het gaat om verwantschap, als we kunnen helpen, helpen we, verder is er alle vrijheid.'

U krijgt ook kritiek. TED maakt van het leven een pitch. Vorm boven inhoud: alles wordt versimpeld en als hapklaar vermaak gepresenteerd. TED maakt mensen niet slimmer, maar dommer.

'Daar hebben we het vaak over. Ik zal nooit beweren dat een TED Talk het definitieve verhaal over een onderwerp is, juist niet. Het is het startpunt. Veel sprekers zeggen dat mensen na hun praatje hun boeken zijn gaan lezen. Een praatje telt 2.500 woorden, dat is een flink artikel in de krant - vind je dat verspilling?

'We leven in een aandachtsoorlog, iedereen is constant afgeleid, ons doel is om mensen even stil te laten staan, hun blik te vangen en te richten op ideeën die de moeite waard zijn. Als je denkt: iedereen kijkt alleen nog maar TED Talks en leest nooit meer een boek, dan is dat een droevig wereldbeeld, maar als mensen naar ted.com gaan en de kattenfilmpjes overslaan, dan ben ik tevreden.'

De TED-methode: Impactvol presenteren - de officiële gids, Maven Publishing, €20,-


Gatver, optimisme

Wat voor de een aanstekelijk werkt, roept bij de ander een Jan Muldereske irritatie op. TED staat voor onverstoorbaar optimisme, een veelvuldig gebruik van het woord 'passie' en een 'Yes we can'basishouding. Armoede? Lossen we op. Vrede in het Midden-Oosten? Luister naar deze parabel. Smeltend poolijs? Kun je iets moois van maken. Die blijheidscultus leverde de praatjesconferentie in het verleden soms smalend de bijnaam 'het Davos voor optimisten' op. Maar dat neemt niet weg dat de filmpjes wereldwijd door miljoenen worden bekeken en dat 's werelds bekendste en rijkste filantropen er graag met hun dollars strooien ter oplossing van een wereldprobleem of ter begunstiging van een spectaculaire wetenschappelijke doorbraak.


Wat is het geheim van Sir Ken?

De beste sprekers smeden een band met het publiek.

Het populairste TED-praatje aller tijden gaat over onderwijs en is van een stoffig ogende Brit. Waarom is het zo'n succes?

Ken Robinson moest aan het eind van de laatste TED-dag spreken, zegt Anderson. 'Het publiek is er dan wel zo'n beetje klaar mee. Sir Ken begon zo: 'Het was geweldig, hè? Ik ben van mijn sokken geblazen. Weet je wat, ik ga maar.' Vanaf dat moment werd er gegiecheld en had hij ons in zijn zak. Humor, zelfspot en kwetsbaarheid nemen alle weerstand weg. Een groepslach zegt: wij hebben een band met deze spreker. Ineens let iedereen beter op. De beste sprekers gebruiken vaak een groot deel van hun spreektijd om zo'n band te smeden. Sir Ken vertelt de eerste elf minuten allerlei geestige verhalen. Het is bijna stand-up- comedy. Je denkt: dit is leuk. Nooit gedacht dat onderwijs zo'n onderhoudend thema zou zijn. Eigenlijk gaat dit over mij, over mijn kind, mijn buurjongen, mijn nichtje. En als hij uiteindelijk serieus wordt en zijn punt aansnijdt over het gebrek aan creativiteit op scholen, hang je aan zijn lippen.'


Wie betaalt dat?

Het verdienmodel ontstond tijdens een TED-praatje.

TED wordt gerund door een non-profitorganisatie. Kaartjes voor de moederconferenties (TED, TEDGlobal, TEDWomen, etc.) zijn prijzig, tot ruim zevenduizend dollar. Verder komt er geld binnen uit giften en sponsoring. That's it, zegt Anderson. 'Iedereen heeft een schappelijk inkomen, winst maken we niet. Geld dat binnenkomt, geven we meteen weer uit.' De online-lezingen worden in ruim honderd talen ondertiteld door vrijwilligers. TEDx-conferenties betalen niet voor het gebruik van de naam; wel moeten ze een licentie aanvragen en zich aan regels houden. De organisatiekosten betalen ze zelf.

De merknaam en de conferenties zijn voor Anderson het vehikel om goede ideeën wereldwijd te verspreiden. Dat ging niet vanzelf. De eerste jaren probeerde Anderson de praatjes aan tv-stations te slijten, maar zelfs de BBC was niet geïnteresseerd. Het kwartje viel uiteindelijk - uiteraard - tijdens een TED-praatje in 2006: het platform lag voor het oprapen, via ted.com kon iedereen de lezingen gratis bekijken. Tegen alle verwachting in werden de wachtlijsten voor de dure conferentie alleen maar langer.


Prijswinnende praatjes

TED reikt jaarlijks een prijs van een miljoen dollar uit voor beste idee.

In 2016 won Sarah Parcak, een Amerikaanse hoogleraar archeologie die satellietbeelden gebruikt bij haar opgravingen. Ze begint haar praatje met het verhaal dat ze als kind altijd schelpen zocht op het strand van Maine en nu graag steden zoekt in de woestijn van Egypte.

In 2015 won Dave Isay, een Amerikaanse radio- en documentairemaker, die een stichting begon voor alledaagse verhalen. Hij plaatste door het hele land Man bijt hond-achtige telefooncellen waarin mensen een dierbare of bekende kunnen interviewen. Isay laat een voorbeeld horen van een moeder in gesprek met haar 12-jarige zoon met Asperger.

In 2014 won Charmian Gooch, een Britse activiste die met haar team wereldwijd brievenbusmaatschappijen ontmaskert die corruptie, belastingontduiking en illegale handel faciliteren. In haar praatje richt ze haar pijlen onder meer op de banken in de VS die de exorbitante levensstijl van de zoon van de dictatator van Equatoriaal Guinee mogelijk maakten: de Panama Papers avant la lettre.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden