OpinieLijstjesvirus

Zit er een keerzijde aan het lijstjesvirus? ‘Al die lijstjes geven een eenzijdige voorstelling van zaken’

Voorafgaand aan de jaarwisseling slaat in Nederland het lijstjesvirus toe. Maar hoe handig zijn die talloze overzichten? En is er ook een keerzijde?

In de Top 2000 wordt jaarlijks een lijst met de beste nummers aller tijden samengesteld.Beeld ANP Kippa

Sheila Sitalsing (columnist van de Volkskrant): 

‘Ik heb er begrip voor dat rond de jaarwisseling al die jaaroverzichten, lijsten en rankings worden opgesteld. Ze hebben een functie: de overzichten dienen als gids en maken de wereld overzichtelijk. We kampen met een overdaad aan informatie en daarin bieden lijsten houvast. Als ik iets koop, google ik vaak even: wat zijn de beste keukenmessen? Lijstjes hebben juist daardaar een zelfversterkend ­effect: voordat mensen een boek ­kopen, kijken ze naar de top-10. Daar pikken ze er een uit, en die verkoopt steeds beter. Het is een zichzelf versterkende kringloop. Al die lijsten bieden daarnaast vermaak. Ik heb medelijden met de mensen die niet op lijstjes staan: dat je als schrijver niet in de top-10 beste boeken van het jaar komt bijvoorbeeld, dat is toch zielig voor nummer 11.

‘Zelf ben ik geen fervente lijstjesmaker. Ik heb bijvoorbeeld geen favoriet boek: ik vind vaak ’s middags al iets anders mooi dan ’s ochtends. Ik houd wel van records: welke plek was het warmst, welke plaats trok de meeste bezoekers? Die overzichten zeggen me meer, maar ik kijk aan het einde van het jaar niet reikhalzend uit naar alle lijstjes.

‘Ik houd meer van vooruit- dan van terugblikken. De jaarlijkse special van The Economist bijvoorbeeld, die vreet ik echt op. En als de voorspellingen je niet goed uitkomen, kun je altijd denken: er komt toch niks van terecht, dat biedt houvast. Bovendien hoef je met vooruitblikken nooit medelijden te hebben met nummer 11. Liever vooruit dan lijstjes dus.’

Fred van Raaij (hoogleraar economische psychologie):

 ‘Ik ben geen voorstander van lijstjes. Ze geven veelal een eenzijdige voorstelling van zaken. Ook is het proces vaak ondoorzichtig: we weten zelden hoe die lijstjes zijn samengesteld.

‘Bij sommige ranglijsten hoeft dit geen probleem te zijn. Denk aan selecties van boeken of series. Dit kan zelfs prettig zijn omdat het een verbindende, sociale functie heeft. Zo weet je wat je gelezen ‘moet hebben’ om mee te kunnen praten.

‘Combineer dat met de beschikbaarheidsheuristiek (de neurologische ‘snelkoppeling’ die ervan uitgaat dat datgene wat we ons herinneren, wel goed móét zijn, red.) en het kan leiden tot verarming van cultuur: lijstjes die onze keuze onbewust beïnvloeden en beperken.

‘Rangordes zoals ‘bestverkocht’ zijn soms ook misleidend. Denk aan managementboeken. Ik ken verhalen dat auteurs zelf duizenden eigen boeken opkochten om zo snel te stijgen in de lijsten en deze boeken vervolgens weer op de markt sleten.

‘Lijstjes creëren ook frustratie. Je hebt immers niet de tijd om alles te kunnen lezen, luisteren of kijken. Mensen laten zich makkelijk leiden van wat anderen ergens van vinden en dit gevoel roept de fear of missing out op.

‘Aan de andere kant, veel mensen zijn lid van de Consumentenbond. Dat is een onafhankelijke instantie waar alles wordt gewogen naar prijs. Dat is eerlijker dan een ­reclameuiting en ongekleurder dan lijstjes in de media.

‘Complexer zijn de ‘top-zoveel-lijstjes’ van universiteiten of ziekenhuizen. Dat zijn zaken die onmogelijk met elkaar te vergelijken zijn, met al die verschillende disciplines binnen organisaties. Dat is appels met peren vergelijken.’

Jan Theeuwes (professor cognitieve psychologie):

‘Voor het onthouden van grote hoeveelheden informatie zijn lijstjes erg praktisch: mensen slaan gegevens beter op als ze het in lijstjes bestuderen, dan in lappen tekst. Omdat een lijst je brein op meerdere manieren prikkelt: door bijvoorbeeld de nummering of het gebruik van letters komt er structuur in de informatie. Ook de visuele weergave van een lijst, met stukken wit in de tekst bijvoorbeeld, versterkt de structurering en vergroot daarmee de hoeveelheid informatie die je kunt onthouden.

‘De visuele lay-out is dus een belangrijke prikkel voor het geheugen. In vaktermen noemen we dat ‘redundante opslag: het geheugen kan informatie op verschillende manieren opslaan (visueel, semantisch, auditief) waardoor je brein via verschillende sporen bij die informatie kan komen.

Je kunt je geheugen dus verbeteren door het gebruik van de zogenaamde Methode van loci (Latijn voor ‘plaatsen’), waarbij je in je hoofd een virtuele route bewandelt. Als je in de supermarkt staat en je weet niet meer wat je ­nodig hebt, kun je het best je ijskast visualiseren: door de indeling van de ijskast weet je beter wat er wel en niet in stond. Voor je geheugen is visualisering van plaats dus van belang. Lijsten en rangschikkingen kunnen helpen.

‘Het geheugen werkt ook beter als de lijsten uit gelijke eenheden bestaan. Je gehoor kan ook helpen zaken beter te onthouden; ik raad mijn studenten aan lesstof hardop te lezen.

‘Overigens worden gebeurtenissen aan het begin en het eind van het jaar vaak beter onthouden. Aan het begin ben je nog fris, aan het eind ­bereid je je al voor op de lijsten. Mensen kunnen moe worden van de hoeveelheid jaaroverzichten, maar de functionaliteit ervan valt niet te ontkennen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden