Zesjescultuur

Duizenden aankomende eerstejaars studenten zitten dezer dagen ontmoedigd op de bank. Afgewezen; uitgeloot voor de studie van hun keuze. De willekeur van het lotingssysteem laat deze jongeren berooid achter met hun ambitie en leerdrift. Voor de toekomst brengen deze kwalificaties hun niets, zo redeneren zij in hun deceptie.
Dit jaar streden 37.500 studenten om 25 duizend studieplaatsen waarvoor een loting geldt. Alleen al voor de studie geneeskunde, waarvoor een numerus fixus van 2.850 studenten geldt, meldden ruim 8.000 kandidaten zich aan. Maar ook voor studies als rechten, tandheelkunde, psychologie, communicatie en journalistiek moet in sommige gevallen worden geloot.

de Volkskrant

De tragiek van het lotingssysteem roept opnieuw de vraag op of selectie op basis van motivatie, intellect en interesse voor het vakgebied geen betere methode is om studentenaantallen te beperken. De commissie-Veerman, die op verzoek van minister Plasterk (Onderwijs) het stelsel van universiteiten en hogescholen doorlichtte, pleitte dit voorjaar al voor selectie aan de poort. Veerman wil af van de zesjescultuur in het onderwijs. Studenten moeten meer worden uitgedaagd en het onderwijs moet zich veel sterker profileren. Het huidige financieringsstelsel dat de instellingen prikkelt zoveel mogelijk studenten aan te trekken en met een diploma af te leveren, moet op de schop omdat het deze zesjescultuur alleen maar in de hand werkt, zo constateerde Cees Veerman.

Duidelijk is dat er in het onderwijs meer ruimte moet komen voor excellentie. Het lotingssysteem dat ooit in het leven is geroepen om iedereen gelijke kansen op hoger onderwijs te geven, voorziet niet in deze behoefte. Steeds meer instellingen vervangen loting door selectie om te voorkomen dat ongemotiveerde studenten afhaken. Ook voor de studie geneeskunde ligt een wetsvoorstel om voortaan studenten te selecteren op kwaliteiten als motivatie en empathisch vermogen – niet onbelangrijk voor een dokter in de spreekkamer.

Selectie aan de poort is altijd op veel weerstand gestuit omdat het de keuzevrijheid en brede toegankelijk van het hoger onderwijs in de weg zou staan. Sinds de invoering van de basisbeurs in 1986 staat niets de toegankelijkheid meer in de weg. Het aantal studenten evenals het aantal studierichtingen is sindsdien explosief gestegen, terwijl de onderwijsuitgaven samen met de kwaliteit van het onderwijs steeds verder daalden. Studenten klagen over overvolle collegezalen, slechte docenten en weinig inspirerende onderwijsprogramma’s.

Met de beoogde toegankelijkheid in combinatie met permanente bezuinigings- en vernieuwingsdrang is het Nederlandse onderwijs internationaal vergeleken afgekoerst op een vaste plek in de middenmoot. Een plek die Nederland zich als kenniseconomie niet kan veroorloven. Het kan nooit de bedoeling zijn geweest om met bredere toegankelijkheid de kwaliteit van het onderwijs uit te hollen en slechtere professionals af te leveren. Daar is niemand bij gebaat.

De typisch Nederlandse voorliefde voor middelmatigheid
– doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg – motiveert jongeren niet te excelleren. De neiging tot matiging begint al op de basisschool, waarbij veel scholieren – vooral allochtonen – een schooladvies krijgen onder hun niveau. Negatieve selectie vindt dus al eerder plaats dan bij de poort van de universiteit.

Die trend moet worden gekeerd. Selectie aan de poort van het hoger onderwijs is een probaat middel om jongeren van jongs af aan te stimuleren boven de middelmoot uit te stijgen. Wie later een goede dokter, jurist of journalist wil worden, moet niet worden beloond voor het behalen van zesjes.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden