Column Sheila Sitalsing

Ze hebben het Dion Graus nog steeds niet verteld, van die niet-werkende alarmknop

In de hofhouding van Geert Wilders, die in de loop der tijd brievenbuspissers, kopstootverkopers, proleten en andere rare kwibussen heeft gehuisvest, is Dion Graus de grote constante. Vroeger was Graus verkoper van van alles en nog wat. Later verkocht hij Geert Wilders aan Limburgse kiezers met de tv-serie Wild, Wilder, Wilders op TV Limburg. Dat was een tamelijk kritiekloos vehikel – om niet te zeggen: één lange, gratis reclamespot – voor de man die net uit de VVD was gestapt en aan het pionieren was geslagen met zijn eigen politieke beweging. De serie was tegelijk een sollicitatie: toen Wilders in 2006 negen Kamerzetels won, was er eentje voor Dion.

Bart Jan Spruyt, rechts-conservatief denker, zag in die jaren, zo vertelde hij eens in de Volkskrant, een geestverwant in Wilders; hij zou goede mensen voor hem rekruteren. Tot hij op de gang bij Geert ‘iemand met krulletjes en zo’n proletarisch matje in de nek’ zag zitten. Dat is Dion, die komt op de lijst, zeiden ze. ‘Toen wist ik: ik heb hier niets meer te zoeken.’

Sindsdien is Graus niet meer weg te denken uit de fractie. Altijd op de bres voor het dier, want van dierenleed wordt hij emotioneel. Altijd fel verdedigd door zijn baas Wilders, ook toen er verhalen opdoken over een duister verleden, over onbetaalde of veel te laat betaalde bonnetjes en over aangiftes van exen die hem van belaging, stalking en erger beschuldigden.

Je zou geneigd zijn in Graus een clown te zien, Geerts paladijn, niet serieus genomen door zijn omgeving. Dat zou je kunnen afleiden uit de confidentie die één van de verantwoordelijken voor de beveiliging van de ernstig bedreigde Wilders een keer in deze krant deed: Graus wilde óók per se beveiliging, want als ‘ze’ de eerste man van de PVV niet konden omleggen, zouden ze zeker bij hem terechtkomen, dacht hij. Dus kreeg Graus een alarmknop in huis, om 24 uur per dag de politie op te roepen. Bij de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid vonden ze het onzinnig, niemand wil Graus iets aandoen. Dus toen na een maand of vier de accu van zijn apparaatje op was, lieten ze het zo.  Graus heeft jaren een niet-werkende alarmknop gekoesterd; hij heeft het nooit geweten.

Maar hem enkel wegzetten als pias zou Graus tekort doen. Want Graus heeft in twaalf jaar Kamerlidmaatschap veel bereikt, vindt Graus zelf: een alarmnummer voor dieren, dierenpolitie, gevangenisstraf voor dierenbeulen. In De Groene Amsterdammer weidde hij onlangs uit over zijn veldwerk: ‘Ik stond bij de dansende beren en heb ’s nachts op stropers gejaagd. Ik heb dode dieren in mijn handen gehad, ik heb ze geroken, ik had bloed aan mijn handen en kleren. Ik ben de enige parlementariër uit de hele parlementaire geschiedenis die echt aan het front, waar de dieren worden mishandeld, heeft gewerkt.’

En nu staat Graus te boek als ordinaire sjoemelaar. Als kilometersmokkelaar, die vanuit zijn flat in Voorburg zou jokken dat hij bij zijn moeder in Heerlen woont, om de maximale woonwerkvergoeding voor Kamerleden te beuren. Als proleet die onverdiend gemeenschapsgeld in zijn zak steekt, terwijl zijn partij over bijstandsfraudeurs spreekt als waren het kakkerlakken, vooral als het ‘Turken’ of andere eenvoudig te identificeren burgers betreft.

Graus woont wél in Heerlen, zegt Graus. Dat de mensen daar hem nooit zien, komt doordat hij in vermomming rondloopt. Omdat hij permanent gevaar loopt.

Vermomming. Gevaar. Ik denk dat ze het hem nog steeds niet hebben verteld, van die fopalarmknop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.