WRR vergeet de ethiek

Ontwikkeling, en niet armoedebestrijding, moet weer centraal staan bij de ontwikkelingshulp stelt de WRR. Maar wat is dan ontwikkeling,

Het met spanning verwachte rapport van de WRR over ontwikkelingssamenwerking (OS) vormt een goed uitgangspunt voor een politiek en maatschappelijk debat over ontwikkelingssamenwerking. Het geeft namelijk een kritische maar evenwichtige bespreking van de hoofdlijnen van 60 jaar OS. In de kritiek worden niet eenzijdig de maatschappelijke organisaties op de schop genomen, maar worden, terecht, ook de bilaterale en multilaterale hulp niet gespaard. En men benoemt niet alleen wat mis gegaan is maar ook de positieve resultaten die voor mensen in diepe armoede werden bereikt.

Na veel eenzijdige en schreeuwerige kritiek die de afgelopen paar jaar over de OS-sector is uitgestort, is deze onderbouwde evenwichtigheid weldadig.

Discussie
Tegelijkertijd schuwt men niet om de sector en de plaats van de overheid daarin fundamenteel ter discussie te stellen. Een dergelijke discussie is nodig om aan de problemen die er wel degelijk zijn en aan de aanhoudende scepsis en kritiek in politiek en samenleving recht te doen. Want terecht signaleert het rapport dat de wereld sinds ontwikkelingssamenwerking in moderne zin begon (na WO II) drastisch is veranderd en dan vooral de laatste twee decennia. Het klassieke patroon van ‘rijk helpt arm met kapitaal en kennis’ heeft grotendeels afgedaan.

Daar zat veel goed bedoeld paternalisme in, maar het impliciete culturele superioriteitsgevoel dat er ook in zat (zit?) heeft ertoe bijgedragen dat er in OS heel wat is misgegaan.
Ik deel dan ook in algemene zin de conclusie dat we niet meer moeten spreken van ontwikkelingssamenwerking maar van mondiale samenwerking waarin iedereen wat te geven en wat te ontvangen heeft. De crises die we nu doormaken (economische, klimaat- en voedselcrisis) brengen allerlei schrijnende problemen in ontwikkelingssamenwerking aan het licht en zijn mede gevolg van een doorgeschoten westerse moderniseringsagenda.

Op dit punt constateer ik in het rapport een leemte. Het bespreekt wel de belangrijkste motieven voor ontwikkelingssamenwerking, maar doet daarover geen uitspraak. En het rapport pleit ervoor dat de mondiale samenwerking het begrip ontwikkeling weer centraler stelt. Maar van dat begrip geeft men geen nadere invulling terwijl juist een eenzijdig economische en technische invulling achtergrond vormt van veel problemen.

Keuzes
De WRR stelt tevens dat het nieuwe beleid waarin het ontwikkelingsperspectief in samenhang een plaats krijgt politieke keuzes vraagt. Niet alle belangen kunnen tegelijk gediend worden. Maar ook daarin maakt het rapport geen expliciete keuzes. Tegelijkertijd worden vergaande voorstellen gedaan over de wijze waarop de overheid vorm moet gaan geven aan de mondiale samenwerking.

Die voorstellen moeten nader bestudeerd worden, zeker. Maar in die nieuwe voorgestelde structuur liggen natuurlijk ook normatieve keuzen besloten al blijven die impliciet. Voor een WRR-rapport is dat misschien wel begrijpelijk, maar het betekent wel dat het rapport zelf een ethisch en politiek tekort kent. Dit vraagt om een verdergaand politiek en maatschappelijk debat. Niet alleen over de organisatorische vormen waarin de mondiale samenwerking gegoten moet worden, maar ook over de morele en politieke overtuigingen die eraan ten grondslag liggen.

Ongenoemd
Terecht ziet de WRR in de nieuwe structuur voor de mondiale samenwerking en in het debat erover ook voor maatschappelijke organisaties een belangrijke rol weggelegd. Een evenwichtige ontwikkeling kan niet zonder een krachtig ‘maatschappelijk middenveld’.
Opvallend hierbij is overigens dat de rol van religies en religieuze organisaties in de mondiale samenwerking, voor zover ik gezien heb, ongenoemd blijft. Tot die maatschappelijke organisaties behoren namelijk in het ‘Noorden’ maar vooral ook in het ‘Zuiden’ religieuze organisaties, waaronder kerken. Het is goed daar oog voor te hebben.

De ervaringen van Prismaleden tonen dat daarin ook een groot potentieel ligt om mensen te helpen zelf ‘eigenaar’ te worden van de ontwikkeling van hun samenleving. En alleen als dat gebeurt kan die ontwikkeling beklijven. Ik zie het rapport dan ook vooral als een goede start om het politieke en morele debat over arm en rijk, over rechtvaardigheid en duurzaamheid op landelijk en mondiaal niveau, en over de wijze waarop diverse betrokkenen daarin (samen)werken nu open en inhoudelijk voort te zetten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden