Opinie

'Wordt met klim uit recessie het ongelijk der Keynesianen bewezen?'

De positieve CPB-cijfers bewijzen vooral dat we nog steeds slecht zijn in voorspellen, zegt Wouter Bos.

Een vrouw bekijkt vacatures bij het UWV. Beeld anp

Daar waren ze dan. Eerst kwamen de terugkijkende cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek: we hadden een beter kwartaal achter de rug dan we dachten, de groei leek aan te trekken en ook op tal van andere economische terreinen leek er licht aan het eind van de tunnel.

Daarna kwamen de vooruitkijkende cijfers van het Centraal Planbureau: de groei zou volgend jaar hoger uitkomen dan eerder voorspeld, de koopkracht zou aantrekken, het financieringstekort zou lager uitvallen; zelfs op het meestentijds notoir calvinistisch zuinig geplooide gezicht van Jeroen Dijsselbloem bleek een glimlachje moeilijk te onderdrukken.

Deze toch vrij onverwachte, versnelde klim uit de recessie roept de vraag op of hiermee het ongelijk der Keynesianen wordt bewezen. Keynes beweerde dat juist in tijden van economische tegenvallers of krimp overheden schulden moesten maken, zodat overheidsbestedingen de economie op gang hielpen als huishoudens het niet konden.

Kapotbezuinigen
Het waren toch zijn volgers, hoogleraren als Jacobs, Engelen, Verbon, Van Wijnbergen en vele anderen, die stelden dat het kabinet de economie kapotbezuinigde? Dat bezuinigen de recessie zou verergeren en zo ongeveer het slechtst mogelijke beleid in deze tijden vormde? En kijk nou eens, het blijkt niet zo te zijn!

We zagen het in het Verenigd Koninkrijk dat al eerder na een forse bezuinigingsronde een fors economisch herstel inzette; de traditioneel Keynesiaans opponerende Labour Party in verbijstering achterlatend. En zien we hier nu niet hetzelfde, dat na fors ingrijpen fors herstel mogelijk is? Geldt omgekeerd zelfs niet dat zachte heelmeesters stinkende wonden maken (Frankrijk!) en dat diep snijden juist blijkt te lonen?

Het hoongelach is te begrijpen en de verwijten zijn ook niet helemaal misplaatst. Maar de cijfers bewijzen vooreerst en vooral dat we nog steeds heel slecht zijn in voorspellen. Dat wisten we al van vorige crises, maar dat zien we hier weer.

Sneller aantrekt
Een vuistregel is dat ten tijde van een crisis de economie altijd sneller inzakt dan het Centraal Planbureau denkt, maar ten tijde van herstel ook altijd weer sneller aantrekt dan het Centraal Planbureau denkt.
Het zal vast iets te maken hebben met de manier waarop moeilijk te modelleren vertrouwensfactoren juist in dat soort tijden een grote rol spelen bij het aanjagen of afremmen van de economie.

En ja, natuurlijk is het ook waar dat we nog maar moeten zien of het herstel doorzet en of we niet te vroeg juichen. En ja, het begrotingstekort wordt door veel meer beïnvloed (wereldhandel!) dan alleen begrotingsbeleid.

Maar dat is een bijna flauwe repliek op een kritiek die toch echt wel hout snijdt. Want geen van de Keynesianen zou, denk ik, de nu naar buiten gekomen cijfers bij dit beleid voor mogelijk hebben gehouden. En dat het begrotingsbeleid maar beperkte invloed op de economie heeft, is waar, maar betekent ook dat noch de positieve invloed van een tekort op de economische groei noch het negatieve effect van bezuinigingen op die groei overdreven moet worden.

Het probleem van de Keynesianen is volgens mij in dit debat dan ook vooral dat ze stelselmatig hebben miskend dat het beleid al zwaar Keynesiaans was. Er was bijvoorbeeld ondanks alle bezuinigingen al sprake van een acceptabel begrotingstekort van 3 procent. Dat kun je niet anders dan Keynesiaans noemen. Vervolgens werd de 3-procentsregel maar matig gehandhaafd, mocht Nederland allerlei softe begrotingsmaatregelen meetellen en bevindt de Nederlandse economie zich ook nog eens in een Europese omgeving (Frankrijk!) waar fors op schulden geleefd en besteed wordt. Om van de Amerikaanse door schuld en consumptie aangejaagde groei maar niet te spreken. Allemaal redenen om de huidige groei en budgetpolitiek juist als superKeynesiaans te kenschetsen.

Zou hier sprake kunnen zijn van een soort wet van de afnemende meeropbrengsten van Keynesiaans budgettair beleid? Dat de mogelijkheid van die eerste paar procent begrotingstekort belangrijker is dan de vraag of het tekort nog hoger mag zijn? Anders geformuleerd, dat het voor de economische groei belangrijker is dat er een tekort van 3 procent mag bestaan dan dat het schadelijk is dat het niet veel meer dan die 3 procent mag zijn?

Ik weet het niet. Maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de Keynesianen in dit debat ongelijk kregen omdat ze al gelijk hadden.
Jammer dat ze dat zelf niet zagen.

Wouter Bos is econoom en politicoloog.

 
Een vuistregel is dat ten tijde van een crisis de economie altijd sneller inzakt dan het Centraal Planbureau denkt, maar ten tijde van herstel ook altijd weer sneller aantrekt dan het Centraal Planbureau denkt.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden