Vrij Zicht Martin Sommer

Willen we over vijf jaar een verarmd, rancuneus Verenigd Koninkrijk, op een paar uur varen van Rotterdam? Ik dacht toch van niet

De chaos die een ‘no deal’ in Groot-Brittannië zal brengen is niet ons belang.

Taartje mevrouw May? Beeld Instagram van Tusk

In de Haagse wandelgangen zei een collega-journalist over de Britten en hun Brexit: schop onder de kont en wegwezen. De ­Europese top in Salzburg van ­vorige week was daarvan de nette variant. EU-president Tusk bood Theresa May een taartje zonder kers aan. Anders gezegd, hou eens op met jullie irreële onderhandelingsvoorstellen. De intellectuele versie stond in de NRC, een ingezonden stuk van Luuk van Middelaar en Monika Sie van de Adviesraad Internationale Vraagstukken AIV. ‘Vaarwel Britten, het is tijd voor een nieuw Europa’, stond erboven.

Die kop geeft de stemming onder Haagse weldenkenden goed weer. Lees het bijbehorende AIV-rapport. Daaruit stijgt op dat de Britten ons altijd hebben bedonderd. Je kunt wel met ze ­lachen maar jij betaalt de rondjes. We hielpen ze lid worden van de EU, destijds de EEG. Maar stank voor dank, Nederland wilde verdere integratie terwijl de Britten niets anders ambieerden dan een vrije markt. Nu moeten ze op de blaren zitten en trekt de Europese karavaan verder, en gaat Nederland op zoek naar nieuwe vrienden.

Dat schrijft de AIV. Als je het mij vraagt, overschreeuwt hier een afgewezen minnaar zijn tranen. Is het ook verstandig om de Britten zo van ons af te duwen? Theresa May heeft zich in Salzburg verslikt in haar eis dat de Britten vrije toegang tot de Europese markt houden. Zoals zij zei, het is ‘Chequers’ of niets. Dat viel verkeerd bij de andere regeringsleiders, en nu is er een geredee kans op een ‘no deal-Brexit’. Morgen hebben de Conservatieven hun congres. Wie weet is er overmorgen geen premier May meer. Iedereen kan zien dat er aan de overzijde van Het Kanaal chaos heerst. Maar om daar een nog grotere chaos van een ‘no deal’ aan toe te voegen, is beslist niet in ons belang.

Dat de onderhandelingen zouden vastlopen op de Britse wens van vrijhandel en verder niets, viel te voorspellen. De kern van de EU is nu eenmaal een enorme stapel regels die de lidstaten een gelijk speelveld moeten opleveren. Een open markt betekent harmonisatie. Oud-EU-commissaris Bolkestein vertelde me ooit dat men zich bij het openstellen van de Europese markt niet heeft gerealiseerd hoe ingrijpend het gelijktrekken van wetten en regels zou zijn. De harmonisatie voert zover dat zelfs nationale verschillen in de duur van het zwangerschapsverlof worden beschouwd als concurrentievoordeel of -nadeel. De verschillen tussen lidstaten zijn intussen meer gladgestreken dan die tussen de staten van de VS. Precies dat was ook de reden waarom de Britten niet verder wilden: eigen wetten eerst.

Vandaag de dag wordt de gelijk­schakeling in de hele EU als een korset gevoeld en bewijst iedere bestuurder lippendienst aan verschillen , variatie of diversiteit. Maar als puntje bij paaltje komt, is een uur vroeger of ­later op de klok al een bijna onover­komelijke hindernis. En nu willen de Britten eruit en toch aan de markt meedoen. Uitgesloten, zeggen de ­bureaucraten. Maar de toekomst van de verhouding met het Verenigd ­Koninkrijk is natuurlijk in de eerste plaats een politiek vraagstuk.

Dat blijkt uit de opstelling van de Franse president Macron, die in Salzburg het meest onbuigzaam was. ‘Brexit kan niet pijnloos zijn, we kunnen vertrekkers niet belonen’, zei een Franse diplomaat in de Financial ­Times. De verklaring van die krant was dat het hier niet ging om de regels, waar de Fransen zelf ook liberaal mee omspringen. Macron kan zich geen soepelheid veroorloven. Zijn populariteit is ingestort en als de Britten er redelijk uitspringen, zal Marine Le Pen er als de kippen bij zijn om te roepen dat er heus leven is na de EU.

Ook andere landen, lees Denemarken, mogen niet in de verleiding ­komen om op te stappen. Vandaar het gehamer op de EU als één combinatiemenu waar geen gerecht apart mag worden besteld. Ik vind dat een levertraanredenering: het is vies maar zo goed voor je. Je mag toch veronderstellen dat landen lid zijn van de EU omdat ze dat willen, er voordeel in zien en erin geloven. Kennelijk is men daar in de omgeving van onderhandelaar Barnier en EU-president Tusk zo weinig van overtuigd, dat twijfelaars met dreigementen binnenboord gehouden moeten worden.

Zo is het voor de EU verleidelijk om de Britten in hun sop te laten gaar­koken. Dat vindt ook de bovengenoemde adviesraad AIV, die schrijft ‘dat een tegenstribbelend, in zichzelf gekeerd Verenigd Koninkrijk niet onze juiste bondgenoot is. Nederland zoekt andere partners.’ Dat klinkt stoer maar is lichtzinnig, en het lijkt verontrustend veel op de tijd voorafgaand aan het referendum. Ook toen dacht men dat het allemaal wel los zou lopen, onze Mark Rutte voorop.

Mark Rutte Beeld AFP

In het boek Unleashing demons – The inside story of Brexit (2016) van Craig Oliver staat hoe Rutte kort voor het referendum binnenviel op Downing-street 10, neerplofte op een sofa en zelfverzekerd riep dat de Britten veel te conservatief waren om zich in radicale avonturen als een Brexit te storten. Zijn gesprekspartners vonden dat toen al ‘gevaarlijk luchthartig’ en een bewijs te meer dat de Europese leiders ‘een elektrische schok’ nodig hadden om wakker te worden.

Nu zijn we twee jaar verder en dreigt een no-deal-Brexit. Misschien is de EU dan heel tevreden met zichzelf. Maar anders dan de Adviesraad AIV denkt, is dat land pal voor onze deur daarna niet verdwenen. Nog afgezien van onze handelsbelangen: willen we over vijf jaar een verarmd, rancuneus, door en door anti-Europees Verenigd Koninkrijk, op een paar uur varen van Rotterdam? Ik dacht toch van niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.