Opinie opvoeding

Wij hebben tenminste werkelijk contact met onze kinderen – dat kunnen de Belgen niet zeggen

Met de nadruk op het straffen van kinderen zijn we weer terug aan het begin van de vorige eeuw met opvoedidealen als blinde discipline, orde en tucht. En dat gaat ten koste van werkelijk contact, betoogt psycholoog Steven Pont.

Moeder en zoon aan de keukentafel. Foto Iris Loonen / HH

Met enige verbazing heb ik het interview met de Belgische hoogleraar klinische psychologie Paul Verhaeghe  gelezen (Ten Eerste, 6 september). Hij doet daar uit de doeken wat volgens hem het woord ‘autoriteit’ voor de Nederlandse manier van omgaan met kinderen betekent. En hij trekt daarin nogal van leer. Allereerst stelt hij dat het woord bij ons vooral wordt geassocieerd met een fascistoïde opvoeding. Nu weet ik niet waar Verhaeghe deze wijsheid vandaan haalt, maar ik denk dat er maar heel weinig Nederlandse ouders zijn die bij het woord ‘autoriteit meteen aan fascisme denken, laat staan aan een fascistoïde opvoeding. Even later stelt hij trouwens zelf dat kinderen door hun ouders een ‘vrijwillige onderwerping dient te worden aangeleerd. Eerlijk gezegd had ik toen pas die associatie met het fascisme.

Verder stelt hij dat veel Nederlandse kinderen hun ouders bij de voornaam aanspreken. Dat kan dus niet, zegt hij. Huh? Kan niet? Ja hoor, dat kan best. Je kunt in de Nederlandse cultuur een autoriteitsfiguur zijn én bij je voornaam worden aangesproken. Net zoals je iemand waartegen je ‘u zegt een drol kunt vinden waar je geen enkel ontzag voor hebt.

Honderd jaar pedagogiek voor niets

Tot slot – ik kan nog wel even doorgaan, maar wil mijn eigen punten ook nog even maken  stelt Verhaeghe: ‘Als een kind problemen veroorzaakt, moet de leraar dat bestraffen’. En zo zijn we weer terug aan het begin van de vorige eeuw met opvoedidealen als blinde discipline, orde en tucht. We vragen ons in het onderwijs niet langer af waarom een kind eventueel problemen veroorzaakt, straf moeten ze krijgen. Jammer, honderd jaar pedagogiek helemaal voor niets geweest. Nu blijkt Verhaeghe zelf zijn kleinkinderen in overleg met zijn dochter ook te straffen, dus straf ligt wat dichter bij zijn eigen pedagogische idealen, maar toch. Ik had van een vooraanstaand psycholoog anders verwacht. Zoals van Alfred Lange bijvoorbeeld, Nederlands emeritus hoogleraar klinische psychologie, van wie ik leerde dat straffen in de opvoeding soms misschien onvermijdelijk is, maar dat je niet moet denken dat je dan nog de schone kunst van het opvoeden aan het beoefenen bent. Verhaeghe en Lange hebben dezelfde professionele achtergrond, dus vanwaar dit verschil? Het is cultureel.

In Nederland hebben wij namelijk het opvoedideaal dat we graag in nauw contact met onze kinderen staan. We willen graag dat ze hun zorgen en problemen met ons delen en dat we beschikbaar voor ze zijn als er iets speelt. Voor dat streven leveren we iets in, namelijk dat onze kinderen niet onmiddellijk in de houding springen als we binnenkomen. In de autoritaire opvoeding springen ze wel in de houding, maar daar hebben ze dan weer een geheel eigen en geheim leven waar de ouders geen weet van hebben. Van werkelijk contact met de ouders is nauwelijks sprake. En dat heeft natuurlijk ook weer consequenties. Dr. Laura Markham, Amerikaans klinisch psychologe en auteur over het onderwerp, zegt daar bijvoorbeeld over: Strenge ouders ontnemen hun kinderen de kans op het aanleren van zélfdicipline, omdat alle controle en besluiten dan bij de ouders liggen. Daar ga je met je vrijwillige onderwerping.

 ‘Meer gedresseerd, dan opgevoed’

Verhaeghe kijkt met de Belgische bril naar de Nederlandse realiteit. Dat heb ik omgekeerd ook wel eens gedaan en met een aantal Belgen over hun opvoeding gesproken. En het trof me eerlijk gezegd hoe weinig zij – ook op volwassen leeftijd  werkelijk met hun ouders deelden. Ik kreeg zelfs het idee dat ouders en kinderen elkaar helemaal niet zo goed kenden. ‘Ik ben meer gedresseerd, dan opgevoed’, zei er eentje, ‘en mijn ouders hadden geen idee wat er werkelijk binnen mij leefde’. En de rest begreep meteen wat ze daarmee bedoelde.

Dus ja professor Verhaeghe, wij hebben wellicht wat meer conflicten met onze kinderen, ze zijn misschien ook wat eigenwijzer dan kinderen elders in de wereld zijn en we leren ze autoriteit niet klakkeloos te volgen of zich daaraan blind te onderwerpen. En daar betalen we inderdaad een prijs voor, namelijk een constant sluimerend gevoel van onmacht. En daar worstelen we mee, elke dag weer en soms weten we het inderdaad gewoon even niet meer. Maar het levert ons ook allemaal wat op, namelijk werkelijk contact met onze kinderen.

Steven Pont is psycholoog en therapeut. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.