Opinie

Wie zit er in Brazilië te wachten op het 'feest' van de Olympische Spelen?

Het groeiende ongemak over het peperdure topsportevenement verdient serieuze aandacht.

Studenten in Rio demonstreren voor beter onderwijs en tegen de geldverslindende Olympische Spelen. Beeld ap

Sportkijker, bent u daar nog? De Olympische Spelen in Rio de Janeiro zijn begonnen! Niet tot ieders tevredenheid worden deze OS in de media opgediend als het copieuze slotmaal van een overvloedige 'sportzomer', waarin sportprestaties worden uitvergroot tot kwesties van landsbelang.

Kijken naar de OS is geen eenvoudige klus. Hoe gaan we kijken, wat en wanneer? Vanaf welke leeftijd kun je tegen een kind zeggen: sta op in de nacht om Dafne Schippers te zien, want na 1948 hebben we zoiets niet meer meegemaakt? Maar hamvraag is vooral: waar kijken we eigenlijk naar?

Gezien de groeiende rol van overheden in de jacht naar medailles kan niemand nog betogen dat de Olympische Spelen een apolitiek sportfeest zijn. Het halfslachtige besluit na het aantonen van Russische staatsbemoeienis met dopinggebruik illustreert weer eens dat niet in laboratoria, maar aan politieke tafels wordt besloten over de grens tussen 'schoon' en 'vervuild'. WADA is onderdeel geworden van de pr-machine van de topsport, om het imago van eerlijke sport hoog te houden.

Olympische medailles zijn zaken van landsbelang. Steeds meer overheden stellen zich actief op bij het stimuleren en propageren van topsport als een publiek goed. Die toenemende overheidsbemoeienis is niet vanzelfsprekend, gezien de wereldwijde bestuurlijke crisis in de topsport. Achter de façade van prestaties en medailles gaat een wereld schuil waarin corruptie, moderne slavernij, doping en matchfixing genormaliseerde verschijnselen zijn. Waarom nog steun bieden aan een dergelijk systeem?

Toenemende trots

Steeds explicieter worden investeringen in topsport in verband gebracht met nationale trots. Het idee dat sport gebruikt kan worden voor het opvijzelen van onze nationale trots en internationale reputatie is gestoeld op de aanname dat zulke gevoelens zich van overheidswege laten sturen. Dat is opvallend, omdat er geen aanwijzingen zijn dat topsportsuccessen een blijvende invloed hebben op nationale trots. Uit onderzoek blijkt dat zolang een wedstrijd of sportevenement als de Olympische Spelen aan de gang is, er een lichte toename van trots is te bespeuren. Het effect is beperkt in duur en omvang. Sport dient eerder als uitlaatklep dan als vliegwiel voor nationale gevoelens. De trots die in verband wordt gebracht met een plek op de medaille-index, is uiterst kortstondig en vrijwel verwaarloosbaar (wie weet de Nederlandse notering van Londen nog?). Vreugde over plek tien in een medaille-index zal niet snel op straat worden gevierd.

Naast de nationale investeringen in medailles worstelen overheden met de vraag hoe de miljarden voor het gehele feest te legitimeren zijn. Hoewel de kosten voor Rio relatief gezien meevallen (4,1 miljard euro en 'slechts' 51 procent meer dan begroot), is er een groeiend ongemak over massale verkwisting en het selectieve profijt. Het wordt tijd dat we dit ongemak serieus nemen en serieuzer werk maken van de nalatenschap van de Spelen.

'Feestargument'

Wat is die Olympische nalatenschap? Aan constructieve ideeën over meer duurzame en meer verantwoorde vormen van organisatie is geen gebrek. Er zijn ideeën genoeg, van stadions als mobiele en duurzame knutseldozen tot energieopwekkende en voor iedereen toegankelijke sporthallen. Er is ook steeds meer wetenschappelijke aandacht voor duurzame vormen van organisatie (zie het deze week in Nature verschenen Scholarly Olympics: How the games have shaped research). Willen de OS ook op begrip kunnen rekenen bij de niet-zo-in-sport-geïnteresseerde (een soort om mee rekening te houden), dan zal er veel meer moeten gebeuren met de innovatieve ideeën.

Het grote publiek laat zich steeds lastiger overtuigen door het voorgeschotelde beeld dat de OS slechts goede dingen brengen voor het gastland. Dat wordt geïllustreerd door het aantal kandidaatsteden dat zich terugtrekt uit de race om de Spelen te organiseren. Bij gebrek aan overtuigende, zakelijke argumenten om de Spelen te organiseren, wordt steeds vaker een 'feestargument' van stal gehaald. De OS zijn een mooi feest en dat mag wat kosten.

Maar ook deze legitimering van de feestende gastheer/vrouw is aan erosie onderhevig. Wie zit er in Brazilië te wachten op een feest? Tweederde van de bevolking is tegen, en een nog groter deel van de bevolking is niet eens in staat om het 'eigen feest' bij te wonen. Er worden alternatieven bedacht om niet alleen het organiserende land op te laten draaien voor de kosten. Maar die bijdragen hebben voornamelijk een symbolisch karakter. Steun aan een school of het aanleggen van een sportveld klinkt sympathiek, maar zet dat zoden aan de dijk in dit land? Sport biedt enorme mogelijkheden voor het creëren van maatschappelijke kansen. In Brazilië is het echter al een hele opgave om kinderen de hele dag op school te krijgen. Hoe belangrijk de Goddelijke Kanaries ook zijn voor Braziliaanse kinderen, sport blijft in veel gevallen een luxeproduct.

Laat ieder land en IOC- lid daarom nu eens een substantieel percentage van het sportbudget bijdragen aan een serieus te nemen nalatenschap. Het zou tegenwicht kunnen bieden aan het beeld van de zwerm sprinkhanen die vrolijk komt feesten, het land laat opdraaien voor de kosten, en het hongerige vizier alweer op Tokio heeft gericht.

Ivo van Hilvoorde is lector (Windesheim) en docent bewegingswetenschappen (VU).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.