Column Daniela Hooghiemstra

Wie verworvenheden afdoet als privileges, doet de vrije samenleving geen recht

In het zwart-witdebat bracht politicoloog Eric Kaufmann, auteur van het boek Whiteshift onlangs goed nieuws: door rassenvermenging komt er een ‘beige’ mens aan, die het zwart-witconflict zal doen verdwijnen.

Tot pakweg tien jaar geleden werd in Nederland bij de kleur van iemands huid niet zo stilgestaan. Een huidtint registreerde je, net als iemands kapsel, lichaamslengte en gewicht, zoals je onbewust ook altijd meteen een schatting naar leeftijd maakt. Meteen daarna gaat de aandacht uit naar hoe iemand spreekt. De Limburgse zangerigheid maakt mij altijd licht duizelig, Zeeuwen geven mij het gevoel dat ik zelf juist te weinig concreet ben en overal merk ik dat mijn kennelijk ‘bekakte’ tongval in eerste instantie soms vervreemding wekt. Maar met goede wil is dat allemaal overbrugbaar en in mijn tijd als buitenlander in Spanje leerde ik ook dat het spreken van dezelfde taal voor een gevoel van verwantschap niet per se noodzakelijk is, zeker niet als het om de andere sekse gaat.

Kleur was voor zover ik mij kan herinneren, hoe dan ook nooit onderwerp van debat. En ja, ik was dus ook een van die kinderen die Zwarte Piet altijd associeerde met een schoorsteen, in plaats van met het koloniale verleden.

Het multiculturele debat in Nederland richtte zich hoofdzakelijk op cultuurverschillen, met name op die met Marokkanen en Turken, voor zover hun religieuze en politieke opvattingen indruisten tegen Nederlandse waarden, en zij in de statistieken van sociale dienst en criminaliteit oververtegenwoordigd waren. Juist de wat huidskleur betreft letterlijk meest ‘zwarte’ bevolkingsgroepen in Nederland, speelden in dat debat, dat met de opkomst van Pim Fortuyn een fellere dimensie kreeg, nauwelijks een rol. De Somalische Ayaan Hirsi Ali stond hierin zelfs aan wat wij tegenwoordig de ‘witte’ kant zouden noemen.

De nadruk op kleur kwam pas jaren later overwaaien uit Amerika. Daar was de scheiding zwart-wit een cultuurhistorisch diep verankerde kwestie: door de slavernij in het zuiden, de Amerikaanse burgeroorlog en de rassenwetten en -rellen in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw.

Dergelijke zwart-witconflicten zijn op Nederlandse bodem niet uitgevochten. De aandacht ging hier sinds 1945 uit naar een ander trauma: de moord op zes miljoen mensen op grond van hun joodse afkomst. Mede door die massamoord werd het onderscheid op grond van ras niet alleen wettelijk verboden, maar gold dit in de naoorlogse jaren ook als streng maatschappelijk taboe.

De vermeende harde tegenstelling tussen zwart en wit zoals die door sommige columnisten en activisten de laatste tijd wordt voorgespiegeld, doet niet alleen geforceerd en oneigenlijk aan, maar leidt ook de aandacht af van waar de multiculturele spanningen in Nederland in werkelijkheid over gaan: sociaal-economische ongelijkheid.

De één bereikt meer dan de ander, dankzij een rijkere achtergrond, eigen talent, of een combinatie van beide. Anders dan in de negentiende-eeuwse klassensamenleving, kan welvaart tegenwoordig binnen één generatie ontstaan. Juist in een vrije maatschappij waar gelijke rechten gelden, waar iedereen elkaar tegenkomt, op school, op het werk, of op het sportveld, vallen de sociale verschillen die er desondanks zijn, op. Doordat migranten uit arme (oorlogs)gebieden met een andere taal en een andere cultuur in Nederland opnieuw moeten beginnen, worden de verschillen ook steeds groter.

Maar wie verworvenheden afdoet als ‘privileges’, doet de vrije samenleving geen recht, het succes van die samenleving is van het vermogen om te verwerven namelijk juist afhankelijk.

Ook is niemand erbij gebaat als ‘witte’ mensen schuld aan gepraat wordt over het verleden. Alle geschiedenis, waar ook ter wereld, is bloedig en misdadig. Of je nu Nederlander bent, Surinamer, Koerd,Turk, Hutu of Tutsi, in een diverse samenleving moet ieder individu binnen de context van zijn geschiedenis in zijn eigen waarde gelaten kunnen worden. Elkaar op grond van afstamming bestrijden, leidt bovendien de aandacht af van de echte vraag: hoe in een land dat zo aantrekkelijk is, een welvaartsstaat overeind gehouden kan worden. Hopelijk komen de ‘beige’ mensen snel om dat gezamenlijk op te lossen.

Daniela Hooghiemstra is journalist en historica.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden