column Bert Wagendorp

Wie op 1 januari wakker werd en aan Oranje dacht, zag het duister in

Bert Wagendorp blikt terug op dingen die in 2018 anders gingen dan algemeen was verwacht. Tja, hoe stond het ervoor, met Oranje, die eerste januaridag van 2018?

Beeld Eva Roefs

Niet al te best. 

De verschrikkelijke dreun van het Stade de France te Parijs (kansloze 4-0) galmde nog na. Oké, er waren na de uitschakeling voor het WK in Rusland twee oefenpotjes gewonnen, maar dat was tegen Schotland en Roemenië, daar werd je ook niet meteen door opgevrolijkt.

Nee, wie op 1 januari wakker werd en aan Oranje dacht, zag het duister in. Voor de nabije toekomst, maar ook voor de verre. Misschien zelfs wel voor altijd. Triest, katerig ontwaken in een derderangsvoetbalnatie. Een halve eeuw, zeg maar sinds de eerste Europa Cup I-finale van Ajax, waren we (met ups en downs) een groot voetballand geweest, maar nu konden we niet eens meer winnen van IJsland.

De laatste grote generatie had afscheid genomen (Robben, Sneijder, Van der Vaart, Van Persie) en er was in de verste verte geen nieuwe grote generatie te bekennen, niet eens een grote generatie van één speler. De voetballiefhebber troostte zich die eerste januari met de gedachte aan het Nederlands vrouwenelftal, verder heerste een diepe depressie.

In oktober 2017 was Ronald Koeman ontslagen bij Everton. Er werden gesprekken gevoerd tussen hem en de KNVB over het bondscoachschap. In februari kwam het bericht: Koeman deed het. Dat was een wonder. Welke eer viel er voor hem te behalen? Hij zei dat hij optimistisch was, maar dat zeiden nieuwe trainers altijd.

De eerste wedstrijd onder Koeman, tegen Engeland, ging verloren. Daarna volgden twee zeges en twee gelijke spelen - geen resultaten die wezen op een ommekeer. Op 9 september verloor Oranje in de eerste wedstrijd om de Nations League met 2-1 van Frankrijk - inmiddels wereldkampioen. Dat was beter dan 4-0, veel meer viel er niet over te zeggen.

En toen won Nederland op 13 oktober met 3-0 van Duitsland, speelden we gelijk tegen de Belgen, versloegen we Frankrijk en hielden we Duitsland uit op 2-2. Een golf van opwinding voer door het land en de kolommen: we hadden het weer. Wat? Dat ondefinieerbare, dat je-ne-sais-quoi, dat… (vingerknip), dát dus.

We hadden het geloof in Oranje teruggevonden. En daar waren maar vier wedstrijden voor nodig geweest, waar-onder één echt goede. Zo snel kan het gaan, met het herwinnen van de hoop, vijf magische weken volstaan.

Er kwam opeens ook een grote generatie aan.

We zijn nú al favoriet voor het EK van 2020!

Koeman, zei de analist Rafael van der Vaart, heeft een gouden pik. Misschien was dat het. De gouden pik geldt in het voetbal als een toverstaf, als een niet te onderschatten wapen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden