Opinie

Wie komt op voor de duinrand?

De landgoederen in het duinrandgebied moeten onder de hoede komen van een aparte dienst op provinciaal niveau.

Een echtpaar laat de hond uit in de duinen van het strand van Bloemendaal. Beeld anp

Een paar dagen nadat ik was aangetreden als fractievoorzitter van GroenLinks in Bloemendaal stopte een Maserati naast mij op de weg waar ik mijn honden uitliet. Het was een landgoedeigenaar, die zich begon te beklagen over het gebrek aan medewerking van de gemeente bij het realiseren van zijn plannen. Wat die plannen precies waren bleef in het vage, maar ze waren van een bijzonder hoog gehalte en zouden de kwaliteit van het landgoed zeker ten goede komen.

De eigenaar van de Maserati, die ik als hondenbezitter kende, vertelde mij sterkte staaltjes van de traagheid van het gemeentelijk bestuur en de stroperigheid van de besluitvorming. Hij was, zo verzekerde hij me, uit een beschaafder hout gesneden dan de gebroeders Slewe van het landgoed Elswoutshoek. Maar ook bij hem zou er een eind komen aan zijn geduld.

Na een discussie van 20 minuten wist ik een tipje op te lichten van de sluier waaronder de prachtplannen voor zijn landgoed schuilgingen. Hij wilde op zijn landgoed graag zes luxe appartementen bouwen voor bejaarde Bloemendalers. Om dat te realiseren was slechts een aantal kleine verschuivingen nodig in de functiebestemming van de opstallen op het landgoed. Hij begreep niet goed waarom deze wijziging in het bestemmingsplan nog steeds niet goedgekeurd was.

Bloemendaal telt, afhankelijk van de definitie, 14 tot 17 landgoederen. Die landgoederen zijn destijds, een, twee- of driehonderd jaar geleden, ingericht door steenrijke handelaren uit Amsterdam. Die landgoederen tellen, naast een landhuis een aantal bijgebouwen: vaak een huis voor de jachtopziener, een paar huisjes voor arbeiders, stallen, een theehuisje en soms een orangerie.

Meindert Fennema was fractievoorzitter van GroenLinks in Bloemendaal. Beeld .

Veel geld

Vaak is het huis van de jachtopziener al afgesplitst en voor veel geld verkocht. De arbeidershuisjes zijn vaak slecht onderhouden en worden voor heel weinig geld verhuurd aan oude mensen die daar al een halve eeuw wonen. Ook het landhuis is vaak slecht onderhouden.

In het bestemmingsplan van de gemeente Bloemendaal staat dat er op die landgoederen niet gebouwd mag worden. Ook bestemmingen mogen niet gewijzigd worden. Het is dus niet toegestaan om van een oude stal een woonboerderij te maken of van de arbeidershuisjes ecobungalows.

Dat mag niet alleen niet van de gemeente Bloemendaal, het mag ook niet van de provincie. De overheden willen de landgoederen beschermen, omdat zij een uniek landschap vormen en een cultureel patrimonium.

Onderhoud

Om die reden zijn die landgoederen relatief goedkoop. Voor 5- tot 10 miljoen koop je er een. Maar dan komt het: het moet onderhouden worden, er is vaak achterstallig onderhoud. Het landhuis is vaak te groot voor bewoning van een modern kerngezin. Degenen die zo'n landgoed kopen zijn vaak projectontwikkelaars die in het vastgoed rijk geworden zijn. Zij willen het landgoed aanpassen aan de eisen van de tijd en hebben daarbij vaak toestemming nodig van de gemeente. Als ze die niet krijgen, worden ze boos en schakelen ze advocaten in, bestoken ze de gemeenteraadsfracties en benaderen de pers. Een rel is gauw geboren: daar leeft het Haarlems Dagblad van.

In de afgelopen jaren hebben zich in Bloemendaal een reeks van schandalen voorgedaan rond eigenaren van landgoederen. Alle Bloemendalers kennen de naam van Luigi Prins, eigenaar van Lindenheuvel, die illegaal bouwde op zijn eigen landgoed; zij kennen ook de namen van de gebroeders De Jong, eigenaars van Schapenduinen, die met elkaar in een juridisch gevecht raakten toen de buit verdeeld moest worden. Maar de gebroeders Hans en Rob Slewe, die het landgoed Elswoutshoek bezitten, vormen een paar apart en hebben inmiddels landelijke bekendheid gekregen.

Bestemmingsplan

Zij hebben het landgoed gesplitst en Hans wil op zijn deel een tweede huis bouwen. Dat zij door de gemeente Bloemendaal worden tegengewerkt, staat buiten kijf.

Volgens het bestemmingsplan mag er op hun landgoed namelijk niet gebouwd worden. De bouwvoorschriften die in de ecologische hoofdstructuur gelden, worden in het grote interview met de Slewes in de Volkskrant van 29 september echter niet genoemd.

Wel wordt geconstateerd dat het dossier Elswoutshoek symptomatisch is voor de Bloemendaalse politiek. Ik denk dat dat juist is. Een kleine gemeente als Bloemendaal kan administratief, politiek en juridisch niet op tegen vastgoedondernemers van het type Luigi Prins en Hans Slewe.

Rodebroekengemeente

Dat komt ook omdat Bloemendaal door de buitenwacht gezien wordt als een rodebroekengemeente; als een gemeente waar het oude geld regeert en nieuwkomers worden geweerd.

De Slewes maken daar handig gebruik van. Waar het in werkelijkheid om zou moeten gaan, is de bescherming van onze ecologische hoofdstructuur. Dat een deel van de Bloemendaalse raad dat probeert te doen, siert hem, maar het zal waarschijnlijk niet lukken. En het leidt in ieder geval tot een hoop bonje.

Zolang het beheer van het duinrandgebied de verantwoordelijkheid blijft van kleine gemeentelijke diensten die niet toegerust zijn om weerstand te bieden aan het financiƫle, juridische en politieke geweld van grote vastgoedjongens zal de politieke crisis in Bloemendaal voortwoekeren.

Een oplossing zou kunnen zijn dat een aparte dienst op provinciaal niveau deze landgoederen onder zijn hoede neemt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.