OpinieNachtleven

Wethouders grote steden: laat het nachtleven geen stille dood sterven

Omdat talentontwikkeling in de nachtcultuursector stilstaat en velen zich laten omscholen, gaat creatief kapitaal en talent verloren, waarschuwen wethouders uit Amsterdam, Rotterdam en Utrecht.

Betere tijden (voor de coronapandemie): disco in De Balie te Amsterdam.Beeld Hollandse Hoogte / Amaury Miller

Het coronavirus houdt Nederland langer in de greep dan we in maart konden voorzien. Het kabinet kondigde vorige week aan dat een aantal sectoren gelukkig deels weer open kunnen. Maar het blijft stil rond één sector die sinds maart gesloten is en naar verwachting gesloten blijft tot er een vaccin is: de nachtsector. Clubs en poppodia zijn al meer dan acht maanden gesloten, maar lijken nauwelijks op de radar als het gaat om noodsteun en aandacht. Terwijl er veel mensen werkzaam zijn in de nachtcultuur en het dé plek is voor ontmoeting, ontlading en ontdekking.

De nachtsector is een branche van belang voor de Nederlandse economie. Zo is alleen al de exportwaarde van de dance-industrie meer dan 150 miljoen euro per jaar. De nacht is van groot belang voor de aantrekkelijkheid van onze binnensteden en voor velen ook een belangrijk onderdeel van hun leven. Het is een zorgvuldig opgebouwde infrastructuur van makers, artiesten, performers en kunstenaars, licht-technici, agentschappen, bookers, stage-bouwers en ontwerpers, programmeurs en grafisch ontwerpers. Elke Nederlander kan ervan genieten: er worden veilige plekken ingericht voor jongeren, liefdes gevonden, uitlaatkleppen ontdekt, samenwerkingen aangegaan en nieuwe kunstvormen verkend. In de nacht vind je voorlopers en (sub)culturen die overdag nog geen plek hebben.

Begin september verenigde het nachtleven zich op het Museumplein in Amsterdam. De boodschap: ons werk, passie, netwerk en uitlaatklep staan op het spel. We houden het op deze manier niet veel langer vol. Kennis en expertise gaan verloren, talenten gaan noodgedwongen iets anders doen en het vooruitzicht is nog steeds bedroevend.

Tussen wal en schip

De nachtsector genereert een hoog percentage eigen (publieks-)inkomsten. Het zijn grotendeels niet-gesubsidieerde instellingen, waardoor ze niet in aanmerking komen voor de steunpakketten voor de culturele sector en zo tussen wal en schip vallen. In het nachtleven zijn veel zzp’ers werkzaam: dj’s, makers en kunstenaars, technici en programmeurs. Zij kunnen slechts deels of niet gebruik maken van de Tozo en hebben geen inkomsten meer.

Noodgedwongen moeten ze op zoek naar ander werk. De talentontwikkeling is tot stilstand gekomen, velen overwegen om zich te laten omscholen. Hiermee gaat veel creatief kapitaal en talent verloren.

De gemeenten Amsterdam, Rotterdam en Utrecht ondersteunen de nacht waar ze kunnen.

Inmiddels is er meer bekend over het tweede steunpakket voor de culturele sector vanuit het Rijk. Een mooi pakket, dat een belangrijk deel van de culturele sector voorlopig overeind zal houden. Een gekoesterde wens van ons is erin verwerkt: een deel, 150 miljoen euro voor alle gemeenten, is gereserveerd voor gemeenten om naar eigen inzicht in te zetten. Het is nog niet duidelijk hoe de middelen precies verdeeld kunnen worden, maar we willen hierbij nadrukkelijk ook kijken naar steun voor de nachtcultuur.

Nachtvisie

Daarnaast ontwikkelen Amsterdam en Rotterdam een nachtvisie, waarin rekening wordt gehouden met de gevolgen van corona. Ook Utrecht onderzoekt die mogelijkheid. Met een nachtvisie willen we de positie van de nachtcultuur in de steden vastleggen en een prominentere rol geven in het gemeentebeleid.

We denken nu mee met de sector over wat er straks hopelijk wél weer kan. Bijvoorbeeld over de mogelijkheden voor grote en veilige (buiten)locaties voor nachtprogrammering. Zodat als er versoepelingen komen, er een plan klaar ligt waarmee we snel aan de slag kunnen en de sector zo spoedig mogelijk kan beginnen met herstel.

We pleiten vanuit Amsterdam, Rotterdam en Utrecht voor meer aandacht, erkenning en het op waarde schatten van de kracht van de nacht vanuit het Rijk.

Het is van groot belang dat de sector meer perspectief en steun wordt geboden, anders vrezen we een onherstelbaar verlies van de nachtcultuur. De verwachting is dat de clubs pas open kunnen als er een vaccin is, daarom is een steunpakket op maat voor de nacht een logische volgende stap.

We roepen het Rijk op om zich ook hard te maken voor de nacht en heel Nederland om zich achter onze oproep te scharen. Voor de kunstenaars, de organisatoren, de creatieven, de genieters, iedereen die een uitlaatklep zoekt en degene die thuis van muziek genieten. De economie, cultuur en sociale interactie stoppen niet om 00.00 uur, voor velen begint het dan pas.

Touria Meliani is cultuurwethouder in de gemeente Amsterdam, Anke Klein in Utrecht en Said Kasmi in Rotterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden