ColumnSylvia Witteman

Wegwerpmondkapjes zijn volkomen ongeschikt om je doos mee af te drogen

Eigenlijk hééft het ook wel iets, zo’n mondkapje. Net als een zonnebril bedekt het een deel van je gezicht, en dat is prettig als je verlegen van aard bent. En voor vrouwen die juist graag opvallen scheelt zo’n masker ongetwijfeld veel tijd: je hoeft alleen je ogen nog maar op te maken, en die springen er dan, door de bedekking van neus en mond, extra mooi uit.

Actrice Nazmiye Oral, bijvoorbeeld, ziet er bepaald sprookjesachtig uit met haar centimeters lange gitzwarte wimpers en feilloos gebeitelde, ebbenhouten wenkbrauwen. Zelfs met een doodgewoon papieren kapje lijkt ze wel een geheimzinnige, gesluierde prinses. Weer andere mensen, we noemen geen namen, zien er achter zo’n wegwerpgevalletje voornamelijk uit als een verkouden big. Trouwens: wegwerpmondkapjes zijn volkomen ongeschikt om na het wateren in de vrije natuur je doos mee af te drogen dus, dames, koop ze van 100 procent katoen!

En wat is er gezellig veel keus, hè, de laatste tijd? Wij, Nederlanders, zijn een volk van (eventueel ingebeelde) individualisten, dus er zijn inmiddels zowat evenveel verschillende kapjes als Nederlanders. Geruit, gebloemd, met lollig bedoelde printjes (een hondensnuit, de mond van The Joker, een snor, tanden van een skelet) of dito teksten (‘Voor wijn doe ik ’m af!’, ‘Doe mij maar 1,5 meter bier!’). Het wachten is nog op exemplaren met het logo van Ikea of Zeeman, maar dat lijkt me een kwestie van dagen.

De school van mijn kinderen liet mondkapjes met het schoolwapen bedrukken, heel chic, maar ja, die kinderen doen die dingen na school af om te tongzoenen en te blowen, dus dat schiet niet op; de een na de ander krijgt corona. (De school sluiten heeft geen zin, want dan gaan ze de hele dág tongzoenen en blowen.)

Fascinerend vind ik trouwens die hulpstukken van doorzichtig, stijf plastic; de zogeheten ‘spatmaskers’, een wat lugubere benaming waarbij ik altijd moet denken aan Dexter die weer eens iemand op ludieke wijze gaat vermoorden, met veel bloed. Ze worden vooral gedragen door verpleegkundigen. Op straat zijn ze geen gemeengoed, maar je kunt ze wél kopen, op de markt.

Veilig verstopt achter mijn eigen zwartkatoenen bekvod zag ik een bejaarde vrouw op een scootmobiel bij een kraampje nieuwsgierig zo’n spatmasker betasten. ‘Wat een leuk ding!’, riep ze tegen de verkoopster. ‘Maar helpen ze ook?’

De verkoopster hield haar hoofd scheef. ‘Hmja’, zei ze. ‘Baat het niet dan schaadt het niet, hè? Ik heb er zelf thuis ook een. Ik gebruik ’m bij het uien snijden. Dat scheelt echt, hoor!’ De koop was snel gesloten. Verheugd reed de oude dame weg met haar spatmasker, gauw naar huis, om lekker uien te gaan snijden.

 Helemaal coronaproof.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden