Essay Twexit

Weg van de ruis, het getier en de intimidatie: tijd voor een Twexit

Twitter is niet meer de kamer waar een goed gesprek wordt gevoerd. Het is verworden tot een plek waar de strontkar wordt leeggekieperd. Hoogste tijd dus voor een Twexit, meent Bard van de Weijer.

Beeld Hans Klaverdijk

Onlangs raakte ik in discussie met een pleitbezorger van de elektrische auto en een zogenoemde petrol head, iemand met ­benzine in de aderen, zoals men zegt. Deze twee menstypen zijn als water en vuur, als katholieken en protestanten, als FvD’ers en GroenLinksers – never the twain shall meet. Ons gesprek ging over de vraag of de Duitse auto-industrie de e-auto nu wel of niet heeft omarmd. Voor buitenstaanders nauwelijks interessant, maar zelfs bij dit saaie onderwerp is er maar weinig nodig om de vlam in de pan te laten slaan. Dat ­gebeurde nu eens niet. We wisselden argumenten uit, er mengden zich wat voorbijgangers in het gesprek en aan het eind bedankten we elkaar voor de prettige informatieuitwisseling en gingen ons weegs.

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

De discussie gebeurde niet in een café of tijdens een debatavond in een cultureel centrum. Ze was op Twitter. En er werd geschimpt noch gescholden. Het was keurig, constateerde ik na afloop enigszins verwonderd. Want ruzie en Twitter, dat is tegenwoordig een heilige twee-eenheid.

Nu leent mijn twittertijdlijn zich vanwege de onderwerpkeuze (ontwikkelingen in de auto-industrie, gaap) zich nauwelijks voor scheldkanonnades, zeker als er spaarzaam gebruik wordt gemaakt van woorden als kooldioxide, klimaatverandering en rekeningrijden. Bovendien ben ik op Twitter een stampende muis met nauwelijks duizend volgers. En als er al eens een anonymus is die meent te ­moeten roepen dat #VOLKSWAGEN MOET #BETALEN VOOR #DIESELGATE!!!, dan leg ik die na een paar keer het zwijgen op, een beetje zoals mijn oude moeder haar ­gehoortoestel soms uitneemt als ze even rust wenst.

Strontkar

Mijn rustige twitterbiotoop is een uitzondering. Nederlanders met een wat uitgesprokener opinieprofiel of met meer volgers worden geregeld belaagd door horden anonieme lieden die bij elke bericht hun strontkar in hun tijdlijn leegkieperen. Zeker de laatste tijd, nu Nederland is gepolariseerd rond onderwerpen als migratie, klimaat en Baudet lijken de trollen­legers van beide zijden van het spectrum steeds vaker tegenover elkaar te staan. Deze ontwikkeling resoneert krachtig op Twitter, waar het gejijbak, gescheld en gedreig nu zulke vormen heeft aangenomen dat bij sommige onderwerpen van een uitwisseling van argumenten nauwelijks meer sprake is.

Neem Freek de Jonge, die na bijna elke bijdrage berichten ontvangt van Nederlanders met een matige beheersing van de interpunctie, die hem een schreeuwlelijk/oude lul/seniele baas noemen. Of erger. Neem publicist Özcan Akyol, voor wie bedreigingen en beledigingen dagelijkse kost zijn. Neem aan de andere kant klimaat- en islamscepticus Wierd Duk, wiens tijdlijn een magneet is voor verwensingen uit het tegenoverliggende kamp.

‘Twitter is een kamer waar ooit een goed gesprek werd gevoerd’, zei opinie-onderzoeker Peter Kanne onlangs in de Volkskrant. ‘Maar alle gematigde mensen hebben de kamer verlaten en nu staan alleen de extremen tegen elkaar te schreeuwen.’ Kanne weet waarover hij spreekt. Ook deze onderzoeker krijgt ­geregeld ladingen tekstblubber over zich uitgestort, zelfs door eerbiedwaardig ­geachte politici.

Debat

Het doel van de ‘tegenstanders’ lijkt niet het voeren van een discussie of zelfs maar het winnen ervan, maar het smoren van het debat. Door de zender te intimideren en hem de mond te snoeren, maar ook door hem te overstelpen met inhoudsloze bijdragen, ruis, pesterijen en getier.

De scheldkanonnades lijken tot doel te hebben ook eventueel zinnige antwoorden onder te laten sneeuwen. In een enkel geval lijkt het doel van de boze horde het verjagen van de zender. ‘Okay, maar wie krijgt de credit voor het wegpesten van Sywert?’, vroeg iemand zich af toen opiniemaker Sywert van Lienden zich terugtrok van het medium na kritiek over een onhandig geformuleerde tweet over het Scheveningse nieuwjaarsinferno. Twitter als schoolplein voor volwassenen.

Het medium, ooit begonnen als een sms-dienst, groeide na 2006 uit tot een ‘neutraal’ onlineplatform dat met staccatoberichten wereldleiders, beroemdheden, journalisten, politieke activisten en complotdenkers bij elkaar moest brengen, zoals The New York Times het vorig jaar omschreef. Het uitgangspunt totale-vrijheid-voor-iedereen leidde geregeld tot gedoe, zoals vorig jaar, toen zowat elk sociaal medium de extreemrechtse Alex Jones in de ban deed, behalve Twitter, dat lang treuzelde.

Crapuul als Jones kon veel te lang zijn gang gaan en maatregelen die Twitter nam om de haat te beteugelen, waren te gering en te laat. Zoals het besluit uit 2017 om de maximale lengte van een tweet uit te breiden van 140 tot 280 karakters. Het idee daarachter: als gebruikers minder tijd kwijt zijn aan het inkorten van berichten, houden ze meer over om na te denken over de boodschap. Dat zou de nuance ten goede komen. Een utopische gedachte, blijkt elke dag opnieuw.

Naaktzwemmen

Twitter is geen discussieplatform meer waar meningen op democratische wijze geventileerd kunnen worden. Het is verworden tot een antidiscussieplatform waar de luidste schreeuwers de dienst uitmaken. Het genuanceerde midden is allang vertrokken.

Nieuw is deze constatering niet. Er is al veel verstandigs geschreven over de teloorgang van Twitter. ‘Ooit was het een geheime zwemvijver, gelegen op een magische plek in een betoverend bos’ waar bezoekers kwamen om elkaar te ontmoeten, met elkaar te praten, te zwemmen, soms een bommetje te doen en stiekem naakt te zwemmen. ‘Maar nu hebben te veel mensen in de poel ­geplast’, schreef de Britse publicist ­Stephen Fry al in 2016, toen hij besloot het medium weer eens te verlaten (en er later ook weer terug te keren; kennelijk is de lokroep van de virtuele zeepkist groot).

In theorie zou de democratie moeten profiteren van een platform waar iedereen ongecensureerd elke discussie kan volgen. Openheid kan immers fungeren als een soort democratische overstort voor opborrelende onderbuikgevoelens uit de samenleving. Dat is misschien waar, maar helaas vinden de meeste twitteraars het nu eenmaal minder prettig als juist hun tijdlijn dienstdoet als lekbakje voor het maatschappelijk ongenoegen.

Twitter is er de afgelopen jaren niet in geslaagd zijn eigen tekortkomingen weg te nemen. Daarom is het tijd het heft in eigen hand te nemen. Stoppen dus. Dat is eng. U zult interessante ­meningen mislopen alsmede linkjes naar interessante artikelen. U verliest een podium met mogelijk duizenden volgelingen; met uw vertrek ontmantelt u uw eigen pr-zeepkist.

Forse nadelen. Maar nu Twitter er niet in slaagt ons te verlossen van de trollen, de verzuurden, de dommen en de boosaardigen, rest misschien geen andere weg dan de exodus, een Twexit. Dus meld u af, laat de schreeuwers elkaar bestoken met hun gif en word gelukkig.

Bard van de Weijer is redacteur van de Volkskrant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.