Column Peter Middendorp

Weet voor wie je moet uitkijken? Familie, vrienden, buren

In het park begon de hond waar ik soms op mag passen aan een andere hond ruiken. Er hoorde ook een baasje bij, een jonge vrouw, die zonder in- of aanleiding tegen me zei: ‘Het is toch ook wat, hè. Je mag al geen Zwarte Piet meer spelen, maar het zijn wel altijd buitenlanders. Laatst bij die moord in de bioscoop – dat was toch ook een buitenlander?’

Ze zei het vanzelfsprekend, alsof ze iets over het weer zei, niet bang voor negatieve reacties, dat was misschien nog wel het meest verontrustend, terwijl het verband tussen Zwarte Piet en de dubbele moord op een onschuldig schoonmakersechtpaar in de Pathébioscoop van Groningen voor mij persoonlijk nog helemaal niet zo duidelijk was, maar de dader had inderdaad een ‘buitenlandse’ naam.

Een overeenkomst tussen daders van soortgelijke moorden uit het nieuws van de laatste jaren die mij was opgevallen – maar ik vroeg me soms af of je dat nog wel mocht zeggen – was dat ze bijna allemaal ziek waren, bijna geen van allen de hulp kregen die ze nodig hadden omdat de geestelijke gezondheidszorg is uitgehold door partijen die zo graag naar buitenlanders wijzen; het cirkeltje was ronder dan je dacht.

Ik zei: weet je waar het gevaarlijk is? Weet je voor wie je moet uitkijken? Familie, vrienden, buren. Thuis is de gevaarlijkste plek op aarde. Daar gebeuren de meeste ongelukken, daar loop je de meeste kans om het slachtoffer te worden van een misdrijf.

Al paste hier wel een relativering bij. Thuis was de plek waar je de meeste uren doorbracht, dus was het ook logisch dat daar de meeste ongelukken gebeurden. Eigenlijk zou je moeten meten hoeveel ongelukken en misdrijven er gebeuren per uur dat je thuis bent en dat afzetten tegen het cijfer van de uren die je elders doorbrengt, om je thuis weer een beetje veilig te kunnen voelen.

‘Klopt’, zei ze. ‘Ja, klopt.’ Zelf was ze ook het slachtoffer van een zedenmisdrijf geweest, net als een nichtje en een neefje was ze ‘aangeraakt’, zoals ze het noemde, in hun eigen huis, door een oom, een witte Nederlander. Ze keek me er onbewogen bij aan, bijna opgewekt, alsof het de gewoonste zaak van de wereld was.

Dat spijt me erg voor je, zei ik, dat is vreselijk om te horen. En ik hoop dat je me niet te nieuwsgierig vindt, maar even voor het beeld: je blijft er desondanks van overtuigd dat het altijd buitenlanders zijn? ‘Klopt’, zei ze. ‘Ja, klopt.’

Ik kreeg zin om te zeggen: weet je wie vaak daders van zedenmisdrijven worden? Slachtoffers. Daders zijn vaak eerst slachtoffer geweest. Dus als je de samenleving echt veiliger wil maken, kun je slachtoffers na de misdaad het beste naar de politie brengen.

Maar zoiets zei je niet hardop, in het openbaar, tegen een slachtoffer. Het was te cynisch, bovendien was het niet helemaal uitgesloten dat ze zichzelf zou aangeven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden