Column Sylvia Witteman

Wéér mijn dag verpest door Mensen Die Piano Spelen Op Het Station

Telkens weer neem ik me voor me nergens meer druk over te maken, maar dat lukt niet. Neem nou bijvoorbeeld de Mensen Die Piano Spelen Op Het Station.

Ze doen in velerlei opzicht denken aan levende standbeelden: toen ik er voor het eerst een zag, dacht ik ‘Hé, kijk, iemand die zichzelf helemaal met groene/gouden/witte verf heeft bespoten/verkleed als Magere Hein/Mozart/Van Gogh en heel lang stil kan staan/zitten/hurken met een gouden/groene/witte zeis/verfkwast/viool in zijn hand naast een oude hoed/gitaarkoffer/schilderskist met kleingeld! Geinig!’, toen ik er voor de derde keer een zag, dacht ik ‘ja, nu weten we het wel’ en bij de achtste keer begon ik te hopen dat het stadsbestuur van Amsterdam/Parijs/Barcelona/Praag alle levende standbeelden zou oppakken en afvoeren naar de levendestandbeeldengevangenis en ze daar net zo lang beschimmeld brood zou laten eten tot ze de rest van hun leven nooit meer een seconde stil durven staan. Zelfs als ze op de bus wachten of bij de kassa of zo, moeten ze van het ene been op het andere hopsen en met hun armen maaien om ook maar het geringste vermoeden van standbeelderij te voorkomen.

Een dergelijk beleid heeft tenslotte ook heel goed geholpen tegen de Peruaanse Panfluitspelers en de Mensen Die Met De Ene Helft Van Hun Gezicht Wit En De Andere Helft Zwart Nietsvermoedende Voorbijgangers Achter Hun Rug Nadoen: die zie je nooit meer. Ze zijn van hogerhand blijkbaar zo krachtig bestraft dat ze hun huis niet eens meer uit durven, God zij geprezen.

Maar nu zitten we dus met die stationspianisten. Welke idioot heeft al die piano’s, ja, zelfs complete concertvleugels bedrukt met de infantiele tekst ‘Bespeel mij!’, naar evenzovele treinstations gesleept? Zodat ik nu, onderweg naar een rechtschapen stad als Zaltbommel of Sneek, in de rug word getroffen door zo’n melige gymnopédie van Satie of de Mondschuimsonate of dat tot op de draad versleten thema van Amélie Poulain, tiedeldie, tiedeldie, tiedeldie, tiedeldie, en hopla, wéér een verpeste dag.

Het zijn altijd mannen, meestal met iets te lang haar (net als die standbeelden trouwens!). Je pikt ze er zo uit, op zo’n station, nog voor ze zelfs maar in de búúrt van die piano zijn, als ze bijvoorbeeld met hun rug naar je toe hun ov-kaart staan op te laden: die daar. Die gaat straks op de stationspiano spelen. En ja hoor, verdomd als het niet waar is!

Zo heb je trouwens ook Mensen Die Van Elke Bonbon Eén Hapje Nemen En De Rest Terugleggen In De Doos. Dát zijn dan weer bijna altijd vrouwen. Maar daarover een andere keer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.