CommentaarSander van Walsum

Wederom stoot de Nobelprijs voor de Vrede geen dictator voor de kop

Mensen in Zuid-Soedan verzamelen voedsel dat uit de lucht naar beneden is komen vallen, gedropt door medewerkers van het Wereldvoedselprogramma. Beeld Hollandse Hoogte / AFP

Sinds Noorwegen in 2010 het doelwit was van Chinese sancties nadat de prijs was toegekend aan de Chinese dissident Liu Xiaobo, lijkt het Nobelcomité controverses uit de weg te gaan.

Natuurlijke kandidaten, van vlees en bloed, voor de Nobelprijs voor de Vrede zijn schaars. Er zijn niet jaarlijks mensen van het kaliber Martin Luther King, Andrej Sacharov of Nelson Mandela in de aanbieding. Het Noorse Nobelcomité lijkt zich echter weinig in te spannen om deze schaarste aan persoonlijke moed te maskeren.

De laatste tien jaar is de prestigieuze vredesprijs vier maal toegekend aan een organisatie. Na de Europese Unie, de OPCW en de Internationale Campagne tot Afschaffing van Kernwapens is dit jaar het Wereldvoedselprogramma (WFP) aan de beurt. Het WFP mag dan, aldus het Nobelcomité, hebben bijgedragen  aan de bestrijding van honger en aan stabiliteit en vrede – zonder meer honorabele doelstellingen –, maar de keuze lijkt ook te zijn ingegeven door de wens geen grote mogendheden te bruuskeren.

China zal in elk geval met voldoening kennis hebben genomen van de keuze. Tevoren had Beijing al kenbaar gemaakt een eventueel eerbetoon aan Hongkongse activisten ‘stevig’ te zullen verwerpen. En de Noren weten wat dat betekent. In 2010 werd Noorwegen het doelwit van Chinese sancties nadat de Nobelprijs voor de Vrede (tegen de zin van de Noorse regering) was toegekend aan de Chinese dissident Liu Xiaobo.

Sindsdien lijkt het Nobelcomité controverses uit de weg te zijn gegaan door de prijs toe te kennen aan gevestigde organisaties, aan activisten met generieke doelstellingen zoals ‘strijd tegen de onderdrukking van jongeren en voor het recht van alle kinderen op onderwijs’, of bij wijze van aanmoediging aan regionale leiders (zoals de Ethiopische premier Abiy Ahmed) die ontspanning in de relaties met de buren zeggen na te streven.

De aansprekendste Nobelprijzen zijn – in een grijs verleden inmiddels – toegekend aan moedige staatslieden die over hun eigen schaduw durfden te springen (zoals Gustav Stresemann in 1926, Willy Brandt in 1971, Anwar Sadat en Menachem Begin in 1978), of aan eenlingen die dictators hebben getrotseerd, zoals de Duitse publicist en pacifist Carl von Ossietzky in 1935. Daarmee wekte het Nobelcomité destijds de woede van een dictator – in dit geval Adolf Hitler. Aan die bereidheid lijkt het momenteel te ontbreken.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden