Column

'We worden niet genaaid met spotprijzen, maar krijgen een kontje'

Maak een keuze, zegt Erik-Jan Harmens. 'Betaal je voor een product een spotprijs, neem dan ook genoegen met wat lagere kwaliteit. Of betaal het volle pond en wees werkelijk gelukkig met wat je hebt gekocht.'

null Beeld anp
Beeld anp

Een autoverkoper met een slok op vertelde me dat de occassions die hij verkoopt gemiddeld allemaal zo rond de zesduizend euro kosten. Dat wil niet zeggen dat hij alle tweedehandsjes ook tegen die prijs in de winkel heeft staan. De auto's waar een prijskaartje van zesduizend aan hangt, zijn in prima conditie. Er zijn ook auto's voor vierduizend, maar daar heb je na aankoop binnen een jaar wel wat reparaties aan, voor laten we zeggen ... tromgeroffel... tweeduizend euro!

Toch, zo vertelde de autoverkoper, bedondert hij zijn klanten niet. Nee, hij spreekt liever van een 'flexibele prijsstelling'. Door de drank struikelde hij over het woord flexibel, en vervolgens ook over het woord prijsstelling, maar hij wilde maar zeggen dat je zesduizend euro voor een tweedehands auto kunt betalen, of vierduizend nu en dan later nog eens tweeduizend. Hij kost hoe dan ook zes. Zo zei hij dat ook: 'zes'. Aan het weglaten van het duizendtal herken je de professional.

Gratis
Je hoort ook wel eens aanbiedingen met de slogan: 'Nu vanaf nul euro'. Dat betekent niet dat je een product gratis krijgt; het betekent dat je op het moment van aanschaf nog niets hoeft te betalen. Je hoeft dus niet meer een gat in de lucht te springen als je een product gratis of bijna gratis krijgt aangeboden, maar doet er beter aan even te checken wanneer en hoe de werkelijke prijs van het product dient te worden opgehoest. Want uiteindelijk betaal je wat een product waard is. Vier. Soms zes. Of zelfs acht.

Printers zijn spotgoedkoop, je hebt er al een voor vijftig euro. Alleen de cartridge met inkt, toch een tamelijk cruciaal onderdeel, is vrij prijzig en best snel leeg, dus uiteindelijk betaal je over twee jaar gerekend niet de vijftig euro op het prijskaartje, maar gewoon laten we zeggen honderdtwintig. En dat moet zo'n apparaat ook gewoon kosten, dus er is niks mis mee. We worden niet genaaid, maar krijgen als consument door de 'flexibele prijsstelling' simpelweg het kontje, het laatste zetje, dat ons verleidt tot het nemen van de 'koopbeslissing'.

Bezoekers op de Automarkt in Beverwijk. Beeld anp
Bezoekers op de Automarkt in Beverwijk.Beeld anp

Een all-inclusive vakantie-arrangement inclusief vliegreis en onbeperkt kipsaté kost geen tweehonderd euro. Dat bedrag staat wel op het prijskaartje, maar dan komt er allerhande belasting bij, die je grif betaalt want je had immers de bodemprijs betaald. En je bestelt eens een flesje wijn, dat niet in het arrangement zit inbegrepen. En dus betaal je uiteindelijk vierhonderd euro. Wat een prima prijs is voor een midweek naar de zon. Alleen je had de koopbeslissing nooit genomen als er vierhonderd voor was gevraagd. (En natuurlijk zijn er ook all-inclusive arrangementen voor écht heel weinig geld, maar die buitenkansjes zijn vaak gelegen naast een kerncentrale, of de kamer naast je wordt per uur verhuurd.)

Callgirl
Een callgirl kost eh... weet ik veel hoeveel euro. Het kan ook voor de helft, maar dan kijkt het meisje best wel wazig of tijdens het gehannes wordt ze gewhatsappt en moet je bijbetalen omdat je tijd er alweer op zit. Kwaliteit kost dus gewoon geld. Lekker brood 'doet' twee euro. Er is ook brood voor één euro, maar dat is minder vers, of minder lekker, en dan betaal je dus minder voor minder. Daarmee voldoet het allemaal aan de basiswetten van de economie. Een laagwaardig product voor een lage prijs, een hoogwaardig product voor een hogere prijs.

En omdat je je aan wetten hebt te houden, zeg ik: maak een keuze. Betaal je voor een product een spotprijs, neem dan ook genoegen met wat lagere kwaliteit. Of betaal het volle pond en wees werkelijk gelukkig met wat je hebt gekocht. Dat principe gaat ook op buiten het economisch verkeer.

De hele dag ongedoucht op de bank hangen, met een bak Hamka's naast je en een fles Fanta tussen je benen, kost weinig inspanning en weinig geld, maar je wordt er misschien niet erg gelukkig van. Je mag het wel doen, er is op zich niks tegen Hamka's. Maar voor wie meer wil zit er maar één ding op. Kom van die bank af. Klem een knijper op de chipszak om 'm af te dichten, draai de dop op de Fanta en haast je de straat op. Ga mensen ontmoeten. Maak iemand aan het lachen. Koop alle daklozenkranten van de schreeuwende verkoper. Koop achtelijk dure bloemen voor het allermooiste meisje. Trakteer die verlegen jongen met z'n reebruine ogen op een uitgebreid etentje. Natuurlijk, het kost wat. Het kost zelfs veel. Maar je krijgt er zó veel voor terug.

Erik Jan Harmens is dichter.
@ErikJanHarmens

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden