We moeten ons brein niet laten geruststellen door halfslachtige statistiek

.

.

Och, wat is de mens toch dom. Ik zat laatst aan een tafeltje, gewoon als mens, met wat andere mensen, en toen kreeg een van die mensen het bericht dat even verderop iemand met zijn auto over het stationsplein was gereden, dwars door de menigte. Wij schrokken, want er waren gewonden. Ik maakte, heel menselijk, wat stomme cliché-grapjes over hoe dichtbij het nu wel niet kwam. We bleven rustig, maar ik kan het niet ontkennen: we hielden er rekening mee dat het hier ging om een aanslag.

Terwijl het een ongeluk was.

Dom hè?

Gelukkig zijn er massapsychologen, zoals Jaap van Ginneken. In een groot interview op nos.nl vertelde hij een dag na het ongeluk precies wat er mis was gegaan in de hoofdjes van mij en mijn soortgenoten.

'Door gebeurtenissen als in Londen en Manchester heeft iedereen een waakzame houding', legt Van Ginneken uit. 'We vergeten even dat de kans op een aanslag statistisch gezien nog steeds heel erg klein is.'

Een kwestie van statistiek dus. Nu geloof ik best dat niet iedereen goed is in kansrekening, en het is inderdaad belangrijk. Dus als ergens voor de tienduizendste keer met veel tamtam wordt uitgelegd dat de mediaan niet hetzelfde is als het gemiddelde en dat de kans op munt na dertig keer kop nog steeds 50 procent is, klamp ik mij altijd vast aan het piepkleine kansje dat zich onder de lezers van zo'n stuk ten minste één iemand bevindt die dit alles voor het eerst hoort en het vanaf nu nooit meer zal vergeten.

Maar de huidige mode om na elke aanslag uit te leggen dat wij ons vooral geen zorgen moeten maken, is van een andere orde. Het begint er al mee dat achter dit wiskundelesje een zekere bijbedoeling schuilt: angst wegnemen. De gedachte is namelijk dat de terroristen juist wíllen dat wij bang zijn, en dat wij dat daarom niet moeten zijn; gaat voor hun ook snel de lol eraf. Maar ja, hoe neem je angst weg voor zoiets engs? Je moet opboksen tegen gruwelijke beelden, een vreselijke ideologie en tienduizenden aanhangers over de hele wereld. Dus wat doe je dan? Je gebruikt het keukentrapje.

'Ons brein is erg slecht in het inschatten van risico's,' zegt Van Ginneken. 'Statistisch gezien lopen we meer gevaar in ons eigen huis.' De boodschap: het keukentrapje is gevaarlijker dan terrorisme, dus wees niet bang. Als voorbeeld noemt Van Ginneken de massale paniek die laatst uitbrak op het plein in Turijn waar de Champions League-finale werd vertoond. Van Ginneken: 'Op dat moment vergeten zij dat er in Europa nog duizenden andere pleinen zijn en dat op de meeste plekken niets gebeurt. Ons primitieve brein ziet het gevaar niet in de juiste proporties.'

Wacht even.

Je staat op een bomvol plein. Er is een knal, een rare schreeuw. Een paar mensen deinzen achteruit, die duwen een paar anderen om, meer geschreeuw, er deinzen meer mensen terug, etcetera. Elk mens denkt dan: wegwezen. Lijkt me redelijk. Maar volgens massapsycholoog Van Ginneken zou het pas écht redelijk zijn om bliksemsnel te denken aan ándere pleinen. Want op de meeste pleinen gebeurt meestal niks, dus waarom zou precies nu op dit ene plein een aanslag plaatsvinden? Kom op jongens, denk eens aan het San Marco-plein, in Venetië! Zo mooi! Daar gebeurt toch ook niks? Nou dan.

Van Ginneken blijft op zo'n moment waarschijnlijk onbewogen staan temidden van de paniek, in het veilige besef dat het wel érg toevallig zou zijn als in die kolkende meute precies de enige massapsycholoog van het hele plein zou sneuvelen.

De grote denkfout die telkens weer gemaakt wordt bij dit soort geruststellende statistiek, is dat men na één cijfer ophoudt met kijken. Het aantal doden in de badkamer is hoger dan het aantal doden door terrorisme, conclusie: wie zich zorgen maakt, is gek. Maar als je op een bomvol plein staat, of er rijdt een auto door de menigte op het stationsplein, verandert de situatie. Dat is nieuwe input in de vergelijking, waardoor de kansen verschuiven - net als wanneer je geen keukentrapje hebt.

Paniek is nooit handig, dat snapt iedereen, maar we moeten ons primitieve mensenbrein vooral niet laten geruststellen door halfslachtige statistiek. Dat is namelijk precies wat de massapsychologen willen.