VerslaggeverscolumnAriejan Korteweg in Amsterdam

Wat wordt er eigenlijk bedoeld met diversiteit binnen universiteiten?

Het zou over diversiteit aan de Nederlandse universiteiten gaan, vanmiddag in de Waalse kerk. Op schermen wordt een overzicht van de jongste opiniepeiling geprojecteerd. De tussenstand: VVD, PvdA, PVV en FvD gaan zo’n beetje ex aequo aan kop.

Twee geprononceerde sprekers zijn uitgenodigd, en ze komen aan de hand van die peiling tot diametraal tegengestelde conclusies. Paul Cliteur, hoogleraar aan de rechtenfaculteit in Leiden en senator voor FvD, zegt: de academische staf van de universiteiten zou de politieke voorkeuren moeten weerspiegelen die je hier ziet. Dat is niet het geval, vindt hij: universiteiten zijn linkse bolwerken. Waar zijn ze, al die hoogleraren met sympathie voor het gedachtengoed van PVV of FvD?

Zihni Özdil, voormalig Kamerlid voor GroenLinks, haalt iets heel anders uit de peilingsuitslagen. Als er al sprake zou zijn van linkse indoctrinatie, zegt hij, dan is die totaal mislukt. Links is gemarginaliseerd; rechts glorieert op alle fronten.

Dat is nog maar het begin van de verwarring die deze middag in zijn greep zal houden. Want wat wordt eigenlijk bedoeld met diversiteit? Voor Cliteur is dat simpel, het gaat om politieke verschillen. Hij komt met voorbeelden: studenten die kritisch onderzoek willen verrichten naar de regelgeving van de EU, naar sharia-wetgeving (inderdaad, niet alle voorbeelden zijn hypothetisch) of naar massamigratie, zullen grote moeite hebben met de financiering. Afwijkende ideeën maken volgens hem geen kans. ‘Einstein zou geen budget krijgen.’

Cliteur: Geen cent voor Einstein.

De eerste vragenstellers hebben een heel ander idee van diversiteit. Die  willen weten hoe het staat met de vertegenwoordiging van lhbti, met diversiteit op religieus of etnisch vlak. Voor Cliteur ligt dat eenvoudig: dat allerhande minderheden vertegenwoordigd zijn aan de universiteiten, kan belangrijk zijn voor sociale rechtvaardigheid, maar voor de politieke diversiteit is dat niet doorslaggevend.

Vervolgens blijkt dat ook over politieke diversiteit geen eenduidigheid bestaat. Je kunt cultureel rechts combineren met sociaal-economisch links, ook het omgekeerde is mogelijk, legt docent Annette Freyberg uit. Wat volgens haar verklaart waarom Cliteur en Özdil het over verrassend veel eens zijn.

Özdil: Fake-onderzoek van Shell.

Özdil rekt het speelveld nog verder op. Volgens hem zijn de universiteiten in de ban van het rendementsdenken en daarmee van het grootkapitaal – hij verwijst naar een door Shell beïnvloed onderzoek aan de Erasmus Universiteit; fakewetenschap met fakeonderzoeksresultaten en de student in de rol van consument, die in de vier jaar die zijn studie mag duren geen tijd heeft veel kritische vermogens te ontwikkelen.

De studenten moeten dan nog komen. Dit symposium is georganiseerd door Machiavelli, studievereniging van de faculteit politicologie van de UvA, naar verluidt een links bolwerk. Die naam wordt hier niet hooggehouden. Als Cliteur vraagt wie Forum stemde, gaan zeker tien handen omhoog. Er lijkt eerder sprake van overcompensatie: een hyperbewustzijn van linkse sympathieën, met de neiging ver naar rechts te leunen als gevolg. 

Dat lijkt in elk geval aan de hand bij de keuze van het panel – trouwens veel beter gesoigneerd dan toen ik ooit politicologie studeerde. Hun voornaamste klacht betreft verrassend genoeg hun medestudenten. Rond president Trump hangt een heel nare, negatieve connotatie, zegt Nika Norbart. ‘Toen ik hier kwam studeren, had ik geen idee dat de studie zo links zou zijn. Met een sticker Fuck GroenLinks op je laptop heb je hier geen leven.’ Ook Casper Colenbrander geeft voorbeelden van linkse intolerantie. Niet van de zijde van docenten, maar van medestudenten.

De kwestie van academische diversiteit werd twee jaar geleden aangezwengeld door een rapport van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, waarin overigens werd vastgesteld dat er van (zelf)censuur geen sprake was. Een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer vorig jaar riep verhitte reacties op.

Grote afwezige is nog steeds de empirie. Is het echt waar dat die dwarse onderzoekers van Cliteur geen onderzoeksgeld krijgen? Docenten politicologie spreken het na afloop tegen. Is de greep van het bedrijfsleven echt zo groot als Özdil betoogt? Hij komt niet verder dan één voorbeeld. Of universiteiten linkse bolwerken zijn, is met schaduwverkiezingen eenvoudig te achterhalen. Waarom is dat niet al lang gebeurd? Is er een linkse samenzwering die dergelijk onderzoek verhindert? Je zou verwachten dat het debat inmiddels verder is.

Eén wezenlijk empirisch resultaat wordt in de Waalse kerk ingebracht, door rector magnificus Geert ten Dam: studenten hebben volgens haar bij het verlaten van de universiteit geen wezenlijk andere politieke overtuiging dan bij het begin. Of dat geruststellend is, is een tweede. Het kan betekenen dat ze niet serieus aan het twijfelen zijn gebracht. Wat toch het begin van alle kennis is.

Norbart en Colenbrander: linkse intolerantie.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden