column Mijn laatste tijd

Wat een mens gedurende een arbeidzaam leven niet allemaal bij elkaar sprokkelt

In Mijn laatste tijd schrijft Chris Oostdam (62), rechter in Assen, maandelijks over haar leven sinds ze terminaal longkankerpatiënt is.

Ik heb vorige week mijn kamer op het werk leeggehaald. Daar liep ik al een tijdje tegen aan te hikken en het moest er toch eens van komen. Toen de drie noordelijke rechtbanken in 2013 fuseerden, is een aantal afdelingen samengevoegd en verplaatst naar Groningen. Verder zouden er arbeidsplekken vervallen door digitalisering  we weten hoe dat is afgelopen. 

Door hier en daar wat in te schikken, is na een flinke verbouwing een vleugel afgescheiden voor een medehuurder. Al met al is het veel krapper geworden en het voelde niet goed om dan een kamer bezet te houden. Hoe dat straks moet, als het door reorganisaties geplaagde politie-apparaat en het door bezuinigingen verminkte Openbaar Ministerie weer op normale sterkte functioneren en het met die afgenomen criminaliteit toch wat blijkt tegen te vallen, vraag ik me maar niet af.

Eerder al was ik met mijn leidinggevende de dossiers langsgelopen die nog op mijn kamer stonden. Ik deed vrij veel fraudezaken en dat zijn langlopende onderzoeken met heel veel papier. Er zijn een paar dossiers weggehaald, maar de meeste liggen er nog. Kennelijk is daar nog niet zo veel mee gedaan, constateer ik met een vreemd gevoel van afstandelijkheid. Het is mijn pakkie-an niet meer. Nu gaat het om mijn privéspullen.

Ik ga eerst maar eens op zoek naar een prullenbak. Die zijn er niet meer, blijkt al gauw. Het is mij ontgaan, maar de rechtbank doet inmiddels aan gescheiden afvalinzameling. Papier werd altijd al apart ingezameld, vanwege privacy-gevoeligheid, maar nu zijn er ook aparte bakken voor plastic, kartonnen bekertjes en organisch afval. 

Om nu te voorkomen dat je voor elk verwijderd nietje, afgekloven appeltje of gebruikt theezakje naar het einde van de gang moet lopen om het desbetreffende afval in de juiste verzamelbak te deponeren, heeft iedereen met gezwinde spoed bij de Action aan de overkant een eigen prullenbakje aangeschaft. Daarin wordt gedurende de dag het afval verzameld. De goeden pluizen het aldus verzamelde afval aan het eind van de dag min of meer uit en verdelen het over de juiste bakken. Maar ik vrees dat er ook zijn die de inhoud gewoon dumpen bij ‘restafval’, uit gemakzucht of vanwege haast.

Het verwondert me hoeveel spullen je in een arbeidzaam leven bij elkaar sprokkelt. Getuigschriften van alle cursussen die ik heb gedaan. Verslagen van de jaarlijkse gesprekken met de leidinggevende van dat moment. Het gaat allemaal de shredder in. Een aardig rijtje boeken. De meest gedateerde exemplaren gooi ik weg, de rest zet ik neer in de vergaderzaal. Ik stuur iedereen een mailtje dat ze kunnen meenemen wat van hun gading is. 

Met de secretaresse spreek ik af dat zij na verloop van tijd het restant waarvoor geen belangstelling is, weggooit. Verder vis ik uit mijn lades een bonte verzameling van uiteenlopende voorwerpen: een paar sokken, een reservepanty, verlengsnoeren, cup-a-soupjes voor de late-middagtrek, deo, een luchtje, tandenborstel en tandpasta, foto’s. Moe maar tevreden vertrek ik naar huis. Deze hobbel is genomen. Iemand vraagt: ‘Wanneer is je officiële afscheid?’ Maar daar ben ik nog niet aan toe.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.