Column Aleid Truijens

Wat doet het met jongeren, om voordat je aan je werkende leven begint al te horen krijgen dat je ongewenst bent?

Aleid Truijens.

Wie een sollicitatiebrief ondertekent met ‘Marc’ heeft een grotere kans om op gesprek te mogen komen dan ‘Abdel’ met precies dezelfde brief. Blijkt Marc in het echt toch een donkere huidskleur te hebben, dan dalen zijn kansen op de baan. Bewijs dat kandidaten met ‘buitenlands’ klinkende namen worden gediscrimineerd bij sollicitaties, is er in overvloed. Een vorig jaar aan de VU uitgevoerd onderzoek liet zelfs zien dat een voormalig geweldsdelinquent van Nederlandse afkomst grotere kans op een uitnodiging heeft dan iemand met een migrantenachtergrond zónder strafblad – je gelooft het bijna niet.

Niet verbazend dat mbo’ers met een niet-westerse achtergrond gediscrimineerd worden bij het vinden van een stageplek. Dat is al jaren zo. Een maatregel als een discriminatiemeldpunt helpt geen zier, blijkt uit nieuwe cijfers van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt. Vindt 70 procent van de autochtone scholieren in één keer een stage, dat lukt minder dan de helft van de allochtone leerlingen. Zij worden vaak als ‘risicovol’ gezien. Een kwart van hen moet vier keer of meer solliciteren. In een recent onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut zeggen jongeren soms wel twintig brieven te sturen, vergeefs, of hun mail wordt niet beantwoord. Vaak vinden ze alleen een stageplaats in eigen kring, of bij familie.

Wat doet dat met een jongere? Dat je, voordat je aan je werkende leven begint al te horen krijgt dat je ongewenst bent? Dat je zomaar minder waard bent dan een ander? Iedereen moet ‘meedoen’, jawel, maar op jou zitten ze dus niet te wachten. Dat knakt je zelfvertrouwen, je rechtvaardigheidsgevoel en je vertrouwen in de samenleving, dat kan niet anders.

Minister van Engelshoven is het ‘beu’ en wil maatregelen. Ze vraagt zich af ‘of werkgevers beseffen wat ze aanrichten’. Terecht, want werkgevers zijn het die discrimineren. Toch zijn zij niet de enige schuldigen. Je kunt ook een andere vraag stellen: hoe kan het dat scholen hun leerlingen zo laten bungelen? Welke docent, mentor of stagebegeleider kan het aanzien dat kinderen van 16, 17 jaar zo worden vernederd?

Stages zijn onderwijs. Het gaat het niet om een vrije markt van vraag en aanbod, waarbij sollicitanten mogen hopen te worden uitverkoren. Mbo’ers zijn leerplichtig en de stage is een verplicht onderdeel. Ze hebben recht op een goede stage. Scholen moeten goed voor hun leerlingen zorgen. Daarover hoor ik in deze hele discussie heel weinig.

In het rapport Gelijke kansen op gelijke stages komen ‘onderwijsprofessionals’ aan het woord over deze pijnlijke kwestie. Gelukkig bestaan ze, de docenten die fel opkomen voor hun leerlingen. Maar een grote groep is terughoudend. Discriminatie wordt vaak niet herkend of erkend. Sommige stagebegeleiders vinden dat ‘studenten snel de discriminatiekaart trekken’, terwijl ‘het ook aan hun inzet kan liggen’. Dat laatste wordt nu juist door werkgevers bestreden: áls zij allochtone stagiaires hebben, doen die het even goed als anderen. Veel begeleiders zijn beducht om de confrontatie met leerbedrijven aan te gaan, uit angst de stageplaats te verliezen.

Dat klinkt allemaal weinig heldhaftig. Maar: een school moet wel beleid hebben bij discriminatie. Als er gediscrimineerd wordt door stagebedrijven, moeten schoolbesturen ingrijpen. Schooldirecties kunnen afspraken maken met leerbedrijven. Over aantallen stagiaires, en over harde criteria voor afwijzing. Zij zouden bijvoorbeeld samen kunnen afspreken dat stage-sollicitaties voortaan anoniem zijn – het proberen waard. Bindende afspraken over de voorwaarden, dat zal meer helpen dan de goedbedoelde overleggroepjes die de minister nu voorstelt.

Scholen zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van de stages. Een onderwijsminister kan werkgevers niet dwingen, maar aan scholen mag zij wel eisen stellen.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.