Column

Wat als epo een placebo is?

Het dopingmiddel epo, waarvan iedereen dacht dat het hielp om harder te lopen, te langlaufen, te schaatsen of te fietsen, helpt niet. Dat is tenminste de voorlopige uitkomst van een onderzoek van het Centre for Human Drug Research van de Universiteit van Leiden. Zondag reden 48 redelijk getrainde recreatiefietsers de Mont Ventoux op en de helft die geen epo toegediend had gekregen ging gemiddeld iets harder omhoog.

Beeld anp

Dat is nog geen hard bewijs voor de stelling dat we ons al die tijd voor niks druk hebben gemaakt over de prestatiebevorderende werking van epo. En het is ook geen argument om Lance Armstrong zijn zeven Tourzeges terug te geven. Of epo werkt of niet, weten we pas wanneer de prestatiecurves van de 48 proefkonijnen bekend zijn en dat duurt nog even. De exercitie op de Mont Ventoux was een mooie publiciteitsstunt - daar worden wetenschappers ook steeds beter in. De échte uitslag horen we over een paar maanden.

Voorlopig kan ik me niet voorstellen dat epo, een zeer goed medicijn voor patiënten met een tekort aan rode bloedlichaampjes, de atleet níét zou helpen. Maar dat kan komen omdat ik nog sportjournalist was in de tijd dat het middel de sportmarkt veroverde en je alom hoorde dat er een nieuw wondermiddel beschikbaar was, waarmee atleten hun prestaties sterk konden verbeteren.

Epo werd het eerst gebruikt in het langlaufen en in de atletiek, de Moeder van alle Dopingsporten. Daarna druppelde het door naar andere sportsectoren, zoals wielrennen, schaatsen en voetbal. In het wielrennen gold de Amerikaan Greg Lemond lange tijd als de laatste renner die de Tour de France had gewonnen zonder epo. Daarna kwamen Indurain, Riis, Pantani en Armstrong, van wie vrij algemeen wordt aangenomen dat ze het middel wél gebruikten - Riis en Armstrong gaven dat later ook toe.

Ik heb voormalige profwielrenners onder mijn beste vrienden. Onder hen zijn er een paar die reden in de jaren negentig, de hoogtijperiode van het epokoersen. En geen van hen denkt dat epo niet hielp: ze werden opeens aan alle kanten voorbij gereden door tot dan onbekende meefietsers. Er restten hen twee opties: of ze gingen ook gebruiken om de epo-aangedreven racemachines bij te houden, of ze stopten.

Dankzij de Leidse onderzoekers wordt het nu heel interessant. Want misschien maakten journalisten, wielertrainers, fysiologen, ploegleiders én renners deel uit van hetzelfde, niet op harde feiten gebaseerde geloof: dat epo je in een bovenmenselijk wezen veranderde. De Leidenaren zijn niet de eersten die vraagtekens zetten bij de werkzaamheid van epo bij topsporters. De Maastrichtse fysioloog Harm Kuipers deed dat bijvoorbeeld vijftien jaar geleden al.

Er wordt steeds meer bekend over de geweldige kracht van de placebo: denken dat je iets krijgt toegediend dat helpt bij genezing of om harder te fietsen, helpt ook, en soms heel erg goed. Wat als straks wordt bewezen dat epo in feite een placebo was? Dat louter de suggestie bij Lance Armstrong het best werkte? Dan gaan een hoop moralisten voor schut - hun heilige verontwaardiging was in dat geval gebaseerd op onwetendheid en niet op feiten.

De dopingjagers hebben hun verdedigingslinie al betrokken. Wat de uitslag van het onderzoek ook mag zijn: toen mocht het niet, dus de straffen waren terecht. Lance Armstrong krijgt zijn Tourzeges nooit meer terug en Michael Boogerd zal niet in ere worden hersteld.

Gelovigen en dogmatici zijn niet gevoelig voor rationele argumenten, ze ketenen zich vast aan het eigen gelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden