ColumnAaf Brandt Corstius

Wanneer had ik een nieuwe uitdrukking als ‘helemaal uitgespeeld’ nog straffeloos kunnen gebruiken?

null Beeld

Zo vaak bloos ik niet meer. Dat is het handige aan de ­coronatijd: je komt bijna niemand tegen, dus bijna niemand kan iets tegen je zeggen waar je rood van wordt. Je loopt in je eentje rondjes door je huis en door het park en je verschiet zelden nog van kleur om een genante ­opmerking die je niet had zien aankomen.

Maar nu had mijn eigen man me aan het blozen gemaakt. Ik zat te vertellen over een vrouw die veel naar YouTube keek en hoorde mezelf ineens zeggen: ‘Die heeft YouTube helemaal uitgespeeld.’

Mijn man begon heel hard te lachen. Ik snapte zijn lange, bulderende lach. Sterker nog, dacht ik, ik zou hem ook uitlachen als hij – hij onderbrak mijn gegeneerde, panische gedachten al met: ‘Helemaal uitgespeeld? Wat ben jij jong en hip!’

Hij had volkomen gelijk. Ik had per ongeluk, in een moment van weinig bewustzijn, maar dat zijn geen excuses, een zinnetje van deze tijd gebruikt dat niet weggelegd is voor mij. (Ik word vandaag 46.) Dat wist ik, maar het was eruit voor ik het wist.

‘Helemaal uitgespeeld’ – dat mag een vrouw van 30 zeggen die lekker een dag door de duinen heeft gelopen in een flared broek en daarna met twee vriendinnen lokaal gebrouwen biertjes heeft gedronken op het strand. ‘Ik heb deze dag helemaal uitgespeeld’, zet ze dan op Instagram. Maar ik moet die woorden niet gebruiken. Ik moet gewoon zeggen: ‘Dit was een heerlijke dag.’

Ik ben met mijn man getrouwd omdat hij een vervelende pestkop is, dus de dagen erna zei hij bij alles waarbij het ook maar enigszins toepasselijk was, en ook als het niet toepasselijk was: ‘Heb je dat helemaal uitgespeeld?’ Of: ‘Heeft hij dat helemaal uitgespeeld?’ En dan werd ik ­opnieuw warm, rood en ongemakkelijk.

Ik dacht erover na wanneer ik een vrij nieuwe uitdrukking als ‘helemaal uitgespeeld’ nog straffeloos had kunnen gebruiken. Ik denk als ik tien jaar jonger was geweest. Maar misschien is zelfs 36 al te oud.

Een andere zin die ik nu veel hoor en lees, ‘Ik voel dit heel erg’, daar ben ik misschien nét niet te oud voor. Maar bijvoorbeeld ‘Daar ga ik goed op’: nee. Dat hoor ik mensen van mijn leeftijd soms zeggen, en dat vind ik dan een beetje triest.

Deze week hoorde ik Mark Rutte tot twee keer toe ‘Ik ben de eindbaas’ zeggen in het lijstrekkersdebat op RTL4. Dat klinkt alsof hij aan het opscheppen was, maar hij zei dat hij de eindbaas van de toeslagenaffaire was; zo’n beetje het laatste waar je de eindbaas van wilt zijn. Maar belangrijker was dat Rutte gewoon niet eindbaas moet zeggen. Hij is 54. En minister-president.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden