Column Thomas van Luyn

Waarom zijn de schotjes tussen pisbakken toch zo laag?

Ik ken geen enkele andere diersoort die zwijgend op een rijtje staat te plassen. Maar dat doen mannen in urinoirs, kijkend naar de muur of naar de actie onder hun neuzen. Het is een oplossing voor wanneer een hoop kerels tegelijk moeten plassen: café’s, tankstations, stadions. Mooi dat het er is, maar als het even kan zoek ik toch liever de safe space van een afsluitbaar kamertje op. Niet uit plasangst, wat veel mannen schijnen te hebben, maar vanwege de emotionele stilte die de plee nou eenmaal biedt. Deur dicht, slot erop, effe rust. Er hoeft eigenlijk niet eens een wc in te staan. Liever niet eigenlijk. Een luie stoel en de Encyclopedia Britannica, dat is genoeg voor mij. Die plas houd ik wel op.

Pisbakken hebben een sociale functie. Althans dat vermoed ik, want er moet een reden zijn waarom die schotjes ertussen zo bizar laag zijn. Ze zijn de meest minimale concessie aan de privacy, zo van: vooruit, omdat je zo’n nuffige trut bent doen we er een schotje tussen zodat je nét niet de piemel van je buurman ziet, maar je moet elkaar wel in de ogen kunnen kijken. Interessant trouwens, dat ik bezorgder ben dat ik de jodokus van mijn buurman zou zien dan andersom. Artiest hè, geen enkele moeite met aandacht krijgen, maar het aan een ander geven ho maar.

En geloof me, ik ben enorm dankbaar dat er überhaupt een afscheidinkje is. Echter, als ik diep in mijn hart kijk, bespeur ik geen enkel, maar dan ook geen enkel verlangen om vanaf borsthoogte wél sociaal te wezen tijdens het pissen. Dat is gewoon niet waarvoor ik kom. En mijn buurman, hij heeft dezelfde terughoudendheid. Hij en ik, wij doen ons best om elkaar zo goed en kwaad als het gaat te negeren, hetgeen niet makkelijk is zo schouder aan schouder. Wij kijken stuurs naar de tegeltjes vóór ons, spellen het reclamebordje van Eliza was here uit (Wat, hier ook al? Gekke Eliza!), of naar beneden, hoewel we dondersgoed weten dat ook daar geen verrassingen zullen zijn. Hoogstens wat uitgevallen, gekrulde schaamhaartjes (waarvan ik me altijd afvraag of dat komt doordat schaamhaar zo broos is dat het afbreekt, of doordat we af en toe in de rui gaan, of doordat sommige mannen neurotisch hun schaamhaar uittrekken) en een ammoniak-katalyserend blokje, opdat we elkaar niet ook nog eens ruiken.

Maar de mogelijkheid om over de schotjes heen een gezellig praatje te maken blijft. Wie weet is dat de bedoeling. De Romeinen hadden tenslotte gemeenschappelijke poepruimten, waarin mensen in een zithoek-opstelling zaten te kakken. En misschien zou het wel beter zijn om in deze geïndividualiseerde samenleving, waarin we constant met onze neuzen op onze smartphones zitten, wat meer contact te maken op momenten dat de gelegenheid zich voordoet.

Krantje erbij, sigaartje, gezellig.

Ik denk eerder aan het tegengestelde: als er al schotjes zijn, wat zijn dan de zwaarwegende belangen die verhinderen die een beetje hoger te maken? Sterker nog, als er toch al schotjes aan weerszijden zijn, waarom zouden we ze dan niet dieper maken en er een deurtje achter zetten? Er hoeft niet eens een slot op, we zien de benen wel. O, en een muziekje om de klatergeluiden te verdringen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden