Opinie Indonesië-onderzoek

Waarom telt Nederlands leed niet mee in Indonesië-onderzoek?

In het Indonesië-onderzoek dreigt te weinig aandacht te zijn voor de slachtoffers van het Indonesisch geweld. 

Een groep Europese en Indonesische meisjes, in toneelkleren, in de tuin van de Ursulinenschool in Bandoeng, 1880-1910. Beeld Foto HH / Spaarnestad

Telt Nederlands leed? Het is een vraag waaraan volgers van het onderzoek Dekolonisatie, geweld en oorlog. Indonesië 1945-1950 niet kunnen ontkomen. De opzet van het onderzoek is zo weinig onbevangen en onafhankelijk dat het lijkt alsof er moet worden toegewerkt naar een maatschappelijk wenselijke conclusie. Het is het resultaat van jarenlang gelobby door een bont gezelschap van dubieuze activisten, waardoor Nederlands leed wordt gebagatelliseerd en weggemoffeld.

Als gevolg van de evident racistische vervolging door Indonesische bendes liet één op de zes Nederlanders gedurende de periode 1945-1950 in voormalig Nederlands-Indië het leven. Nederlandse slachtoffers waren er dus wel degelijk, maar de onderzoekers schrijven daarover op hun website dat dit ‘[…] een complexe periode [is] waarover nog steeds veel onduidelijkheden en mythes bestaan’. Nooit eerder werd het Nederlandse leed zo expliciet bij het grofvuil gezet.'

Geen ruimte voor Nederlandse slachtoffers

Het is schokkend, maar wekt tegelijkertijd weinig verbazing meer. De ‘academische onafhankelijkheid’ past naadloos in de trend waarin moet worden afgerekend met ons zogenaamde foute verleden. Voormalig Nederlands-Indië behoort blijkbaar tot dat verleden en in die context is geen ruimte voor Nederlandse slachtoffers. Het echte verhaal van Indisch Nederland mag niet worden verteld en wordt langzaam in de doofpot gestopt.

Daarentegen wordt het Indonesische slachtofferschap wel breed uitgemeten. Anno 2019 ontkent niemand dat er tussen 1945-1950 misdaden zijn begaan door Nederlandse militairen, maar in de beeldvorming lijken Indonesiërs inmiddels de enige slachtoffers.

Het is het resultaat van jarenlang gelobby door marginale actiegroepen, met geen enkel respect voor Nederlandse getroffenen. Met haar absolute claim op de waarheid houdt de pro-Indonesische lobby het publieke debat gegijzeld. De onderzoekers lijken voor deze agenda gezwicht.

‘Landverraders’

Terwijl rationele stemmen bij het onderzoek vakkundig worden geweerd, wordt de rode loper uitgelegd voor een Indonesische activist als Soekarno-adept Jeffrey Pondaag. De beste man noemt Indische Nederlanders steevast landverraders - notabene een gemeenschap die volk en vaderland altijd trouw is gebleven - en daarmee is hij uitermate populair bij zelfkastijdend Nederland. Wellicht is hij om die reden ook een ‘interessant’ geluid bij het onderzoek naar hun geschiedenis. Joost mag het weten.

Het einde van deze gekte is niet in zicht. Ettelijke open brieven, opiniestukken, klachten, onderzoeken, procedures, schadevergoedingen enzovoort verder blijft verongelijktheid en verbittering de actievoerders achtervolgen. Het is nooit genoeg, zo bleek ook vorige week, toen Lara Nuberg in de Volkskrant, onder de titel ‘Onderzoek ‘Indië’ samen met slachtoffers’, het evangelie van exclusief Indonesisch slachtofferschap verkondigde (O&D, 5 februari).

Het feit dat Indonesiërs hun rol van bloedvergieten liever niet aan de grote klok hangen liet de historica onbenoemd. Met geen woord wordt er gerept over het Nederlandse leed. Dit past niet in het verhaal zoals dat volgens de activisten moet worden verteld. Het legt de hypocrisie van de zogenaamde ‘nobele’ actievoerders haarfijn bloot. Nooit zullen zij zich inspannen voor gerechtigheid voor slachtoffers van Indonesisch geweld, noch voor - ik noem maar wat - de niet-betaalde salarissen en soldij van voormalig ambtenaren en KNIL-soldaten. Maar waarom tellen deze mensen eigenlijk niet mee?

Tegengeluid

Nederlands leed bestaat voor dit soort lieden niet. Over de slachtoffers van met bamboesperen en kapmessen bewapende Indonesische bendes hoor je de pro-Indonesische lobby niet of nauwelijks. En als ze daar al over spreken dan is het louter vergoelijkend.

Ondertussen grijpen de activisten alle middelen aan die onze democratische rechtsstaat hen biedt. Het wordt tijd dat Nederland een tegengeluid formuleert en opkomt voor zijn getroffenen. Als wij niets doen, wie dan wel? Er is niemand anders die zich ons leed zal aantrekken. Van het ‘wetenschappelijke’ onderzoek dat zich zo gemakkelijk laat ringeloren door onfrisse actiegroepen hoeven we in ieder geval niets te verwachten. 

Micha’el Lentze, namens de Federatie Indische Nederlanders.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.