Verslaggeverscolumn Marjon Bolwijn in verzorgingshuis De Blanckenborg

Waarom oudere homoseksuelen terug de kast in kruipen: ‘Oh, dat is mijn broer’

‘Oh, dat is mijn broer,’ antwoordde de oude heer aan wie ook maar vroeg naar die man op de ingelijste foto, zo prominent pronkend op zijn dressoir. Mooi, dat hij zoveel om zijn broer gaf, merkte dan ook de verzorgende in het verpleeghuis op, toen hij dit voorjaar voor de laatste keer een blik op het portret wierp. De oude heer was overleden en zijn kamer moest leeg geruimd. De Groningse streektaalzanger Klaas Spekken hielp als goede vriend een handje. ‘Broer?’ riep hij verontwaardigd uit. ‘Dit was zijn mán. Veertig jaar lang zijn ze samen geweest!’

Het raakte Klaas Spekken dat er homoseksuelen zijn die de laatste jaren van hun leven in een zorginstelling weer terug de kast in kruipen. Zijn oude vriend had kennelijk niet de ruimte en veiligheid gevoeld open te zijn over zijn geaardheid. De zanger besloot iets aan homotolerantie in de ouderenzorg te gaan doen. En zoals dat wel vaker gaat als je vol bent van een voornemen, ontmoette hij een gelijkgezinde: Marjet Bos, ambassadeur in de provincie Groningen voor ‘Roze 55+’ van het COC. Met pianist Vincent Grit maken ze een tournee langs zorginstellingen in de provincie Groningen. De aftrap is in verzorgingshuis De Blanckenborg in het dorp Blijham.

Beeld RV

Elk verzetje is welkom. De recreatiezaal zit bomvol met meer dan honderd ouderen uit het huis en de aanleunwoningen rondom. Als Marjet meteen met de deur in huis valt, klinkt hier en daar gemor: ‘Wat is dit nu?’ Ze vertelt dat de middag gaat over mannen die van mannen houden en vrouwen die op vrouwen vallen. ‘Kent u iemand? Dat kan haast niet anders, want een op de tien mensen is homoseksueel.’

In de pauze zullen verzorgenden van De Blanckenborg vertellen niet één homoseksueel te kennen onder de 240 ouderen die hier wonen of voor dagbesteding over de vloer komen. Directeur Herma Fridrichs, wel: één om precies te zijn. Een dementerende man: ‘Dementie neemt alle remmingen weg’. Natuurlijk moeten het er meer zijn, maar ze weet dat homoseksualiteit nog gevoelig ligt bij deze generatie, zeker in deze regio. In hun jonge jaren bestond het zogenaamd niet, sprak je er niet over en kon ontdekking tot ontslagen leiden. Klaas Spekken kent jonge Groningse boeren die ook nu nog maskeren dat ze homo zijn door te trouwen met een vrouw.

Klaas Spekken Beeld RV

Marjet vertelt het grijze publiek dat ze twintig jaar als geestelijk verzorger in de ouderenzorg heeft gewerkt, maar in die tijd niet één oudere is tegengekomen die durfde uit te komen voor zijn homoseksuele geaardheid. ‘Hoe naar is het als je in de laatste jaren van je leven niet kunt vertellen over je grote liefde, omdat je bang bent genegeerd of gepest te worden?’

‘Sorry dat ik besta’ zingt Klaas Spekken. ‘Er moest toch een liedje zijn. Al was het alleen maar ’n refrein. Al waren ’t maar vijf regeltjes. Over Romeo en Julius.’

Om de middag niet loodzwaar en prekerig te maken zingt hij ook klassiekers uit de Groningse liedkunst, die gretig worden meegezongen. ‘Ik heb die zo laif. Alles is schoner, de lucht is hier blauwer. Mien laifde veur Grunnen gaat noeit meer veurbie.’

Zijn persoonlijke anekdotes doen het ook goed. Als hij op zijn zeventiende zijn ouders vertelt op jongens te vallen, zegt zijn moeder dat alláng te weten. Maar zijn vader pakt in een woest gebaar de hondenriem van de kapstok en klaagt: ‘Mijn kinderen kunnen ook nooit normaal doen.’ Er klinkt een bevrijdend gelach door de zaal als Klaas er op laat volgen: ‘En toun ging hij de hond uutloaten.’

Bij het liedje Pabbe (pappa)dat hij er op laat volgen, houdt een man op de voorste rij het niet droog. ‘Dat ik op jongens vuil, ik zag bie die de stried. Mor de laifde won, wie ruiken mekoar nait kwied.’

Als Marjet ouderen uit de tent probeert te lokken met de vraag wie een dochter heeft die nooit een man heeft gehad, gebeurt er iets dat ze niet had durven dromen. ‘Ja, onze dochter van 58 jaar, ze is lesbisch,’ klinkt het. Aan de andere kant van de zaal begint een vrouw te vertellen over haar kleinzoon, die samenwoont met zijn vriend. ‘Oma, vroeg hij, vind je dat erg? Nee natuurlijk niet. Het is jouw leven,’ antwoordde ik. De 86-jarige heeft niet eerder in dit huis over deze kleinzoon verteld. ‘Ook nu mijn mond houden voelde niet goed.’

Het trio achter de microfoon haalt opgelucht adem. Het eerste zaadje van hun Roze Tournee is geplant.

Marjet met haar vrouw Beeld RV
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden