VerslaggeverscolumnMargriet Oostveen in Lingen

Waarom Monique en Janet per scootmobiel naar München rijden (en terug)

Monique en Janet maken per scootmobiel een roadtrip van een kleine tweeduizend kilometer. Van het Drentse Gieten helemaal naar München, en terug.

Daar, in het nabijgelegen plaatsje Velden, willen ze hun favoriete charmezanger Andreas Gabalier zien: ‘Weil sie weiß was sie will/ Kommt sie immer ans Ziel’.

Andreas Gabalier is ‘op de hoogte’ en bereidt als de berichten kloppen ‘een onthaal’ voor. 

Monique heeft de hele route opgezocht op Google Maps. Veertig pagina’s uitgeprint en in plastic hoesjes gestopt. Gewoon de fietsroute volgen en met een ommetje langs Oostenrijk weer naar huis. Ze hebben twee maanden.

Monique (li) en Janet.

En iedereen vindt het prachtig. Monique en Janet, antihelden. Na alle jolige media-aandacht voor ‘de monstertocht’, de aanmoedigingen en het feestgedruis rond hun vertrek vorige week rijd ik hen achterna. Ze staan dan al in het Duitse Lingen, op het trekkersveldje van Camping am Wasserfall. Veel oude stacaravans met schotelantennes en rollators voor de deur.

Monique zit me op een muurtje bij de parkeerplaats op te wachten. Vertelt hoe ze de dag ervoor door een hoosbui gingen (‘Wij rijden gewoon door’). De laatste 1.800 meter begaf de accu van Janets scootmobiel het ook nog, toen is Monique achter haar gaan rijden en heeft ze Janet met gestrekt been vooruitgeduwd. Daarna geen oog dicht gedaan: luchtbed leeggelopen.

Getuige de vrolijke foto’s op hun Facebookpagina ‘Monique Janet’ zijn ze gek op frituurwaren, driedubbele uitsmijters, droge worst, op roken en op Duits gebak. In gesprek blijkt pas hoe hondstrouw ze aan elkaar zijn, sinds ze zeven jaar geleden min of meer buurvrouwen werden. 

Maar trouw werd minder een maatschappelijke prestatie dan de zogeheten ‘gezonde leefstijl’. Terwijl ze elkaar nogal op de been houden, Monique Baron en Janet Hut. Vijfenveertig en tweeënvijftig jaar oud. Brengen hun dagen in Gieten grotendeels samen door, ze kleuren in kleurboeken voor volwassenen, spelen bingo en doen boodschappen.

Janet was vroeger hovenier van beroep, ze zaagde bomen, sloopte huizen, mannenwerk. ‘Mijn vader zei vaak ‘Kijk nou uit meisje, straks ben je kapot’, en nu ben ik kapot.’ Ze heeft veel pijn, mist zeven tussenwervelschijven, daardoor valt haar voet soms uit.

Janet: ‘Maar samen kunnen wij zo ontzettend lachen, het is gewoon hilárisch.’

Monique: ‘Ja, hi-la-risch.’

Klaar voor vertrek.

Monique is hartpatiënt en heeft ontstekingsreuma, zij was vrachtwagenchauffeur, net als haar man, die overleed toen ze tweeëndertig was. Waarna een zwaar verkeersongeluk voor Monique volgde en alles verschrikkelijk is misgegaan. Hoe verschrikkelijk mag ik niet opschrijven: te onherstelbaar verdrietig voor anderen.

Als alles eenmaal is verteld geeft Janet brommend klopjes op Moniques rug. Hè, hè. Dat lucht op.

Monique: ‘Je moet denken in oplossingen.’

Janet: ‘Ja. Wij denken in oplossingen’.

Naar München dus, om Andreas Gabalier te ontmoeten. Uit deze ingeving ontstond het plan in één moeite door de scootmobieler te emanciperen (‘Je wordt toch aangekeken: wat doet zo’n jong mens nou in een scootmobiel.’)

En binnen de kortste keren was de halve Gietense middenstand sponsor, ze staan allemaal keurig in Moniques schriftje, van keurslager Boxem tot bakkerij Job. Kregen ze aanhangwagentjes, twee tentjes en de luchtbedden. Een vriend fungeert als bezemwagen, hij komt vanavond een nieuw luchtbed brengen.

Aan haar voeten torst Monique op haar scootmobiel een complete sporttas gevuld met medicijnen mee (nee, haar huisarts ‘staat er niet 100 procent achter’). Janet weet dat er nitroglycerine achter Moniques tong moet als haar lippen blauw worden door hartfalen, en Monique weet dat ze een pauzedagje moeten inlassen als Janet behoorlijk stoned wordt, op dagen dat ze 1.000 mg van de pijnstiller Tramadol slikt. Zelf heeft Monique ook morfine achter de hand.

Het plaatselijk maatschappelijk werk Attenta deelt hun avonturen in een app.

De gemeente Aa en Hunze regelde de verzekering van de scootmobielen. En de burgemeester gaf ze een sticker met ‘Aa en Hunze’ mee en noemt ze ‘ambassadeurs’. En goede reis dan maar!

‘Hi-la-risch’, zeggen Monique en Janet.

Ik help nog even hun tentjes opvouwen, waarbij ze vervaarlijk hijgen en moeten uitrusten en maak me toch wat zorgen.

Maar daar gaan ze alweer. Janet wil haar kleinkinderen laten zien ‘dat niets onmogelijk is’, en Monique wil ‘denken in oplossingen’.

Alleen zo zien ze je nog staan, tegenwoordig.

Hè, hè. Dat lucht op.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden