VERSLAGGEVERSCOLUMNtoine heijmans in Amersfoort

Waarom de supermarkten zelf verspilling veroorzaken, en wat de voedselbank ermee te maken heeft

In de strijd tegen de voedseloverschotten waar dit land mee kampt, geeft supermarktketen Lidl eten dat overtijd dreigt te raken voor een of twee kwartjes weg. Je moet er snel bij zijn, zeggen ze in de winkel waar het vernieuwende concept is uitgeprobeerd – ruim voor openingstijd staan de klanten klaar en niet veel later zijn de bakken leeg.

Eerst het vlees, dan het brood, dan de groenten, zegt supermarktmanager Michiel. ’s Avonds pikt hij de spullen eruit en zet die alvast klaar. ‘Datums lopen’ heet dat in jargon. Zijn winkel heeft sowieso een ingenieus systeem om overtollig voedsel te verwerken, met groene (‘afschrijving’) en gele (‘kan terug’) zakken en bakken. En de goedkope ‘to good to go’-boxen die klanten bestellen met hun app: superpopulair.

Hippe Lidl.Beeld Toine Heijmans

Het was nog even uitvinden hoe dat met de kwartjesbakken moest – klanten gingen er in eerste aanleg met kilo’s schouderkarbonade vandoor – maar inmiddels zijn de regels duidelijk: maximaal twee maal vlees/brood/groente per klant. Het is een leuke klus erbij en een kleine moeite, zegt Michiel: ‘Je weet waar je het voor doet’. En: ‘Zo kun je voor een euro een hele dag eten.’

De Lidl, dat was toch de opendozensupermarkt met gekke merken als Milbona-melk, Combino-pastasauzen, Freeway-cola, Bellarom-koffie, Saskia-appelsap, Snack Day-stapelchips en Freshona-augurkensticks? De efficiënte no-nonsensewinkel waar het aloude op=op-beleid nog weleens tot lege schappen leidde? Maar de Lidl, schreef Daphne van Paassen in de Volkskrant, is nu de progressiefste van het land, en in deze chique nieuwbouwwinkel lonken brede gangpaden, verse sapjes, verantwoorde eieren en een ruime broodhoek – bijna hipster.

Geen rijen en geen lege schappen, want supermarkten puilen graag uit als 17de-eeuwse pakhuizen, alle dagen van de week geopend, dat is wat welvaart doet.

Tien minuten verderop staat wel een rij, helemaal tot over het parkeerterrein: daar is de voedselbank, ook superpopulair. In één maand 85 nieuwe klanten, nog nooit vertoond, veelal slachtoffers van de nulureneconomie want die zijn in de viruscrisis het gemakkelijkst te ontslaan.

‘Wij zijn een soort van Lidl’, zegt Adrie, de coördinator van het imponerende magazijn, professioneel voorzien van heftrucks en vrieskamers. ‘Het is ook onze doelgroep. Mensen die je hier ziet zie je daar ook en dan doe ik natuurlijk net of ik ze niet herken’.

Ook hier zijn de dozen open en de schappen nooit leeg, maar dat heeft een andere reden.

Adrie in het magazijn van de voedselbank.Beeld Toine Heijmans

Eerder zag ik hoe de voedselbanken, die pas achttien jaar bestaan, efficiënte grootbedrijven zijn geworden drijvend op energieke vrijwilligers als Adrie. Hier bouwen ze nu ook spreekkamers voor een ‘minimacoach’ en ‘schuldhulpmaatjes’. Het is een goede plek om armoede bij de wortel aan te pakken. ‘Wat je wilt bereiken’, zegt hoofd bedrijfsvoering Annita van Nieuwenhuizen, ‘is dat mensen weer hun eigen broek ophouden, dat ze gewoon weer in de supermarkt kunnen winkelen’.

Andere voedselbanken bekijken het kwartjesconcept van Lidl met argusogen, ze vrezen tekorten. Annita niet. Alles wat voedselverspilling kan stoppen, is winst. En dan legt ze uit hoe voedseloverschotten in Nederland eigenlijk ontstaan en hoe de voedselbanken deel zijn geworden van een merkwaardig afschrijfsysteem.

‘Supermarkten concurreren elkaar elke dag weg met enorme keuzes en continu volle schappen. Dat rekenen ze door in de prijs. Geen wonder dat ze spullen overhouden.’ De schappen moeten vol zijn, ook om negen uur ’s avonds, want dat wil de klant, daar is de hele productieketen op ingericht. Volle schappen is welvaart, lege staan armoedig. Zie de verbijstering een paar maanden geleden, toen pasta en toiletpapier raakten uitverkocht.

Wat overblijft, gaat deels terug naar de distributiecentra, deels naar verwerkingsbedrijven of de stort. En dat kost allemaal geld. Voor een deel gaat het ook naar de voedselbanken, die inmiddels zelf negen regionale distributiecentra beheren. Zo schuiven de voedseloverschotten door Nederland. ‘Alles hangt samen’, zegt Annita: de voedselbanken zijn een oplossing voor een probleem van de supermarkten en een mooi pr-argument, fabrikanten blijven de houdbaarheidsdatums gebruiken als verkoopstimulans, vrijwilligers dieselen met hun busjes voorraden heen en weer. Het houdt zichzelf in stand.

Verspil mij niet!Beeld Toine Heijmans

Daarom vindt ze de Lidl-antiverspillingsactie een mooi begin van een echte oplossing. En Annita voorspelt hoe de armste klanten straks gewoon bij de supermarkt goedkoop kunnen winkelen, met een pasje of een vingerafdruk, zonder schaamtevol in de rij staan, baas over eigen budget. Zonder gesleep met voorraden.

Ze kijkt het magazijn rond en zegt: ‘Over dertig jaar bestaat dit niet meer.’

Dat is nog eens een vernieuwend concept.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden