VerslaggeverscolumnToine Heijmans In Loon op Zand

Waarom carnaval vieren juist nu belangrijk is

n Beeld n
nBeeld n
Toine Heijmans

Het is bal in café De Kiosk, met zanger Rens en dj Toob, ‘het eerste feest in 1,5 jaar!’ Elders begrijpen ze dat niet, waarom nu feesten en waarom juist hier, in het dorp van patiënt nul, in het landsdeel waar de ellende begon. ‘Carnaval’, zegt dj Toob, ‘wordt breed uitgemeten’ – niemand klaagt over het festival vlakbij dat afgelopen weekend vijftienduizend mensen trok, ‘maar dit wordt weer geromantiseerd’.

Corona daalde in Nederland neer precies op dit kerkdorp, een man werd ziek en een uur later al ging zijn carnavalsfoto rond op de sociale media. Alsof hij er iets aan kon doen, of het carnaval. Tot in de tuin van dj Toob stonden journalisten om reacties te hengelen, ze wisten dat hij familie is van patiënt nul, zelfs de serieuze journalisten bonkten op zijn raam. Het was de aankondiging van een tijd vol onzekerheid en stress.

Café De Kiosk wil de huiskamer zijn van het dorp, het ligt mooi onder oude platanen maar dat is niet genoeg. Vlak voor de pandemie kreeg het nieuwe eigenaren, Dany en Frans. Ze namen tien personeelsleden over maar kregen geen geld uit het coronanoodfonds vanwege hun nieuwe loonheffingsnummer; het dorp hielp ze erdoorheen met een benefiet en dertigduizend euro. En nu is het bal, in Theebuikenland.

Dj Toob draait gratis en maakte voor niks de promo’s, als vriendendienst ook voor het dorp dat almaar stiller wordt. De jeugd gaat stappen in de stad, zo’n dorp moet vechten voor z’n gezelligheid. De elfde van de elfde is het startschot voor een carnaval dat misschien opnieuw wordt afgelast, net als zijn wintersportvakantie want met alleen een Janssen-prik komt hij Oostenrijk niet in. Dat is wat corona veroorzaakt: constante onbestendigheid.

Er mogen 180 mensen in De Kiosk, het bal duurt tot middernacht, ‘alles volgens de gestelde regels’, ‘wat kan daar nou fout aan zijn?’ Maar weer krijgt dj Toob een journalist op bezoek want dit is carnaval, en weer wordt er schande van gesproken omdat de ziekenhuizen vol patiënten liggen. De dolle dwaze dancedagen in Amsterdam leverden duizend besmettingen op, maar niemand vond dat erg.

Bal in Brabant. Beeld Toine Heijmans
Bal in Brabant.Beeld Toine Heijmans

Dj Toob draait feestcafémuziek, een uit de hand gelopen hobby; als Tobias van Esch werkte hij tot voor kort in de beademingsapparatuur. Vanaf virusdag 1 maakte hij mee wat er gebeurde in de ziekenhuizen, en bij de patiënten thuis. Disclaimer: ‘ik ben geen wappie, corona bestaat’, maar wat hij zag op de ic’s was een personeelsprobleem, geen pandemie, ‘ze hebben anderhalf jaar de tijd gehad daar iets aan te doen’.

Waarom zijn er geen covid-verpleegkundigen opgeleid in die tijd, vraagt Tobias zich af, waarom zijn de ic’s niet ontlast door mensen thuis te beademen, waarom zijn de ziekenhuizen niet flexibeler gaan werken, ‘er is niks gebeurd’. ‘Waarom bepalen oude mannen dat de jeugd niet meer mag feesten, ze hebben geen idee van het belang ervan. Waarom gaat alles iedere dag over corona?’

Onderwijl smelt carnaval weg uit het dorp, het carnavalscomité is al ter ziele, de coronajeugd leert het niet meer kennen. Hoe lang is er nog interesse in een dorpsfeest met zo’n ongewisse toekomst? Wel is er nog een groep die ook dit jaar een carnavalswagen bouwde, en bezig is een vereniging te worden, ‘Loon op Stap’, ‘we hopen gewoon nog één keer lekker mee te kunnen doen’, zegt Imke van der Velden, ‘en het dan over te dragen aan de jongere generatie’. Het bal in café De Kiosk is hoop.

Elders wordt carnaval gezien als vrijbrief voor een paar dagen losbandigheid, hier is het sociaal cement, ‘het is voor ons de week waar we met z’n allen het hele jaar naartoe leven’, zegt Imke, ‘je ziet iedereen weer, het is genieten met z’n allen’. Dit is een klein en kwetsbaar dorp, ‘door carnaval maak je vrienden voor het leven, je hebt iets met elkaar’. Ze bouwen geen ‘supermooie praalwagen’, maar struinen wel enthousiast optochten en feesten af, en vieren de laatste carnavalsnacht graag in café De Kiosk – als dat nog ooit mag.

En een dorp verderop zegt Rob Grijsbach, prins carnaval: ‘ik ben benieuwd of het ooit weer wordt zoals het was’.

Morgen is het bal, overmorgen is de coronapersconferentie, en prins Rob d’n Irste, die zelf zanger is en werkt in een fabriek voor deuren en kozijnen, zit snotterig thuis te wachten op de uitslag van de test. De pandemie gaat nog jaren duren, of hij zijn prinselijke taken kan volbrengen is de vraag.

‘Het leven verandert gewoon’, zegt Rob, ‘en ik ben bang dat het voor altijd is.’ Ook daarom is carnaval vieren van belang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden