Column Koen Haegens

Waar een handelsoorlog echt om draait, is de gele trui van de geopolitiek: hegemonie

Zonder handelsoorlog moesten de aandelenbeurzen een animatieteam inhuren, zo zou saai zou het zijn. Gelukkig gaat er amper een dag voorbij zonder verse geruchten over het conflict tussen de Verenigde Staten en China – en in mindere mate Europa. Ze onderhandelen weer: koersen omhoog. Trump stuurt boze tweet? Koersen omlaag.

Het achterliggende conflict draait niet om tarieven, staal of aluminium. Op het spel staat de gele trui van de geopolitiek: hegemonie. De ultieme dominantie van één land op wereldschaal. Wat de Verenigde Staten werkelijk dwarszit, is het plotseling doorgedrongen besef dat de Chinese economie meer leunt op innovatie dan domme spierkracht. Hét symbool van deze technologische Koude Oorlog is het Chinese communicatieconcern Huawei. Zijn omstreden 5G-technologie verhit overal ter wereld de gemoederen.

Hoe dat gaat aflopen? In zijn onvolprezen The Long Twentieth Century beschreef de tien jaar geleden gestorven politiek econoom Giovanni Arrighi de geschiedenis als een opeenvolging van steeds machtiger landen die de lakens uitdelen. Het begint met steenrijke, maar militair afhankelijke stadstaten als Genua. Daarna volgt de Hollandse gouden eeuw, inclusief VOC-mentaliteit. De derde ronde is voor het Britse rijk. Dat houdt het niet enkel bij financiering en handel, maar ontpopt zich tot werkplaats van de wereld. In de twintigste eeuw nemen tenslotte de Verenigde Staten het stokje over. En nu is er dus China dat de grootste jongen van het schoolplein uitdaagt. Met een BBP van ruim 14 biljoen dollar (14 duizend miljard) is het land opgeklommen tot de op één na grootste economie ter wereld. Samen met de Amerikaanse concurrentie zijn de Chinezen goed voor de helft van alle wereldwijde militaire uitgaven.

Natuurlijk is dit geschiedschrijving van de grote greep. Niks nuances. Wat Arrighi’s cycli fascinerend maakt, is zijn beschrijving van de wisseling van de wacht. Vroeg of laat staan er een of twee uitdagers op. In plaats van het succesmodel van hun voorganger te kopiëren, koesteren die hun eigen versie van het kapitalisme. Hoe dat model er voor kandidaat-hegemoon China uitziet, moge duidelijk zijn: geen liberalisme, maar staatskapitalisme.

Het meest verontrustend zijn de conflicten waarmee dit steevast gepaard gaat. De Amerikaanse glorietijd kon pas echt beginnen na twee wereldbranden. De Britten vochten maar liefst vier zeeoorlogen uit met de Nederlanders. Echt vreedzaam verloopt de overgang van het ene naar het andere tijdperk nooit. Zo bezien mogen we ons gelukkig prijzen met wat importtarieven en dreigende tweets.

Er is één probleem. Volgens Arrighi was de Vietnamoorlog al de ‘signaalcrisis’ die het begin van het einde van de Amerikaanse hegemonie markeert. Toen kwam de Golfoorlog, het fiasco van de Irak-oorlog en nu weer de Chinese handelsoorlogen. Die opeenvolgende economische supermachten vormen kortom een elegante, verhelderende theorie. Maar ik blijft met die cruciale vraag worstelen: aanschouwen we anno 2019 dan écht het einde van de Amerikaanse eeuw? Of is dit nog steeds het voorprogramma?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden