Aaf Brandt Corstius

Vrouwen weten beter wanneer ze iets te melden hebben en wanneer niet

Vorige week kwam het nieuws naar buiten dat er te veel witte mannen aan talkshowtafels zitten, een feit waar je natuurlijk keihard van achterover slaat. Deze misstand, stond in alle artikelen, was vastgesteld door Margo Smit, de ombudsman voor de Publieke Omroep, die dus eigenlijk een vrouw is en daardoor minder kans maakt dan bijvoorbeeld Jan Mulder om bij een talkshow te worden uitgenodigd als deskundige in de ombud.

Ik was blijkbaar de enige die dat rapport ook echt las, want ik kwam erachter dat Margo Smit het niet heeft geschreven, maar haar stagiair, Jip Meijers, die trouwens ook een vrouw is. Ik vond het rapport hartstikke vermakelijk, al waren de conclusies niet shockerend.

Twee conclusies: witte mannen zitten bovenmatig vaak aan een talkshowtafel en binnen deze steekproef zat van alle witte mannen Xander van der Wulp het bovenmatig vaakst aan tafel. Op de voet gevolgd door, overigens, Angela de Jong, de vrouw met de missie om in haar eentje alle vrouwelijksheidsstatistieken van talkshows recht te trekken.

Jip Meijers had de redenen verzameld waarom mannen vaker in talkshows zitten dan vrouwen, en waarom mensen die zij categoriseerde als ‘wit’ er vaker zitten dan mensen die zij categoriseerde als ‘met een niet-westerse migratieachtergrond’ (een kleurverschil dat ik nog niet kende).

De redenen dat er steeds witte mannen gekozen worden, zijn: tijdsdruk, beschikbaarheid van gasten, kijkcijfers, amusementswaarde en gemakzucht. Als je daar een eenvoudige rekensom van maakt – ‘Wie neemt er altijd de telefoon op, kan altijd, trekt meer dan een miljoen kijkers, zegt iets ontregelends en woont toch al onder de tafel van de studio?’ – dan ís de enige logische uitkomst inderdaad Peter R. de Vries. Dat is een wiskundige wetmatigheid, blijkt.

Meijers had ook leuke staatjes over gasten die geschikt waren om aan tafel te zitten (een berendeskundige over beren, dit verzin ik nu) of helemaal niet geschikt (Peter R. de Vries over beren, dit verzin ik ook, maar het zou kunnen). Opvallend vaak bleken gasten op geen enkele manier geschikt voor het onderwerp waarvoor ze waren uitgenodigd.

In een andere passage schreef Meijers: ‘Lage bereidheid om aan te schuiven speelt ook bij vrouwen een rol, vertellen de (eind)redacteuren.’ En: ‘Vrouwen zijn doorgaans namelijk onzekerder over hun eigen kundigheid.’

Hm. Als deze witte vrouw daar even iets over mag zeggen: dat klinkt wel erg vrouwtjesachtig. Wat zíjn de vrouwtjes toch weer onzeker.

Mag ik het anders stellen? Vrouwen weten wellicht beter wanneer ze iets te melden hebben en wanneer niet. Zo wordt deze vrouw ook weleens gebeld door talkshows, over onderwerpen variërend van de sterfte van een ijsbeertje tot Temptation Island. En zij zegt dan nee, want ze weet niets van ijsbeertjes en Temptation Island.

Een man zou misschien ja zeggen, want mannen zijn, blijkt uit dit onderzoek, eerder bereid om een ondeskundige deskundige te zijn. En juist dat vind ik van diepe onzekerheid getuigen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.