Column Aleid Truijens

Vrouwen moeten hun rechten nemen, dat is de enige manier

‘Echt? Dat kan niet!’ De verbijstering en het ongeloof, onder mannen en vrouwen, over het nieuwtje dat jonge vrouwen een ‘onverklaarbare’ 6,4 procent minder verdienen dan mannen voor precies hetzelfde werk, was groot in mijn omgeving. Dat verbaasde mij dan weer.

Allemaal kenden ze op hun werk een bloedambitieuze jonge vrouw, torenhoog opgeleid, die als een speer carrière maakte en alle mannen voorbijstreefde. Een kinderloze vrouw, ja. Vooralsnog. En allemaal moesten ze toegeven dat bij hen thuis de man, ondanks dat hij gelijk of lager was opgeleid, meer werkte en meer verdiende dan de vrouw. Jahaa, maar dat was hun kéuze.

Hetzelfde ongeloof kom ik tegen bij het feit dat kinderen van migranten een lager schooladvies krijgen in groep 8 dan precies even slimme kinderen van hoogopgeleide autochtonen. Veel leerkrachten geloven niet dat ze onbewust discrimineren. Ze geven die kinderen een lager advies om hen voor teleurstelling te behoeden. Heel empathisch. Net zoals veel werkgevers vrouwen de stress van een managementsfunctie of hoogleraarschap willen besparen. Of menen dat een sollicitant met een vreemde achternaam zich niet thuis zal voelen in de bedrijfscultuur. Discrimineren: niemand wil het of denkt het te doen. Intussen doet vrijwel elk lid van een dominerende groep het.

Mooie analyse, in de Volkskrant, van de ‘onverklaarbare’ kloof die, door correctie voor factoren als sector en werkervaring, ook nog het werkelijke salarisverschil (19 procent in het bedrijfsleven, 8 procent bij de overheid) verdoezelt. Want waarom zou het ‘logisch’ zijn dat in sectoren waar veel vrouwen werken, zoals de zorg en het onderwijs, de salarissen lager zijn? Welke ‘mannelijke’ sector zou zich dat laten welgevallen?

Het is de geniepigste wetmatigheid in deze discussie, die van Sullerot: waar vrouwen in grote drommen enthousiast binnendenderen, dalen de status van het beroep en het inkomen razendsnel. Er zijn meer vrouwelijke dan mannelijke studenten geneeskunde, maar je vindt de vrouwelijke artsen in de slechter betaalde specialismen als huisarts en consultatiebureau-arts, in deeltijd. Chirurgen en orthopeden zijn nog altijd zelden vrouwen.

Regelmatig hoor ik vrouwen zeggen, in de zorg en het onderwijs: ik doe het niet voor het geld, ik vind het zulk mooi werk. Vaak kunnen ze dat ook zeggen, omdat hun man het hoofdinkomen verdient. En ja, iemand moet toch voor de kinderen zorgen, als ‘we’ die niet vijf dagen willen uitbesteden en ‘we’ niet allebei fulltime willen draven voor de baas. Kinderen kosten een hoop energie, dat vergeten mensen die schamperen over ‘deeltijdprinsesjes’ wel eens. En als híj niet vier dagen wil werken, dan ik maar drie. Zo houden we het suffe anderhalfverdienersmodel tot sint-juttemis in stand.

Ook bij de aangedragen oplossingen is de man de norm. Volgens onderzoeker Jaap van Muijen ontbreken prikkels voor moeders om fulltime te werken: belastingtechnisch loont het amper om van vier naar vijf dagen te gaan. Maar waarom allebei vijf? Dit zou voor mannen toch óók een prikkel kunnen zijn om vier dagen te werken? Dat zou veel gezinnen lucht geven.

Als je evenveel wilt bereiken als een man, moet je twee keer zo hard werken, drukte mijn vader mij ooit op het hart. Hetzelfde zeggen ambitieuze migranten tegen hun kinderen: jij moet dubbel zo hard je best doen. Maar waarom moet dat eigenlijk? Wat is dat voor onzin? De enige manier om eeuwenoude privileges en ingebakken verwachtingspatronen te doorbreken is om, thuis en op het werk, vanzelfsprekend je rechten te nemen. Een goed zelfbeeld is moeilijker te verkrijgen dan een glanzend diploma.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden