ColumnPeter Middendorp

Vrolijk Pasen

Ik fietste de hoek om, de straat in langs het water, toen ik merkte dat ik niet meer alleen was op straat, niet langer in mijn eentje, maar onderdeel van een scène was geworden. Ik stapte af en bleef staan. Verderop was even tevoren een man van de brug gesprongen, hij had daar in elk geval een poging toe gedaan. Er schoof al een ambulance de brug op en een brandweerwagen, agenten zetten de boel met linten af.

Er was veel ruimte op straat, overal was ruimte. Een paar mensen waren net als ik roerloos blijven staan, op grote afstand van elkaar, ook aan de overkant. Het leek alsof we op onze plekken waren gezet door een assistent en wachtten op het teken van een regisseur om publiek te worden, mensen te gaan spelen, omstanders, toeschouwers, luidkeels toe te stromen, te dringen, elkaar, het verkeer en de hulpverleners te hinderen.

Een slachtoffer in het echt is een ander slachtoffer dan een in het theater, daar hadden de oude Grieken het al over, maar een enkele keer, zoals deze, misschien wel door het heldere licht, de ongewone stilte en het onnatuurlijke gebrek aan drama en hectiek, leek je de werkelijkheid ook niet helemaal te kunnen vertrouwen.

Normaal zou je je aan de omstanders hebben geërgerd als je kwam langsgefietst, en daarna je eigen ervaring mee naar huis hebben genomen, maar hier hadden we allemaal dezelfde ervaring, maakten we oogcontact en toonden we elkaar over afstand onze empathische gezichtsuitdrukkingen.

Hij wilde niet geholpen worden, werd er gefluisterd, hij wilde springen en nu hing hij daar – ergens aan blijven hangen of haken – in het niemandsland tussen het water en de reikende handen van hulpverleners. Als je onder de brug door keek, kon je zijn voeten zien bewegen, wat goed nieuws was, leek mij, relatief – zolang er beweging was, was er misschien ook nog wel hoop.

Het was geen hoge brug, geen brug om voor dit doel speciaal naartoe te gaan, zodat het leek alsof de man een snel besluit had genomen, huis uit, dichtstbijzijnde brug, klaar. Nu hing hij na een waarschijnlijk lange periode van pijn en ongeluk in een stille pauze te wachten op misschien wel een periode van herstel, opstanding, herrijzenis.

Ik was katholiek opgevoed, ik was het bijna vergeten, maar nu begon ik kruisjes te slaan, twee, drie achter elkaar, en daarna nog een paar. Ik had het geloof in het goede overwonnen, maar het bleef een kleine moeite het kwade te helpen bezweren.

Ik keek nog even om naar de man aan de brug toen ik verder fietste, een mooie, sterke man, met ontbloot bovenlichaam, het hoofd gekanteld, kin op de borst. Het was geen Goede Vrijdag, maar in gedachten tilde ik zijn armen toch maar even op, zijwaarts, tot schouderhoogte ongeveer, evenwijdig aan het wegdek, want tegen de werkelijkheid helpt een verhaal vaak het best.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden