Vrijheid van meningsuiting

Pas nadat de maan als een pistachenoot is opengebroken, begint het leven in Damascus weer.

Het is een uur of acht. Jongens op roestige fietsen rijden met een wiel de lucht in. Overal is het druk. Poort Thomas, Bab Touma, is te nauw voor de mensen die de wijk in willen. Achter de berg Kasioun waar de miezerige rivier de Barrada stroomt, schuiven families aan in gigantische restaurants om mezze te eten – talloze schotels met daarop falafel, hoemoes met vlees, aubergine met granaatappelsap. Ik zit in de christelijke wijk, waar je er alcohol bij kunt drinken.

‘De kunst van mezze eten is de kunst van het vertragen’, zegt een donkere prinses, en ze pakt een stukje brood en dept het in een schaaltje met hoemoes. ‘Je drinkt een slokje arak. Je neemt wat van een bord, pakt een stukje brood. Je kletst wat. Je neemt nog een slok. Iemand zingt een lied, je luistert of zet in en zo gaat de avond voorbij.’

Ze rilt als ze ziet hoe ik in een mum van tijd alle bordjes heb afgewerkt. ‘Ik eet alleen nog met je als je dit walgelijke eetgedrag opgeeft.’

Naast mij in het restaurant zit een Koerdische student. Misschien heet hij Jalo. ‘Er was even hoop, na het aantreden in 2000 van de jonge president Bashar Al-Assad. Er was ruimte voor discussie’, zegt Jalo. Hij draagt een bril, borsthaar schiet uit zijn shirt.

‘Maar nu mogen wij alles zeggen maar niets doen. Bijeenkomsten zijn verboden. Oppositiesprekers mogen wel spreken, alleen is het ze verboden in gesprek te gaan.’ Jalo neemt een slok van zijn arak, anijsdrank. ‘We zijn geboren met angst. De verstikking gaat nooit weg.’

‘Maar je spreekt je wel uit?’

‘Ja, vanavond wel. Wanneer ik drink ben ik niet bang voor de veiligheidsdienst.’
Zijn vriend aan de overkant roept: ‘Hoe weet jij dat hij niet van de veiligheidsdienst is?’
Hij geeft geen antwoord, maar bestelt ook voor mij arak. ‘Waarom Damascus?’ vraag Jalo.

Ik noem mijn redenen. De fascinatie voor de Oosterse stad. De landerigheid die veroorzaakt wordt door de hete wind. De koppige trots van de mensen. De muren die meeluisteren. Het deprimerende gevoel van mensen die zich gevangen voelen. Dit gesprek.

‘Ik heb het gevoel dat ik dit gesprek eerder heb gehad’, zegt Jalo. ‘Je bent als die Zwitserse vrouw die op de fiets naar het Midden-Oosten kwam. Ze wilde ons ontmoeten, de jonge mensen die vechten voor vrijheid van meningsuiting. Ik vertelde haar dat ik niet eens met een meisje op pad kan. Alles in het geniep. Onze verhoudingen tot de Arabische vrouw zijn verstoord. We kunnen geen normale relatie aangaan.’

‘En wat zei de Zwitserse daarop?’

‘Dat we er iets aan moesten doen.’

‘En wat zei jij?’

‘Dat ik me schaamde omdat ik er niets aan deed.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden