OpinieVrijheid van meningsuiting

Vrijheid van meningsuiting is geen absolute waarde

Bij het beledigen en zwartmaken van anderen wordt al te graag de vrijheid van ­meningsuiting opgevoerd, betoogt Tilburgse hoogleraar Wibier.

De actiegroep Fuck Racisme - Fuck de Koning protesteert in 2015 tegen de mogelijke vervolging van de activist Abulkasim Al-Jaberi, die tijdens een demonstratie tegen Zwarte Piet Fuck de Koning riep. Beeld ANP

Wie het drama van de Brexit volgt, heeft gezien hoe gemakkelijk een beschaafd land kan afzakken naar verlammende polarisatie. De verdeeldheid tussen de Brexiteers aan de ene en de Remainers aan de andere kant is inmiddels zo groot, dat er van een serieuze dialoog eigenlijk geen sprake meer is. Beide kampen overschreeuwen zichzelf in de herhaling van het eigen standpunt. Zij beroepen zich daarbij op ‘de wil van het volk’ en maken de tegenpartij uit voor verraders van de democratie. Het gevolg: een puinhoop waarvan het nog maar de vraag is of die ooit nog kan worden opgelost.

In Nederland is het gelukkig nog niet zover, maar er is reden tot zorg. De toon van het maatschappelijk ­debat is verhard en standpunten ­lijken ook hier extremer te worden. Het ­respect voor andersdenkenden staat soms ook hier onder druk.

Dat uit zich bijvoorbeeld in het veelvuldige beroep op de vrijheid van ­meningsuiting als excuus voor het uitdragen van beledigende taal en het zwartmaken van tegenstanders. Een van de vele voorbeelden is de bewering dat de elite de democratische wil van het volk voortdurend zou proberen te negeren, bijvoorbeeld als het gaat over de pensioenen, migratie of het klimaat.

Vrij van staatsbemoeienis

Volgens mij is een van de redenen voor deze zorgelijke ontwikkeling dat vrijheid van meningsuiting en democratie vaak te absoluut worden gezien. Vrijheid van meningsuiting wordt terecht in onze grondwet beschermd. Daarbij moet bedacht worden dat deze vrijheid vooral is ­bedoeld om overheidsbemoeienis en staatscensuur te voorkomen, niet om een vrijbrief te geven aan burgers om elkaar te demoniseren. Zelfs ten opzichte van de overheid is die vrijheid niet ­absoluut. Het oproepen tot geweld bijvoorbeeld, kan niet worden gerechtvaardigd met een beroep op de vrijheid van meningsuiting.

Tussen burgers onderling is de vrijheid van meningsuiting veel minder betekenisvol dan vaak gedacht wordt. Ik kan mijn politieke tegenstander een ‘vijand van de democratie noemen’, zonder in de gevangenis te belanden. Maar dat doen, is ongewenst en onverstandig. Polarisatie heeft de neiging steeds erger te worden. ­Terugroeien is veel lastiger dan te ­proberen altijd hoffelijkheid en ­wederzijds respect te bewaren, ook wanneer je het hartgrondig oneens met je tegenstander.

Het temmen van de natuurlijke neiging om de ander als de vijand te zien, is de kurk waarop onze beschaving drijft. De geschiedenis laat genoeg voorbeelden zien van de verschrikkingen die het gevolg kunnen zijn van het legitimeren van vijandbeelden. Het bewust of onbewust aanwakkeren daarvan kan nimmer worden gerechtvaardigd met een beroep op vrijheid van meningsuiting. Ik deel de bewondering voor mensen die ‘eindelijk eens zeggen waarop het staat’ over het algemeen dan ook niet. Begrip en respect opbrengen voor het standpunt van degene waarmee je het oneens bent, is veel moeilijker, maar is de enige mogelijkheid om tot een werkbaar compromis te ­komen.

Democratie is evenmin een ­absolute waarde. Velen in het Verenigd ­Koninkrijk zullen zich nog wel eens achter de oren krabben of het Brexit-referendum nu wel zo’n verstandig idee was. Daar komt nog bij dat de uitslag van het referendum niets zegt over wat er nu concreet moet gebeuren. Er zijn talloze varianten op de Brexit, van een totale breuk met Europa, tot een zo nauwe band dat alleen in naam sprake is van uittreding uit de EU. De samenleving is veel te complex geworden om besluiten in een ja of nee-frame te proppen.

Politiek is stroperig, niet omdat politici daar nu zo van houden, maar omdat de realiteit nu eenmaal weerbarstig is. Ons systeem van representatieve democratie, waarbij burgers de lastige afwegingen uitbesteden aan parlementariërs is een elegante oplossing voor dit probleem. Meer democratie in de vorm van meer ­referenda of het volgen van iedere opiniepeiling, is in mijn ogen dan ook een buitengewoon slecht idee.

Beschaafd debat

Een democratie kan niet functioneren zonder beschaafd debat en een respectvolle omgang met tegenstanders, ook als het besluit eenmaal is genomen. Opnieuw kan Brexit als voorbeeld dienen. Leavers hebben het referendum gewonnen, maar bijna de helft van de Britse bevolking stemde voor blijven, remain. Als de Britse samenleving niet totaal ontwricht wil raken, moet met de gevoelens van deze groep rekening worden gehouden bij de concrete invulling van de Brexit. Ook dat is democratie.

Laten wij in Nederland geen voorbeeld nemen aan de Brexit, elkaar blijven respecteren in het ­debat en verantwoord omgaan met onze ­democratische vrijheden. 

R.M. Wibier is is hoogleraar ­privaatrecht aan de Universiteit Tilburg

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden