Opinie

Vrijheid geldt ook voor kwetsende meningen

De overheid mag nooit het signaal geven dat bepaalde dingen niet zouden mogen worden gezegd. Ook niet als het om kwetsende dingen gaat.

Columniste Ebru Umar tussen politieman en beveiliger tijdens de Libelle Zomerweek in Almere. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Van aanslagen tot pogingen tot censuur: onze vrijheid van meningsuiting staat onder grote druk. Onlangs bemerkten we, in navolging van Duitsland, ook in Nederland de lange arm - en de lange tenen - van president Erdogan, waardoor columniste Ebru Umar zich geconfronteerd zag met een lawine aan beledigingen en zelfs haar arrestatie in Turkije.

Als het om de vrijheid van meningsuiting gaat, hebben we helaas weinig te verwachten van een groot aantal Haagse politici. 'Zolang de vrijheid van meningsuiting het hoogste goed is, wordt het niets', sprak CDA-leider Sybrand Buma twee maanden geleden. Een schokkende uitspraak, die helaas past in een lange CDA-traditie: na de aanslag op Theo van Gogh was het CDA-minister Piet Hein Donner die het verbod op godslastering weer van stal haalde en enkele jaren later vond Ernst Hirsch Ballin, toevallig een partijgenoot van Buma, het nodig om cartoonist Gregorius Nekschot van zijn bed te lichten.

Het vrije woord

Buma heeft een opmerkelijke bondgenoot: ook de politieke beweging DENK lijkt weinig op te hebben met het vrije woord en had zelfs geen problemen met de arrestatie van Ebru Umar in Turkije. De beweging liet verstek gaan bij het debat over de arrestatie van Umar en had het vast te druk met de presentatie van haar nieuwste aanwinst, Sylvana Simons. De kersverse DENK-politica werd daarna al snel doelwit van kritiek, spot en bizarre beledigingen, veelal op racistische en seksistische leest geschoeid. Op Facebook werd zij onder meer uitgemaakt voor 'jankneger', 'aap' en 'Zwarte Piet'. Deze verwerpelijke racistische en seksistische uitspraken werden direct massaal veroordeeld. Terecht.

Tegelijkertijd is het teleurstellend dat vrijwel niemand consequent in de bres springt voor de vrijheid van meningsuiting. Juist meningen die door de meerderheid als schokkend, kwetsend of wellicht zelfs walgelijk worden beschouwd, moeten geuit kunnen worden. Dat omvat ook onverholen racisme en seksisme.

Sylvana Simons spreekt met de pers in de Tweede Kamer, 31 mei 2016. Beeld anp

Recht om te horen

Een maatschappij die de vrijheid van meningsuiting inperkt, ontneemt namelijk niet alleen mensen het recht bepaalde dingen te zeggen. Zij ontzegt anderen ook het recht deze dingen te horen. Hiermee wordt het publieke debat gesmoord. Ook vervalt de mogelijkheid om eigen opvattingen tegen het licht te houden en van gedachten te veranderen. Deze vrije uitwisseling van ideeën is van levensbelang in een democratie. Liever een gevaarlijke of controversiële mening in het openbaar, dan stiekem in het struikgewas.

Natuurlijk is niet iedere uiting een constructieve bijdrage aan het publieke debat: er is bepaald geen tekort aan onfatsoenlijke en weinig constructieve reacties. Toch zou dat geen reden mogen zijn te pleiten voor overheidsingrijpen. Men kan niet optreden zonder te bepalen wat 'constructief' of 'fatsoenlijk' is en het is absoluut onwenselijk om iets of iemand zoveel macht over het publieke debat te geven. Debatleidertje spelen is geen overheidstaak.

Absolute vrijheid

Velen zagen in de stroom beledigingen en bespottingen van Sylvana Simons het bewijs dat er nog veel racistische en seksistische opvattingen bestaan in de Nederlandse maatschappij. Dat is bij uitstek een reden om juist voorstander te zijn van een absolute vrijheid van meningsuiting: het verbieden van uitingen zorgt immers niet voor het verdwijnen van ideeën. Juist politici met een religieuze achtergrond, zoals die van het CDA en van DENK, zouden dat moeten weten: in de 16de eeuw was bepaalde geloofsuitoefening verboden en toch werden er in Nederland hagenpreken georganiseerd.

Het is bepaald niet ondenkbaar dat men bij een verbod in het geheim met medestanders ideeën uitwisselt, wat een ideale voedingsbodem is voor het radicaliseren van de eigen opvattingen. In het publieke debat kan juist tegenwicht worden geboden aan racistische en seksistische opvattingen, wat vele malen effectiever is dan welk verbod ook. De hoeveelheid afschuw en kritiek die uitgesproken is - van links tot rechts - over de opmerkingen richting Simons geeft al aan dat dit zelfreinigend vermogen functioneert. Overheidsingrijpen is dus niet alleen onwenselijk, maar ook onnodig.

Geweldsmonopolist

Bemoeienis van de overheid in het publieke debat geeft daarnaast een totaal verkeerd signaal af, ook al is het nog zo goed bedoeld. De overheid geeft immers daarmee - als geweldsmonopolist - het signaal af dat dwang en geweld een passende reactie zouden zijn op kwetsende uitlatingen. Niets is minder waar: woorden bestrijdt men met woorden, door debat en door directe confrontatie. Nadat minister Asscher beledigingen aan zijn adres op Facebook plaatste en veroordeelde, kwam er een maatschappelijk debat op gang en maakten een aantal reageerders excuses voor hun gedrag.

De overheid mag nooit en te nimmer het signaal geven dat bepaalde zaken niet mogen worden gezegd. Een dergelijke monopolisering van de waarheid is fnuikend voor het publieke debat en geeft een bijna onweerstaanbare mystiek aan de verboden ideeën. Wat is er spannender dan dat wat je eigenlijk niet eens mag zeggen, niet eens mag denken? Want laten we ons geen illusies maken: het inperken van de vrijheid van meningsuiting is op een haar na het inperken van de gedachtenvrijheid.

Het is tijd écht op te staan voor de vrijheid van meningsuiting, juist wanneer het makkelijker is om dat niet te doen. Vrijheid van meningsuiting voor iedereen, van 'islamofoob' tot 'haatimam' en van Holocaustontkenner tot ontkenner van de Armeense genocide. Dat is geen teken van instemming, maar een signaal dat wij als vrije samenleving in het debat de strijd aandurven met álle ideeën, al zijn ze nog zo schokkend, kwetsend of walgelijk.

Matthijs van de Burgwal is landelijk voorzitter van de JOVD. Benjamin Broekhuizen is politiek commissaris van de JOVD.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden