Opinie

"Vrienden van Syrië' brachten vredesplan Kofi Annan doelbewust om zeep'

De besluiten die de 'Vrienden van Syrië' op 1 april in Istanboel namen, zijn onthutsend. Met de plannen die er gemaakt zijn, is voortzetting van de gewapende strijd in Syrië verzekerd, concludeert Martin Janssen.

Beeld van YouTube, geuploadet op 30 maart, toont een tank van de Syrische regering die (van linksboven met de klok mee) vuurt op een wijk in Homs.Beeld AFP

Het sinds decennia geïsoleerde Syrië mag zich dezer dagen verheugen in een ongekende internationale belangstelling die veel Syriërs waarschijnlijk met weemoed doet terugdenken aan de dagen van weleer. Het begon met het uiterst realistische, uit zes punten bestaande vredesplan van Kofi Annan dat werd gepresenteerd als een gezamenlijk initiatief van de Verenigde Naties en de Arabische Liga. Het plan is realistisch omdat het de realiteit in Syrië als uitgangspunt heeft genomen en impliciet enkele waarheden erkent waardoor voorkomen werd dat het wederom werd getorpedeerd door een dubbel Russisch-Chinees veto.

Allereerst worden beide zijden in de strijd - regime én oppositie - opgeroepen de wapens neer te leggen om aldus door een demilitarisering van het conflict de weg te banen voor een politieke oplossing via de onderhandelingstafel. Bovendien wordt niet langer als voorwaarde het aftreden van de Syrische president Assad geëist, wat suggereert dat het de internationale gemeenschap niet was ontgaan dat in tegenstelling tot alle verwachtingen en voorspellingen het Syrische regime bepaald geen tekenen vertoont van interne desintegratie. Het is hierbij niet van belang of men dit nu jammer vindt of niet.

Veel sterker en beter
De zich nu al meer dan een jaar voortslepende crisis in Syrië is steeds bloediger, gewelddadiger en sektarischer geworden en beïnvloedt in negatieve zin de situatie in buurlanden, wat van een spoedige oplossing van dit conflict een regionale prioriteit maakt. De afgelopen maanden hebben aangetoond dat de gewapende oppositie geen partij is voor het Syrische leger dat veel sterker en beter gemotiveerd is dan vermoed waarbij de toenemende en steeds nadrukkelijker aanwezigheid van jihadistische groeperingen zoals al-Qaida het ergste doet vermoeden voor de toekomst.

Politieke dialoog is het enige levensvatbare alternatief waarbij van het Syrische regime gevraagd wordt zich hiervoor serieus in te zetten en van de oppositie hiertoe bereid te zijn omdat zonder deze twee voorwaarden elke vreedzame oplossing gedoemd is te mislukken.
Met het vredesplan van Kofi Annan leek er voor het Syrische volk weer hoop te gloren en iets hiervan werd op donderdag 29 maart weerspiegeld tijdens de Top van de Arabische Liga in Bagdad. De Arabische landen spraken in Bagdad hun steun uit voor het plan van Kofi Annan, en Hosyar Zebari, de minister van buitenlandse zaken van gastland Irak, verklaarde nadrukkelijk dat het financieren en bewapenen van de Syrische oppositie geen onderwerp van gesprek was geweest.

Koude douche
De koude douche volgde echter op 1 april toen in Istanboel voor de tweede keer de zelfbenoemde 'vrienden van Syrië' bijeen kwamen. De besluiten van Istanboel waren bepaald onthutsend. Op de eerste plaats werd de in Turkije gevestigde Syrian National Council door de 'vrienden van Syrië' plechtig opgewaardeerd tot legitieme vertegenwoordiger van het Syrische volk. Vooral Turkije en Qatar hadden zich in de weken vóór Istanboel koortsachtig ingezet om dit te bereiken.

Het grootste probleem is niet eens dat het Syrische regime, dat wordt geacht een proces van politieke hervormingen te gaan leiden, hiermee de facto buiten spel wordt gezet. Veel problematischer is dat men deze Syrian National Council onmogelijk dé vertegenwoordiger van het Syrische volk kan noemen. Vorige maand nog hebben vele vooraanstaande leden deze Council uit onvrede de rug toegekeerd, terwijl oppositiegroeperingen binnen Syrië zelf deze Council herhaaldelijk verweten hebben vanuit luxe hotelkamers in Qatar en Turkije aan te sturen op een totale oorlog in Syrië. Bovendien vindt men in deze Council nauwelijks vertegenwoordigers van de vele Syrische minderheden die goed zijn voor zo'n 35 procent van de bevolking.

Veel gevaarlijker was echter in Istanboel de vastberadenheid van de 'vrienden van Syrië' het vredesplan van Kofi Annan op voorhand om zeep te helpen. Bepaalde Golfstaten lieten weten 100 miljoen dollar ter beschikking te stellen om de salarissen van de gewapende oppositie te betalen terwijl westerse landen deze oppositie hoogwaardige communicatietechnieken toezegden. Met deze voornaamste besluiten van Istanboel lijkt de prolongatie van het gewapende conflict in Syrië verzekerd.

Geëxecuteerd
Het vredesplan van Kofi Annan roept zowel het Syrische regime als de oppositie op tot een politieke dialoog maar het is precies de Syrian National Council die dit principieel weigert en juist deze Council wordt thans door het Westen erkend als legitieme vertegenwoordiger van het Syrische volk. Het tweede besluit van Istanboel maakt bovendien duidelijk dat de 'vrienden van Syrië' vooral hun kaarten hebben gezet op de gewapende oppositie waarvan het Free Syrian Army de belangrijkste representant is. Het is geen geheim dat bepaalde landen in de regio dit Free Syrian Army allang bewapenen - wat van een staakt-het-vuren een farce lijkt te maken. De civiele oppositie binnen Syrië zelf tenslotte, die wél bereid is met het regime te onderhandelen, lijkt de grote verliezer van Istanboel te zijn omdat deze oppositie eenvoudigweg werd genegeerd.

Ook onze eigen minister Rosenthal liet weten Nederlands belastinggeld te gaan gebruiken om de Syrische gewapende oppositie te versterken. Wellicht is onze minister een artikel ontgaan dat op 26 maart verscheen in Der Spiegel onder de titel 'Der Henker von Bab Amr' en dat verbijsterende details geeft over de wreedheid van de in Homs opererende oppositionele Faruq Brigade. Gevangen genomen soldaten en burgers waarvan wordt vermoed dat ze het Syrische regime steunen, worden zonder pardon geëxecuteerd. Er komt een zekere Hussein aan het woord die zich bijna verontschuldigt dat hij 'pas vier mensen de keel heeft doorgesneden' wat hem tot de Benjamin maakt van deze jolige groep. Denkt onze minister werkelijk dat het steunen van dit soort groeperingen een acceptabele oplossing in Syrië dichterbij brengt?

Het vredesplan van Kofi Annan beoogt demilitarisering van het Syrische conflict en het op gang brengen van een politiek proces onder toezicht van de VN wat hoop biedt op de vreedzame oplossing waar een meerderheid van de Syrische bevolking naar snakt. Het is echter de vraag of dit ook de wens is van de 'vrienden van Syrië'.

Martin Janssen is arabist en woont in de Syrische hoofdstad Damascus

 
Er komt een zekere Hussein aan het woord die zich bijna verontschuldigt dat hij 'pas vier mensen de keel heeft doorgesneden'. Denkt onze minister werkelijk dat het steunen van dit soort groeperingen een acceptabele oplossing in Syrië dichterbij brengt?
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden