Column Frank Kalshoven

Voor zes maanden WW moet je wel eerst zes jaar werken. Waar schuilt nu het grootste morele gevaar?

De voltallige Kamer viel deze week over minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken heen. Europeanen zouden hun WW-uitkering in de toekomst geen 3 maar 6 maanden mogen ontvangen in een ander Europees land. De teneur: Polen gaan vakantie vieren op kosten van de Nederlandse premiebetaler. Dankzij Brussel.

Is deze verontwaardiging terecht? En zo ja, wat zou het kabinet dan kunnen ondernemen?

Eerst maar eens even de WW zelf, want in de stukjes die ik deze week over de kwestie las, ontbrak cruciale informatie. Wie heeft recht op WW? Mensen die in Nederland WW-premie betalen. Dat zijn dus alleen mensen die hier als werknemer werken (zzp’ers doen niet mee). Hoelang krijgen mensen WW? Dat is afhankelijk van hoelang mensen al premie betalen.

De duur van een WW-uitkering is drie maanden als premiebetalers voldoen aan de ‘weken-eis’. De premiebetaler die in de afgelopen 36 weken er minimaal 26 werkte, heeft drie maanden WW-recht. Voor een langere WW-uitkering moet de werkende ook voldoen aan de ‘jaren-eis’. Pas na vier jaar werken is de maximale WW-duur 4 maanden. En om zes maanden WW te kunnen ontvangen moet eerst zes jaar zijn gewerkt en WW-premie zijn betaald.

Deze feiten illustreren dat het bij zo’n langduriger WW-uitkering bepaald niet om mede-Europeanen gaat die ‘even’ zes maanden WW komen verdienen. Het gaat hierbij om mensen die jarenlang in Nederland wonen, werken en premie afdragen.

Hoe dat ook zij, de zorgen van de Kamer (en de minister) spitsen zich toe op het zoekgedrag van de WW-ontvanger. Doet die zijn best wel om nieuw werk te vinden, om zo de schadelast voor de overige premiebetalers te beperken? Of doet hij dat hooguit voor de vorm, wachtend op het einde van de WW-periode tot hij er echt werk maakt?

Dit is een terechte vraag naar het ‘morele gevaar’ van een verzekering. Met dit begrip wordt aangegeven dat ons gedrag verandert als we verzekerd zijn. We worden roekelozer met onze dure zonnebril op vakantie; we braden de boter eruit als we schade hebben. Niets menselijks is ons vreemd, welk paspoort we ook bij ons dragen. Zonder reisverzekering en zonder WW zouden we voorzichtiger zijn met onze zonnebril, en in geval van ontslag razendsnel nieuw werk zoeken om inkomen te verwerven.

Waar schuilt nu, Europees bekeken, het grootste morele gevaar van de WW? Niet in groep met lange, maar juist in de groep met korte WW-rechten.

De korte WW is met 26 weken werken al verdiend. Tijdelijke huisvesting in een ‘Polenhotel’, elke week zoveel mogelijk uren draaien, en dan drie maanden naar je eigen huis, met WW uitrusten van al dat overwerk. En dan hetzelfde rondje nog een keer. En nog een keer. Bij voorkeur bij dezelfde werkgever, die daar met plezier aan meewerkt. Waar deze tijdelijke werknemers in Nederland geen vaste kosten maken, heeft degene die hier al zes jaar werkt wel degelijk vaste kosten. Geeft die zijn huis in Nederland op? Haalt die zijn kinderen van school? Voor zes maanden WW in Polen?

Het morele gevaar van WW geldt óók voor Nederlandse WW-gebruikers, vooral als ze bij hun ontslag een transitievergoeding incasseerden. Waarom werk accepteren? Voor een vacature bij de fabriek, aangemeld bij het UWV, gaven onlangs ruim honderd uitkeringsontvangers aan interesse te hebben. Selecteren was een hoop werk. Van de vijftien mensen die we na de eerste selectie uitnodigden met een briefje te solliciteren, reageerden er nul.

Laten we het maar eens indringender over de WW hebben. Volgende week.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden