COLUMNThomas van Luyn

Voor het duizendste nummer opende ik een keer mijn mailbox van Pandora

Beeld Aisha Zeijpveld

Als ik een column tik hoop ik dat u ’m leuk zult vinden, en vrees ik dat-ie tegen zal vallen. Gelukkig hoef ik niet in spanning toe te kijken terwijl u me leest. Onder deze column staat echter wel een mailadres. Daar hangt een inbox aan waar ik hooguit één keer per jaar naar durf te kijken, want ik ben een God in het diepst van mijn gedachten, maar daarbuiten een neurotische trut. Voor het duizendste nummer van het blad waarin u mij consumeert, heb ik mezelf vermand en deze inbox van Pandora maar eens geopend. Daar gaan we:

Ik zag dat ik 1.767 ongelezen mailtjes had. Juist. Ook de langste reis begint met één stap, dus ik opende het eerste mailtje. Tien berichten verder was ik kapot, emotioneel en conditioneel. Er zat niks vreselijks tussen hoor, geen bedreigingen of stalkers, maar ik vond het nogal wat: elk mailtje was van een onbekende die de moeite nam om in de laptop te klimmen, en met mij een intermenselijk lijntje te leggen. Daar is mijn intimiteit-mijdende gestel niet op gebouwd.

Geheel onterecht, want als u íéts bleek te zijn, dan is het wel lief. U mailt mij bijna uitsluitend met aardige woorden. En ook, verrassend genoeg, veel tips. Iets in mij (of iets in u) maakt dat u me graag helpt. Ik weet niet of ik hulpeloos overkom, of u gewoon graag behulpzaam bent, of misschien bent u gewoon een ontzettende betweter. Hoe dan ook, u heeft me overstelpt met advies: waar ik goedkope kunst kan kopen, hoe ik diervriendelijk kan paardrijden, welke bril ik nodig heb, welke vegaburgers ik moet eten, hoe ik door Parijs moet rijden, enzovoorts. Dat vind ik helemaal top, want ik ben gek op nieuwigheidjes, al is het maar met een goede melkschuimer of een fijne wandelroute. Dank!

Sommigen van u willen me dingen geven. Een trui. Een oude lp. Een kastje. Misschien omdat u denkt dat ik niets betaald krijg, en dat u dat zielig vindt. Nou kun je hier inderdaad niet van leven, maar artiesten en schrijvers zijn toch alleen maar uit op aandacht en bevestiging (laat u niets anders wijsmaken) dus geef ons maar een complimentje, vinden we heerlijk.

Toch moet ik me enorm inhouden om niet alle giften aan te nemen, want ik ben gek op cadeautjes. Mijn huis zou dan echter volstromen met zooi, dat is nu al een probleem. Dus liever iets voor buiten: een nieuwe auto, een recreatiewoning – die kunt altijd bij me kwijt.

Dan is er nog een categorie berichten die tegen spam aan schuurt. Dat iemand me zijn boek/cd/documentaire onder de aandacht wil brengen. Laat ik duidelijk zijn: ik ben geen influencer en ik vind toch bijna niks goed – wat me brengt op een interessante categorie mailtjes: mensen die het onbegrijpelijk vinden dat ik niet van puntje-puntje houd. Mozart, het strand, Tarantino, oesters, weilanden – ik heb een lange lijst zaken waar iedereen dol op is behalve ik, daar gaat u het verschil niet in maken.

En dan zitten er natuurlijk serieuze haters tussen, maar die haten me gewoon omdat ik in de Volkskrant schrijf. Dat ligt dan weer niet aan mij, maar aan de gekken die me indertijd hebben gevraagd. Wat een mazzel dát was valt niet in 550 woorden uit te drukken, dus ik denk dat ik voor het tweeduizendste nummer gewoon veel meer ruimte moet krijgen.

t.vanluyn@volkskrant.nl

Het duizendste Volkskrant Magazine is verschenen. Scroll, swipe en klik door die 1000 magazines en zie hoe vaak er een VVD’er op de cover stond. Hoe vaak een hond. Op welke covers we kozen voor naakt, welke fotograaf hofleverancier was en hoeveel Anton Corbijn er afleverde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden