Verslaggeverscolumn In Nijmegen

Voedselbanken bestaan, bemand door vrijwilligers, daar heb je verder geen omkijken naar

Dit stukje zou nooit de nieuwskrant halen – is er wat nieuws te vertellen dan over de voedselbank? De voedselbank is een onderwerp… dat kennen we nu wel, ja, er komt een nieuw uitgiftepunt bij in de stad, nummer zes, vanwege de lange rijen bij de andere vijf, een beetje dun voor een reportage in een landelijke krant. Geen haakje om een stukje aan op te hangen. Daarom.

Het is ochtend en in de loods laden mannen bestelwagens met voedselpakketten, gesorteerd naar gezinsgrootte. De Nijmeegse voedselbank is een bedrijf dat door honderdvijftig vrijwilligers aan de gang wordt gehouden, zelfs de persvoorlichter is een vrijwilliger: Patricia maakt, wat beschroomd, de afspraken terwijl ze aan het werk is op haar werk. En Paul is stukadoor, hij stukadoorde vier decennia maar nu vallen zijn sollicitaties op dorre aarde, te oud alweer, en rijdt hij drie ochtenden in de week de bus van de voedselbank. ‘Het is een bezigheid… je voelt je goed, je voelt je nuttig, je voelt je niet gepasseerd, je ziet dat mensen het nog slechter hebben dan jezelf’.

Bestelbussen worden volgeladen met voedselpakketten.

Kort denk ik aan de zakenmannen van Forum voor Democratie die graag beloond worden met geld voor hun diensten aan de partij – niks voor niks – en aan de Europarlementariërs die hun buitenissige salaris aanvullen met buitenissige onkostenvergoedingen. De lijn is dun hoor, één faillissement, één vechtscheiding en ze maken zelf de gang naar de voedselbank, die ze trouwens zonder aanzien des persoons zou accepteren, mits hun leefgeld aantoonbaar door de grens van 225 euro zakt.

Per maand.

En Anneke is streng, bij de intake: ze vraagt bewijzen van de financiële situatie. De gang naar de voedselbank is altijd tijdelijk met een maximum van drie jaar, en tussendoor zijn evaluaties. Een keer niet opdagen: waarschuwing. Twee keer: uitschrijven. Velen zitten in de schuldsanering, Anneke ziet ook meer en meer studenten komen, meer vluchtelingen en meer klanten ‘die te maken krijgen met onze overheid’: slachtoffers van de asociale Belastingdienst en z’n haperende toeslagencircus. Ook daar werken trouwens geen vrijwilligers.

Het is een logistieke operatie, elke week opnieuw, de voedselbank georganiseerd in acht teams en aangestuurd door twee coördinatoren, waaronder Margriet die er belangeloos een hele baan aan heeft, naast haar 32-urige werkweek bij een engineeringsbedrijf. De voedselbank groeit, vreemd, want de economie groeit ook maar kennelijk de verkeerde kant op. En er is nog een reservoir aan klanten die de voedselbank niet bereikt – er is schaamte, onkunde, en er zijn mensen die werken tijdens de openingstijden van de voedselbank, ja, die hebben gewoon een baan.

Een pakket van de voedselbank.

Met Hans, vrijwillig bestuurslid, meld ik me bij het uitgiftepunt in Oost. We kijken naar Francie die de namenlijst controleert, en naar Wim die de pakketten overhandigt. De klanten van de voedselbank zijn als de klanten van een supermarkt: iedereen komt hier. Ze nemen hun verhalen mee naar binnen, vullen de tassen en nemen ze weer mee naar buiten. Hans zegt: ‘je ziet niet aan de mensen af dat ze klant zijn bij de voedselbank’.

Laatst bracht hij een pakket naar een gezin in een fijn nieuwbouwhoekhuis van drie verdiepingen, pas toen de deur openging zag hij dat er helemaal niets meer in dat huis stond.

Stille klanten, joviale klanten, kieskeurige klanten die hun courgette aan een ander gunnen.

De dame met een kantoor dat failliet ging.

De onvaste jonge vrouw, begeleid door een begeleider.

De piloot na een scheiding.

Moeder met zoontje.

De vrouw voor wie Francie een koelkast regelde bij haar zwager.

We zitten aan de koffietafel, Wim is er veertien jaar bij, sinds het begin, Francie zes, ‘toen jij hier voor het eerst kwam’, zegt Francie tegen Wim, ‘dacht ik dat je een klant was’. Humor houdt de mensheid overeind, net als vrijwilligerswerk – geld doet het omgekeerde. Het is niet altijd gemakkelijk, er zijn klanten die eisen stellen, die sociaal onhandig communiceren, ‘ze worden vrijpostiger’, zegt Francie, maar ze krijgt ook cadeautjes van mensen die de voedselbank niet meer nodig hebben, ‘of ze komen met een zelfgebakken taart’, zegt Wim.

Francie is 73, ze was kapster, haar man overleed zes jaar geleden – bij de voedselbank maakt ze zich nuttig en het houdt haar op de straat. Dit zijn geen vette jaren, ‘maar als je zelf een beetje uit moet kijken met geld, voel je de mensen hier toch een beetje aan’.

Kort denk ik aan degenen die beslissen in dit land en het nooit over de voedselbanken hebben, natuurlijk niet, want de voedselbanken bestaan, ze bedienen 140 duizend mensen, dat is niks nieuws, ze worden bemand door vrijwilligers dus daar is verder geen omkijken naar.

Francie controleert de lijst.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden