Opinie

Vluchtelingenkwestie vergt precisie

Het onderzoek in opdracht van de Volkskrant naar het draagvlak in Nederland voor de opname van vluchtelingen bevat onzorgvuldigheden.

Een groepje migranten komt aan bij Kos.Beeld afp

Het is goed dat de Volkskrant de 'vluchtelingencrisis' onder de loep neemt, zoals hoofdredacteur Philippe Remarque begin deze maand aankondigde. Maar dan moet je wel secuur te werk gaan.

'Minder... minder, minder...' stond uitgesmeerd over drie pagina's in de Volkskrant van afgelopen zaterdag. Dit doet denken aan een uitspraak van een politicus over Marokkaanse Nederlanders, maar de kop stond boven een artikel over vluchtelingen en het draagvlak om die in Nederland op te vangen. Onderzoeksbureau I&O Research onderzocht in opdracht van de krant hoe Nederlanders 'denken over vluchtelingen'. Prima dat de krant dit doet, jammer dat bij het onderzoek en de interpretatie van de resultaten zaken misgaan.

Gijs Hablous.Beeld .

Definities

Zo wordt niet vooraf gedefinieerd wanneer iemand vluchteling is. Het onderzoeksverslag en de vragenlijst, die aan ruim tweeduizend respondenten werd voorgelegd, maken binnen de ongedefinieerde groep wel onderscheid tussen 'oorlogsvluchtelingen' en 'economische vluchtelingen'. De onderzoekers omschrijven de economische vluchteling als een persoon op zoek naar een 'beter bestaan', omdat zijn 'eigen land niet de economische mogelijkheden biedt'.

Dit betekent dat niet de definitie van VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR wordt gehanteerd. Die staat in het VN-vluchtelingenverdrag en luidt: 'Een persoon die uit gegronde vrees voor vervolging wegens ras, godsdienst, nationaliteit, behorend tot een bepaalde sociale groep of politieke overtuiging' uit zijn thuisland is vertrokken en niet de bescherming van dat land geniet.

De economische vluchteling bestaat dus niet volgens de VN. Iemand kan wel om economische redenen naar een ander land vertrekken, maar dat maakt hem geen vluchteling.

60 miljoen vluchtelingen

De onderzoekers gebruiken niet de definitie van de UNHCR, maar wel de cijfers. Wereldwijd zouden er in 2014 bijna zestig miljoen mensen op de vlucht zijn. Volgens I&O Research komt dit getal van stichting Vluchtelingenwerk, maar een zoektochtje leert dat Vluchtelingenwerk zich baseert op de UNHCR. Die spreekt van bijna zestig miljoen 'forced displacements': dus géén 'economische vluchtelingen'. Het onderzoeksverslag is hier niet expliciet over.

De eerdergenoemde zestig miljoen kregen respondenten onder ogen in een informatiekader tegen het einde van de vragenlijst (met ook het aantal asielaanvragen in EU-landen en in Nederland). Vervolgens werd voor de tweede maal de vraag 'Moeten er in Nederland wat u betreft meer, even veel of minder vluchtelingen worden toegelaten?' gesteld. Bij de eerste keer vindt 45 procent dat er minder vluchtelingen moeten worden toegelaten, bij herhaling is dit 39 procent. Volgens de onderzoekers neemt de 'compassie' toe bij meer kennis.

Die conclusie is onhoudbaar. De herhaling wordt sturend ingeleid: 'Misschien bent u van mening veranderd, maar u mag natuurlijk ook hetzelfde antwoord geven'. Dit impliceert dat de onderzoekers vooraf verwachtten dat mensen hun mening zouden bijstellen, maar zo'n hypothese hoort niet thuis in een neutrale enquête. Ook is niet vast te stellen of alleen respondenten die de aantallen niet kenden, een ander antwoord gaven.

Onzorgvuldige vraagstelling

Aan de vraagstelling schort meer. Zo wordt uit antwoorden op de vraag 'Wat vindt u van de herverdeling van asielzoekers over Europa?' - 47 procent zegt 'goed idee', 15 procent 'heel goed idee' - geconcludeerd dat Nederlanders solidair zijn met Griekenland en Italië, die de meeste vluchtelingen te verwerken krijgen. Zo'n herverdeling betekent meer vluchtelingen voor Nederland.

De onderzoekers schrijven in hun verslag dat bij de vraag 'expliciet' is gesteld dat Nederland bij herverdeling meer vluchtelingen opneemt. Dit klopt niet. Bij de vraag wordt alleen uitgelegd dat 'grote, rijke landen' meer opvangen dan 'kleine, armere landen'. Het is niet gezegd dat alle respondenten denken dat Nederland bij de grote, rijke landen hoort. Sterker: in het krantenartikel wordt een respondent geciteerd die over Nederland schrijft: 'Dit kleine landje, zoek maar een rijk land uit.' Mogelijk vinden mensen dit dus zo'n 'goed idee' omdat ze denken dat het minder vluchtelingen betekent.

Verder zijn de resultaten van de stelling 'Nederland moet meer vluchtelingen opvangen, maar alleen als de andere EU-landen dat ook doen' multi-interpretabel. Als ik 'oneens' invul, kan dat betekenen dat ik vind dat er meer vluchtelingen moeten worden opgevangen, zonder voorwaarden. Maar het kan eveneens betekenen dat ik het tegenovergestelde wil: minder vluchtelingen. Wat overblijft is in welk hokje de onderzoekers mij plaatsen.

Dit alles wil niet zeggen dat de resultaten waardeloos zijn. Maar het is teleurstellend dat een poging het draagvlak voor de opvang van vluchtelingen in Nederland in kaart te brengen zo veel onzorgvuldigheden bevat. Iets onderzoeken vereist precisie en nuance.

Onderzoek geeft draagvlak goed weer

In ons onderzoek zijn we heel bewust niet begonnen met een definitie van vluchteling. We stelden de vraag naar meer/minder 'vluchtelingen' in vier stappen: (1) met betrekking tot 'vluchtelingen' (sec); (2) voor mensen die 'op de vlucht zijn voor oorlog of onderdrukking in hun land' en (3) 'mensen uit andere werelddelen die op zoek gaan naar een beter bestaan, omdat hun eigen land hun niet de economische mogelijkheden biedt.' Deze laatste groep hebben we 'economische vluchtelingen' genoemd. Daarna hebben we (4) informatie gegeven over het aantal mensen dat op de vlucht is en de vraag nog eens gesteld.

Mensen gaven in eerste instantie dus antwoord op basis van hun eigen beeld van vluchtelingen. Als we direct een definitie hadden gegeven, zouden we respondenten een bepaalde kant op sturen. Op onze manier hebben we achterhaald dat veel Nederlanders in hun oordeel over vluchtelingen eigenlijk mensen voor ogen hebben die proberen een betere levensstandaard te vinden.

Dankzij vragen 2 en 3 hebben we kunnen concluderen dat 'oorlogsvluchtelingen' overwegend welkom zijn, maar 'economische vluchtelingen' niet. De economische vluchteling bestaat inderdaad niet volgens de UNHCR-definitie, maar wel in de publieke opinie. Dit beïnvloedt het beeld van en het oordeel over 'vluchtelingen' sterk. Een belangrijke bevinding waar lezers én politici hun conclusies uit kunnen trekken.

Het is jammer dat de koppenmaker van de Volkskrant heeft gekozen voor 'Minder minder minder', dat dekt de lading niet. Maar ons onderzoek en de Volkskrant-artikelen geven het draagvlak van de Nederlanders met betrekking tot dit vraagstuk goed weer.

Peter Kanne is opinie- en politiek onderzoeker bij I&O Research. Onderzoeksbureau voor overheid en non-profit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden