Vissen

Column

Sylvia Witteman is drie weken op vakantie. Loes Reijmer, redacteur bij de Volkskrant, vervangt haar vier keer.

'Hoe denk je er ooit vanaf te komen?' Stilte. 'Ik vraag het niet om je te pesten, hoor', vervolgde hij. 'Maar straks kan ik nooit meer zeebaars bestellen.'

Het relationele onderhoud vond plaats in de keuken, alwaar we net met een nieuw stadium in mijn fobie-evolutie waren geconfronteerd. De status quo was: ik durfde in zee, maar stootte wel af en toe een gil uit als een zandkleurig visje niet direct wegschoot in het aanzicht van mijn tenen.

En nu was ik dus ook al bang voor dode vis.

Zelfverzekerd had ik een stuk zalm uit het bakje gepakt. Er zou, immers, nog maar weinig zalm aan de zalm zijn. Op het moment dat mijn vingers de glibberige onderkant van het vlees hadden aangeraakt was er een koude paniek door mijn lijf getrokken: de huid zat er nog aan, de huid van het zwemmend tuig dat mij vaak uit het water doet vluchten met van die kleine, haastige stapjes, 'nee jongens, niets aan de hand' gebarend naar oude, behaarde Italianen.

Ik was op tafel gesprongen, de benen omhoog - zo ver mogelijk verwijderd van het onschuldige filetje dat inmiddels lag te plakken op keukenvloer.

Gedrochtelijke meerval
Ach joh, die vissen dóén toch niets?, denkt u nu natuurlijk - zoals ik al sinds mijn 3de hoor, het onfortuinlijke levensjaar waarin een gedrochtelijke meerval te dichtbij kwam en ik schreeuwend de kwekerij werd uitgedragen. Onthoud: ook muizen en spinnen, mits van acceptabel formaat, doen niets en toch is het vrij gewoon daarvan in de gordijnen te klimmen. Toen God de fobie uitvond, is hij helaas vergeten er wat ratio aan toe te voegen.

Gisteren kwam ik, met procrastinerend doorklikken op Facebook, terecht bij de profielfoto van een verre kennis. Hij poseert daarop trots met zijn vangst, een glimmend groen-bruin monster van zeker 30 kilo. In zijn vriendenlijst stuitte ik op nog zo'n honderd Edwins, Raymonds en Andrés, gezonde Hollandse mannen die blijkbaar niets liever doen dan de lodderige Orks van het zoete water tegen hun borst drukken.

Zoekend naar het waarom van de man en zijn vis vond ik de Facebookgroep 'Vissen op Tinder'. De vele mannen die met hun vangst poseren op Tinder krijgen daar een ironisch eervolle vermelding. Andre bijvoorbeeld, een langharige kerel van 39 met enorme bovenarmen - van het steurliften natuurlijk. En Roy, naar eigen zeggen een 'levensgenieter!!!', met een beest in zijn handen dat op dat moment even minder van het leven lijkt te genieten.

Een eerste stap naar een fobieloos bestaan zou natuurlijk het aanmaken van een Tinderprofiel kunnen zijn, om zo de visuele uitdaging met mijn grootste nachtmerrie aan te gaan.

Maar ja, dat zal ik er thuis wel niet doorheen krijgen.

l.reijmer@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.