Verslaving zit niet in suiker, alcohol of beeldscherm, maar in het hoofd: het middel is de pleister

Mijn tante is gestorven, het is niet heel mooi. Toen ik naar mijn werkkamer liep om dit stukje te gaan maken, kreeg ik een bericht.

In gedachten keerde ik terug naar de bovenwoning waarin ik ben opgegroeid. Ik was daar al heel lang niet meer geweest, ook niet in het echt, wel in de winkel eronder. De laatste keer stommelde ik er daadwerkelijk de trap op, 18, tafelruimer van beroep, stinkend naar frituur en onmacht.

Wat ik zag was niets, en toch verhelderend. Een lege gang, een lege slaapkamer, een smetteloos bureautje waarop nooit een pen of schrift heeft gelegen. Het huis was verlaten. Door de ramen zag ik vrienden naar school fietsen, sport en muziek. Ik kon nergens naartoe, ja, de coffeeshop. Ik was overal weggestuurd. Heel vaak, door eigen schuld. De wereld sluit zich voor zulke jongens. Ze hebben hun kansen gehad.

Net als vroeger stond ik ook nu weer gauw buiten. Ik dacht altijd dat ik de wereld haatte in die tijd, maar nu zag ik een jongen weglopen die zo bang was om te worden weggestuurd dat hij iedereen bij de eerste kennismaking meteen een doorslaggevende reden gaf. De pleister kon er het beste in één keer af.

Mijn tante is erg ziek geweest. Het roken heeft haar ook geen goed gedaan. Maar daar kun je niks van zeggen, zei mijn moeder, ex-roker, daar kun je niks van zeggen! Ach, de sigaretten. Er zitten stoffen in die longpatiënten tijdelijk verlichting schenken. De longblaasjes die nog niet onder water staan, gaan er heel even van open.

In een Amerikaanse krant werd laatst een neurowetenschapper geciteerd: verslaving is trauma, zei hij. Ik begreep wat hij bedoelde. Verslaving zit niet in suiker, alcohol of beeldscherm, maar in het hoofd. Het middel is de pleister, het medicijn. Als je het wegneemt, breekt het trauma ook na dertig jaar nog rustig uit zijn kooi.

Daarom moeten we ook niet geloven dat je roken kunt bestrijden door sigaretten duurder te maken, of door pakjes te beschrijven met waarschuwingen. Je kunt net zo goed pleisters duurder maken om bloeden te ontmoedigen, zou mijn tante hebben gezegd. Of op de verpakkingen zetten: ‘Bloeden is ongezond. Stop nu.’

Als bij ons in de familie een vrouw sterft, wordt meestal gememoreerd hoe erg ze het vond dat ze vroeger niet had mogen studeren. Mijn tante zorgde zelf wel dat ze wat te weten kwam, maar ook haar moet tijdig zijn ingeprent dat het niet uitmaakte wie ze was of wat ze deed, haar lot stond vast; het was bij voorbaat zonder waarde. Uiteindelijk heeft ze me in huis gehaald, zodat ik het in een nieuwe stad opnieuw kon proberen. Na de eerste schooldag fietste ik naar het huis. Door het raam kon ik haar al zien zitten, in de hoek van de bank, benen over elkaar. Het duurde even voordat ik begreep dat het voor mij was. We dronken thee, we rookten, ik shag, zij sigaartjes. Als ik even later opstond om mijn huiswerk te gaan maken, stond de kamer blauw van onze rook. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.